[go: up one dir, main page]

NL2014865B1 - Afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, en samenstel. - Google Patents

Afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, en samenstel. Download PDF

Info

Publication number
NL2014865B1
NL2014865B1 NL2014865A NL2014865A NL2014865B1 NL 2014865 B1 NL2014865 B1 NL 2014865B1 NL 2014865 A NL2014865 A NL 2014865A NL 2014865 A NL2014865 A NL 2014865A NL 2014865 B1 NL2014865 B1 NL 2014865B1
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
compartment
sub
partition
container
lockable
Prior art date
Application number
NL2014865A
Other languages
English (en)
Other versions
NL2014865A (nl
Inventor
Geert Cramer Rein
Cramer Tim
Original Assignee
Cramer Holding B V
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Cramer Holding B V filed Critical Cramer Holding B V
Priority to NL2014865A priority Critical patent/NL2014865B1/nl
Publication of NL2014865A publication Critical patent/NL2014865A/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL2014865B1 publication Critical patent/NL2014865B1/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B65CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
    • B65DCONTAINERS FOR STORAGE OR TRANSPORT OF ARTICLES OR MATERIALS, e.g. BAGS, BARRELS, BOTTLES, BOXES, CANS, CARTONS, CRATES, DRUMS, JARS, TANKS, HOPPERS, FORWARDING CONTAINERS; ACCESSORIES, CLOSURES, OR FITTINGS THEREFOR; PACKAGING ELEMENTS; PACKAGES
    • B65D81/00Containers, packaging elements, or packages, for contents presenting particular transport or storage problems, or adapted to be used for non-packaging purposes after removal of contents
    • B65D81/38Containers, packaging elements, or packages, for contents presenting particular transport or storage problems, or adapted to be used for non-packaging purposes after removal of contents with thermal insulation
    • B65D81/3813Containers, packaging elements, or packages, for contents presenting particular transport or storage problems, or adapted to be used for non-packaging purposes after removal of contents with thermal insulation rigid container being in the form of a box, tray or like container
    • B65D81/3816Containers, packaging elements, or packages, for contents presenting particular transport or storage problems, or adapted to be used for non-packaging purposes after removal of contents with thermal insulation rigid container being in the form of a box, tray or like container formed of foam material
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B65CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
    • B65DCONTAINERS FOR STORAGE OR TRANSPORT OF ARTICLES OR MATERIALS, e.g. BAGS, BARRELS, BOTTLES, BOXES, CANS, CARTONS, CRATES, DRUMS, JARS, TANKS, HOPPERS, FORWARDING CONTAINERS; ACCESSORIES, CLOSURES, OR FITTINGS THEREFOR; PACKAGING ELEMENTS; PACKAGES
    • B65D25/00Details of other kinds or types of rigid or semi-rigid containers
    • B65D25/02Internal fittings
    • B65D25/04Partitions
    • B65D25/06Partitions adapted to be fitted in two or more alternative positions
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F25REFRIGERATION OR COOLING; COMBINED HEATING AND REFRIGERATION SYSTEMS; HEAT PUMP SYSTEMS; MANUFACTURE OR STORAGE OF ICE; LIQUEFACTION SOLIDIFICATION OF GASES
    • F25DREFRIGERATORS; COLD ROOMS; ICE-BOXES; COOLING OR FREEZING APPARATUS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • F25D23/00General constructional features
    • F25D23/06Walls
    • F25D23/069Cooling space dividing partitions
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F25REFRIGERATION OR COOLING; COMBINED HEATING AND REFRIGERATION SYSTEMS; HEAT PUMP SYSTEMS; MANUFACTURE OR STORAGE OF ICE; LIQUEFACTION SOLIDIFICATION OF GASES
    • F25DREFRIGERATORS; COLD ROOMS; ICE-BOXES; COOLING OR FREEZING APPARATUS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • F25D3/00Devices using other cold materials; Devices using cold-storage bodies
    • F25D3/02Devices using other cold materials; Devices using cold-storage bodies using ice, e.g. ice-boxes
    • F25D3/06Movable containers
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F25REFRIGERATION OR COOLING; COMBINED HEATING AND REFRIGERATION SYSTEMS; HEAT PUMP SYSTEMS; MANUFACTURE OR STORAGE OF ICE; LIQUEFACTION SOLIDIFICATION OF GASES
    • F25DREFRIGERATORS; COLD ROOMS; ICE-BOXES; COOLING OR FREEZING APPARATUS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • F25D2303/00Details of devices using other cold materials; Details of devices using cold-storage bodies
    • F25D2303/08Devices using cold storage material, i.e. ice or other freezable liquid
    • F25D2303/084Position of the cold storage material in relationship to a product to be cooled
    • F25D2303/0843Position of the cold storage material in relationship to a product to be cooled on the side of the product
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F25REFRIGERATION OR COOLING; COMBINED HEATING AND REFRIGERATION SYSTEMS; HEAT PUMP SYSTEMS; MANUFACTURE OR STORAGE OF ICE; LIQUEFACTION SOLIDIFICATION OF GASES
    • F25DREFRIGERATORS; COLD ROOMS; ICE-BOXES; COOLING OR FREEZING APPARATUS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • F25D2600/00Control issues
    • F25D2600/04Controlling heat transfer

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Combustion & Propulsion (AREA)
  • Physics & Mathematics (AREA)
  • Thermal Sciences (AREA)
  • General Engineering & Computer Science (AREA)
  • Packages (AREA)

Abstract

De uitvinding betreft een afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, omvattende een bodemelement; meerdere opstaande, op het bodemelement aansluitende, zijwanden, waarbij het bodemelement en de zijwanden onderling een compartiment insluiten voor het houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen. De uitvinding heeft tevens betrekking op een samenstel van een dergelijke houder en draagstructuur voor het dragen van de houder.

Description

Afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, en samenstel
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, alsook op een samenstel van een dergelijke afsluitbare houder en een draag structuur voor het ontvangen van de houder.
Houders voor het op temperatuur houden van goederen zijn op zich bekend. Bekende voorbeelden van dergelijke houders zijn koelboxen waarbij koelelementen in een geïsoleerde ruimte worden geplaatst om zodoende deze ruimte te koelen.
Nadeel van de bekende koelboxen is dat de temperatuur in de geïsoleerde ruimte niet afgestemd kan worden op aard van de te koelen goederen. Water, ijs en brood worden, wanneer deze in een dergelijke koelbox worden vervoerd, allen bij dezelfde temperatuur bewaard, welke temperatuur niet voor allen geschikt is.
Het is daarom het doel te voorzien in een verbeterde houder voor het op temperatuur houden van goederen.
De vinding omvat daartoe een afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, omvattende een bodemelement; meerdere opstaande, op het bodemelement aansluitende, zijwanden, waarbij het bodemelement en de zijwanden onderling een compartiment insluiten voor het houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen; en ten minste één schot ingericht voor losneembare aansluiting op het bodemelement en ten minste twee zijwanden, voor het opdelen van het compartiment in ten minste twee deelcompartimenten; waarbij het schot ten minste gedeeltelijk is opgebouwd uit een laminaat van materiaallagen, omvattende ten minste één koelende laag en ten minste één achterliggende thermisch isolerende laag, waarbij iedere koelende laag is ingericht voor het koelen van een deelcompartiment.
De verbeterde houder overeenkomstig de uitvinding, ook wel aangeduid als verbeterde koelbox, in het bijzonder voor tijdelijke opslag van levensmiddelen en met name goederen, omvat één of meerdere verwijderbare schotten met bijzondere eigenschappen.
Het schot zorgt ervoor dat het compartiment van de afsluitbare houder kan worden opgedeeld in meerdere deelcompartimenten die afzonderlijk van elkaar op een eigen temperatuur (temperatuurzone) gehouden kunnen worden. Zo kan een eerste deelcompartiment door toepassing van het schot op omgevingstemperatuur, met name kamertemperatuur, worden gehouden, voor het (tijdelijk) opslaan van goederen die ongekoeld geconserveerd kunnen worden, terwijl een tweede deelcompartiment actief kan worden gekoeld door (directe of indirecte) blootstelling van het tweede deelcompartiment aan de koelende laag van het schot, voor het (tijdelijk) opslaan van koeling behoevende goederen, zoals bederfelijke levensmiddelen (vlees, vis, fruit, etc.). De intensiteit van de koeling zal hierbij afhangen van de eigenschappen van de koelende laag. Het schot is bij voorkeur ingericht om het te koelen deelcompartiment ten minste tussen de 9 en 12 uur op temperatuur te houden, hetgeen doorgaans afdoende is om de goederen af te leveren door de leverancier - veelal een retailer - aan een eindgebruiker. Een tweede voordeel van de toepassing van één of meerdere (separate) verwijderbare schotten, en daarmee van de houder overeenkomstig de uitvinding, is dat de (onderlinge) grootte van de deelcompartimenten snel en eenvoudig kan worden gereguleerd, en derhalve relatief eenvoudig kan worden afgestemd op de hoeveelheid in iedere temperatuurzone te conserveren goederen. Hierbij kan het volume van de één of meerdere gekoelde deelcompartimenten worden geminimaliseerd, hetgeen vanuit economisch oogpunt bijzonder voordelig is. Toepassing van één of meerdere separate (koelende) schotten maakt het tevens mogelijk dat het schot (of meerdere schotten) aan een uiteinde van het compartiment wordt gepositioneerd. In dat geval deelt het schot het compartiment niet op in twee deelcompartimenten, maar wordt het compartiment gekoeld door één of twee koelende lagen van het schot of de twee schotten. Ieder schot is doorgaans in hoofdzaak vlak uitgevoerd. Ieder schot heeft doorgaans vlakke langszijden, en is bij voorkeur in hoofdzaak rechthoekig uitgevoerd. Ieder schot zal doorgaans in een opstaande oriëntatie in het compartiment worden gepositioneerd, waarbij het schot en het bodemelement onderling een in hoofdzaak loodrechte hoek insluiten.
Doorgaans omvat de houder n separate koelende (plaatvormige) schotten, waarbij n groter of gelijk is aan 1, hetgeen resulteert in n+1 deelcompartimenten, en bij voorkeur tevens in n+1 temperatuurzones. Toepassing van bijvoorbeeld 2 plaatvormige schotten leidt tot 3 deelcompartimenten, en bij voorkeur tevens tot 3 temperatuurzones (ongekoeld (typisch 18-22 °C), gekoeld (typisch 4-15 °C), en diepvries (typisch (-18-0 °C)).
Twee naastgelegen deelcompartimenten worden fysiek en thermisch in hoofdzaak van elkaar gescheiden doordat het schot in hoofdzaak nauw aansluit op de zijwanden en het bodemelement, waardoor uitwisseling van lucht tussen twee naastgelegen deelcompartimenten bij voorkeur zoveel mogelijk wordt verhinderd.
Het bodemelement bevindt zich bijvoorbeeld op de bodem, maar in een gekantelde situatie kan dit element zich ook aan een zijkant of aan een bovenkant bevinden.
De houder heeft bij voorkeur een standaardafmeting, zoals 40 bij 60 bij 45 cm.
Door toepassing van een achter iedere koelende laag gelegen thermisch isolerende laag kan koudelekkage (of een koudebrug), en daarmee energieverlies, zoveel mogelijk worden tegengegaan, waardoor koude van een specifieke koelende laag specifiek aan een specifiek (enkel) deelcompartiment kan worden afgegeven. Hierdoor koelt elke koelende laag bij voorkeur een eigen deelcompartiment, en kan ieder deelcompartiment een eigen temperatuurzone worden verschaft. Wanneer bijvoorbeeld zowel ingevroren goederen als regulier gekoelde goederen in de houder worden getransporteerd, kan één van de deelcompartimenten worden gekoeld door een koelende laag van -18 graden Celsius, en één van de deelcompartimenten worden gekoeld door een koelende laag van 7 graden Celsius. Voornoemde koudelekkage kan verder worden gereduceerd door ieder schot bij voorkeur in hoofdzaak luchtdicht te laten aansluiten op het bodemelement en de ten minste twee zijwanden, waardoor de deelcompartimenten in hoofdzaak volledig fysiek van elkaar zijn gescheiden. De maatvoering van ieder schot wordt daarbij bij voorkeur afgestemd op de hoogte van de zijwanden en de breedte (of lengte) van het bodemelement, zodat ieder schot is ingericht voor (ononderbroken) aangrijping op de zijwanden over de in hoofdzaak volledige hoogte en op het bodemelement over de in hoofdzaak volledige breedte (of lengte).
De ten minste twee zijwanden zijn bijvoorbeeld elk voorzien van ten minste één opnameruimte, voor het ten minste gedeeltelijk ontvangen van het schot. De opnameruimte bestaat bijvoorbeeld uit een sleuf of uitsparing in de zijwand, waar een uiteinde van het schot in geschoven kan worden. De opnameruimte kan tevens worden gevormd door een opstaande rand of nok die een begrenzing vormt van een deelcompartiment. Een schot kan alsdan tegen de rand worden gepositioneerd, hetgeen uitwisseling van lucht tussen naastgelegen deelcompartimenten verder tegengaat. De term “opneemruimte” dient derhalve breed te worden geïnterpreteerd in het kader van dit octrooischrift. Optioneel kan de opneemruimte en/of het schot zijn voorzien van een af dichtend contactoppervlak om uitwisseling van lucht verder tegen te gaan.
Het is evenwel mogelijk dat de opnameruimten in de zijwanden doorlopen op het bodemelement. De opnameruimten zijn bijvoorbeeld U-profielen, waarbij een (rand van het) schot in het U-profiel opgenomen kan worden. Deze profielen lopen dan door in het bodemelement, waardoor het schot door de profielen van de zijwanden en het bodemelement omgeven wordt. Hierdoor kan het schot stevig in de houder opgenomen worden. Bijkomend voordeel van het laten doorlopen van de opnameruimten is dat, in een afzonderlijk deelcompartiment, luchtstroom via de (op dat moment ongebruikte) opnameruimten in het bodemelement kan plaatsvinden. Hierdoor kan het deelcompartiment gelijkmatig gekoeld worden.
Het is tevens mogelijk dat de zijwanden op meerdere op afstand van elkaar gelegen afstand zijn voorzien van meerdere opnameruimtes, bijvoorbeeld op regelmatige afstand. Hierdoor ontstaan meerdere (discrete) voorkeursposities voor het aanbrengen van het schot in het compartiment van de houder. Hierdoor is het compartiment middels toepassing van één of meerdere schotten op te delen in deelcompartimenten waarvan de onderlinge volumeverhouding gekozen kan worden. De volumes van de deelcompartimenten zijn hierdoor op discrete aanpasbaar door verplaatsing van het ten minste ene schot in het compartiment vanuit een opneemruimte naar een andere opneemruimte.
Het laminaat omvat bij voorkeur twee koelende lagen, van elkaar gescheiden door een thermisch isolerende laag. Het schot kan bijvoorbeeld in het midden van het compartiment worden geplaatst. Een eerste deelcompartiment wordt dan beïnvloedt door een eerste koelende laag, en een tweede deelcompartiment door een tweede koelende laag. Door de isolerende laag wordt ieder deelcompartiment slechts beïnvloedt door de koelende laag die naar dat deelcompartiment gericht is.
Een eerste koelende laag heeft bijvoorbeeld andere thermische eigenschappen in vergelijking met een tweede koelende laag. Door beide koelende lagen in een enkel schot te integreren hoeft slechts één schot geplaatst te worden om twee deelcompartimenten afzonderlijk te koelen. De eerste koelende laag is bijvoorbeeld ingericht voor het handhaven van een temperatuur van -18 graden Celsius in een eerste deelcompartiment, en de tweede koelende laag ingericht voor het handhaven van een temperatuur van 7 graden Celsius in een tweede deelcompartiment. De thermische eigenschappen kunnen worden bepaald door de materiaalsamenstelling van de koelende laag, de dimensionering van de koelende laag, en de intensiteit van koeling vóór de koelende laag wordt ingezet.
De koelende laag omvat bijvoorbeeld een eutectisch materiaal of faseovergangsmateriaal (PCM). Dergelijke materialen zijn bekend, en maken het mogelijk koude op te slaan en gedurende langere tijd (gedoseerd) af te geven aan het deelcompartiment om deze op een vooraf gedefinieerde temperatuur(zone) te houden. Hiertoe wordt doorgaans een faseovergang van een vloeistof van vast naar vloeistof gebruikt. Het gebruik van een dergelijk materiaal zorgt voor een langdurig gecontroleerde lage temperatuur in het beïnvloede deelcompartiment.
Het bodemelement en/of de zijwanden zijn bij voorkeur ten minste gedeeltelijk vervaardigd uit een thermisch isolerend materiaal, zoals bijvoorbeeld Expanded Polystyreen (EPS) of Expanded Polypropyleen (EPP) of een ander lucht- of gasinsluitend polymeer. Dit zijn lichtgewicht kunststoffen die een goede thermisch isolerende werking hebben, waardoor de houder relatief licht uitgevoerd kan worden. Een goed geïsoleerde houder is bijvoorbeeld ingericht om te koelen goederen ten minste tussen de 9 en 12 uur op temperatuur te houden.
Het is evenwel mogelijk dat het bodemelement en/of de zijwanden ten minste gedeeltelijk zijn vervaardigd uit een thermisch isolerend laminaat van materiaallagen. Dit staat toe de houder relatief compact en dunwandig uit te voeren, waardoor deze lichtgewicht en gemakkelijk transporteerbaar blijft. Het laminaat omvat bijvoorbeeld meerdere isolerende lagen, die gecombineerd een verbeterde isolatie ten opzichte van een enkele laag bewerkstelligen. Het is evenwel mogelijk om een laag stilstaande lucht ter isolatie tussen twee laminaatlagen te hebben, waarbij ook de laag stilstaande lucht bijdraagt aan de thermisch isolerende werking van het laminaat.
De houder is afsluitbaar, zodanig dat het compartiment, en de daarin gevormde deelcompartimenten kunnen worden afgesloten van de omgeving, mede om de temperatuur in de deelcompartimenten in hoofdzaak constant te kunnen houden. Het afsluiten, bij voorkeur in hoofdzaak volledig afsluiten, wordt bij voorkeur gerealiseerd middels toepassing van een afdekelement, in het bijzonder een deksel, dat deel uitmaakt van de houder. Het afdekelement kan daarbij eventueel zijn verbonden, bijvoorbeeld op zwenkbare wijze, met één van de zijwanden. Het compartiment, en daarin gevormde deelcompartimenten, geraken daardoor (in hoofdzaak) volledig omsloten door het bodemelement, de zijwanden en het afdekelement. Het afdekelement wordt bij voorkeur tevens ten minste gedeeltelijk vervaardigd uit een thermisch isolerend materiaal, zoals bijvoorbeeld EPS, of EPP, en is bij nadere voorkeur biologisch afbreekbaar. EPS en EPP zijn lichtgewicht kunststoffen die een goede isolerende werking hebben, waardoor het afdekelement, en daarmee de houder relatief licht uitgevoerd kan worden.
Het is evenwel mogelijk dat het afdekelement ten minste gedeeltelijk zijn vervaardigd uit een thermisch isolerend laminaat van materiaallagen. Dit staat toe de deksel relatief compact en dunwandig uit te voeren, waardoor deze lichtgewicht en gemakkelijk transporteerbaar blijft. Het laminaat omvat bijvoorbeeld meerdere isolerende lagen, die gecombineerd een verbeterde isolatie ten opzichte van een enkele laag bewerkstelligen. Het is evenwel mogelijk om een laag stilstaande lucht ter isolatie tussen twee laminaatlagen te hebben, waarbij ook de laag stilstaande lucht bijdraagt aan de thermisch isolerende werking van het laminaat.
Het schot is bijvoorbeeld ingericht voor losneembare aansluiting op het afdekelement. Het schot sluit daarmee aan op het bodemelement, ten minste twee zijwanden en het afdekelement. Hiermee worden gecreëerde deelcompartimenten thermisch van elkaar gescheiden, omdat lucht niet langs het schot kan stromen.
De koelende laag omvat bijvoorbeeld één of meerdere passieve koelelementen. Een dergelijk element wordt bijvoorbeeld in een vriezer opgeladen (teruggekoeld), waarna dit element in de houder wordt geplaatst om een compartiment of deelcompartiment te koelen. Het koelen heeft daartoe geen externe (elektrisch) energiebron nodig tijdens bedrijf. Ieder koelelement kan eventueel losneembaar zijn verbonden met een overig deel van het schot. Het schot kan hiertoe zijn voorzien van een houder voor het losneembaar houden van één of meerdere koelelementen.
De onderhavige uitvinding heeft tevens betrekking op een samenstel van ten minste één afsluitbare houder volgens de uitvinding en een draagstructuur, voor het ontvangen en drager van ten minste een deel van de houder. De draagstructuur is bijvoorbeeld voorzien van meerdere openingen of uitsparingen waar een houder, als soort van lade, ingeschoven of in geplaatst kan worden en ingericht om meerdere houders te ontvangen. De draagstructuur kan een permanente structuur zijn op een vaste locatie, terwijl de houders uitwisselbaar in de draagstructuur worden geplaatst. De draagstructuur kan daarbij tevens als afdekelement, in het bijzonder als deksel, fungeren voor de houder voor het bij voorkeur in hoofdzaak luchtdicht afsluiten van de houder. De houder zelf kan hier - doorgaans aan een bovenzijde - gedeeltelijk geopend zijn, en pas in hoofdzaak luchtdicht worden afgesloten wanneer de houder in de draagstructuur is geplaatst.
Een bijzonder voordelige toepassing van de houder is in het leveren van levensmiddelen van winkels naar consumenten thuis. Orders van consumenten zijn doorgaans divers van samenstelling en omvatten waren die op verschillende temperaturen gehouden moeten worden. Aan de hand van de hoeveelheid van de verschillende goederen kan een houder door middel van verschillende schotten in deelcompartimenten opgedeeld worden waarbij elk deelcompartiment is aangepast op de hoeveelheid goederen en de gewenste temperatuur. De houders kunnen vervolgens getransporteerd worden naar een afhaallocatie voorzien van een draagstructuur in de buurt van de consument. Omdat de houder is ingericht om de gewenste temperatuur per deelcompartiment voor ten minste 9 uur te handhaven, kan de consument zelf een geschikt tijdstip uitzoeken om de geleverde goederen af te halen.
De draagstructuur kan zijn voorzien van draagwielen voor het eenvoudig middels verrollen kunnen verplaatsen van de draagstructuur en de daarin opgenomen, eventueel van goederen voorziene, houder(s).
De uitvinding zal worden verduidelijkt aan de hand van in navolgende figuren weergegeven niet-limitatieve uitvoeringsvoorbeelden. Hierin toont: figuur 1 schematisch een afsluitbare houder volgens de onderhavige uitvinding, voorzien van twee schotten; figuur 2 schematisch een dwarsdoorsnede van een afsluitbare houder volgens de onderhavige uitvinding, voorzien van een enkel schot; figuur 3 schematisch een dwarsdoorsneden van een schot volgens de onderhavige uitvinding; figuren 4a en 4b schematisch een bovenaanzicht van twee houders met drie deelcompartimenten volgens de onderhavige uitvinding; figuren 5a, 5b en 5c schematisch een bovenaanzicht van drie houders met twee deelcompartimenten volgens de onderhavige uitvinding; en figuren 6a en 6b schematisch een bovenaanzicht van twee houders met één compartiment volgens de onderhavige uitvinding;
Figuur 1 toont schematisch een afsluitbare houder (1) voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen. De houder (1) omvat een bodemelement (2) en meerdere opstaande op het bodemelement (1) aansluitende zijwanden (3, 3’). Het bodemelement (2) en de zijwanden (3, 3’) sluiten onderling een compartiment (4) in voor het houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen. De houder (1) in figuur 1 is tevens voorzien van twee schotten (5, 5’), ingericht voor losneembare aansluiting op het bodemelement (2) en ten minste twee zijwanden (3’), voor het opdelen van het compartiment (4) in drie deelcompartimenten (6, 6’, 6”). Elk schot (5, 5’) is voorzien van een koelende laag en een achterliggende thermisch isolerende laag en is daarmee ingericht voor het koelen van een deelcompartiment (6, 6’, 6”)· In figuur 1 is het eerste schot (5) bijvoorbeeld ingericht voor het koelen van het eerste deelcompartiment (6) en is het tweede schot (5) ingericht voor het koelen van het tweede deelcompartiment (6’). Het derde deelcompartiment (6”) wordt in figuur 1 niet gekoeld.
De schotten (5, 5’) zijn in figuur 1 in hoofdzaak rechthoekig uitgevoerd om te passen in de in hoofdzaak rechthoekige houder (1). In de zijwanden (3’) van de houder (1) zijn opnameruimten (7) aangebracht voor het opnemen van de schotten (5, 5’). De zijwanden (3’) zijn voorzien van meerdere opnameruimten (7), waardoor de positie van de schotten (5, 5’) gekozen kan worden aan de hand van de volumes van de gewenste deelcompartimenten (6, 6’, 6”).
Figuur 2 toont schematisch een bovenaanzicht van een afsluitbare houder (11), voorzien van een enkel schot (15). De houder (11) omvat een bodemelement (12) en meerdere opstaande op het bodemelement (11) aansluitende zijwanden (13, 13’). Het bodemelement en de zijwanden (13, 13’) sluiten onderling een compartiment (14) in voor het houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen. Het schot (15) is ingericht voor losneembare aansluiting op het bodemelement en ten minste twee zijwanden (13’), voor het opdelen van het compartiment (14) in twee deelcompartimenten (16, 16’). Het schot (15) is voorzien van een koelende laag (18) en een achterliggende thermisch isolerende laag (19) en is daarmee ingericht voor het koelen van een deelcompartiment (16, 16’). In figuur 2 is het schot (15) bijvoorbeeld ingericht voor het koelen van het eerste deelcompartiment (16) en Het tweede deelcompartiment (16’) wordt in figuur 2 niet gekoeld.
Het schot (15) is in figuur 2 in hoofdzaak rechthoekig uitgevoerd om te passen in de in hoofdzaak rechthoekige houder (11). In de zijwanden (13’) van de houder (11) zijn opnameruimten (17) aangebracht voor het opnemen van het schot (15). Eenzelfde effect wordt verkregen door uitkragingen op de zijwanden (13’) aan te brengen.
De zijwanden (13’) zijn voorzien van meerdere opnameruimten (17), waardoor de positie van het schot (15) gekozen kan worden aan de hand van de volumes van de gewenste deelcompartimenten (16, 16’).
Figuur 3 toont schematisch een dwarsdoorsneden van een schot (25). Het schot (25) is voorzien van een koelende laag (28) en een achterliggende thermisch isolerende laag (29). De thermisch isolerende laag (29) omvat bijvoorbeeld een meerlaagse isolatiefilm (29). De koelende laag (28) omvat bijvoorbeeld een eutectisch materiaal. Dergelijk materialen zijn bekend, en maken het mogelijk koude op te slaan en lange tijd te koelen bij een gedefinieerde temperatuur. Hiertoe wordt doorgaans een faseovergang van een vloeistof van vast naar vloeistof gebruikt. Het gebruik van een dergelijk materiaal zorgt voor een langdurig lage gecontroleerde temperatuur in het beïnvloedde deelcompartiment.
Figuren 4a en 4b tonen schematisch een bovenaanzicht van twee houders (31) met drie deelcompartimenten (36, 36’, 36”) in verschillende opstellingen. Figuur 4a toont een houder (31) met twee schotten (35, 35’). Het eerste schot (35) is ingericht voor het handhaven van een vriestemperatuur (-18 graden Celsius) in het eerste deelcompartiment (36). Het tweede schot (35’) is ingericht voor het handhaven van een koeltemperatuur (+7 graden Celsius) in het tweede deelcompartiment (36’). Het derde deelcompartiment (36”) wordt niet beïnvloedt door een koelende laag van een schot.
De schotten (35, 35’) beïnvloeden de temperatuur van één van de deelcompartimenten (36, 36’) dankzij een thermisch isolerende laag achter de koelende laag van elk schot (35,35’)
Figuur 4b toont ook een houder (31) met drie deelcompartimenten (36, 36’, 36”), maar in een andere opstelling. Figuur 4b toont een houder (31) met drie schotten (35, 35’, 35”). Het eerste schot (35) is ingericht voor het handhaven van een vriestemperatuur (-18 graden Celsius) in het eerste deelcompartiment (36). Het tweede schot (35’) is ingericht voor het handhaven van een koeltemperatuur (+7 graden Celsius) in het tweede deelcompartiment (36’). Het tweede schot (35’) zit tegen het eerste schot (35) aan, maar worden van elkaar gescheiden door een thermisch isolerende laag (niet getoond). Het derde schot (35”) is voorzien van een thermisch isolerende laag maar niet van een koelende laag. Het derde deelcompartiment (36”) wordt daarom niet beïnvloedt door een koelende laag van een schot. De schotten (35,35’) beïnvloeden de temperatuur van één van de deelcompartimenten (36, 36’) dankzij een thermisch isolerende laag achter de koelende laag van elk schot (35, 35’)
Figuren 5a, 5b en 5c tonen schematisch een bovenaanzicht van drie houders (41) met twee deelcompartimenten (46, 46’). Figuur 5a toont een houder (41) met één schot (45). Het schot (45) is ingericht voor het handhaven van een vriestemperatuur (-18 graden Celsius) in het eerste deelcompartiment (46). Het tweede deelcompartiment (46’) wordt niet beïnvloedt door een koelende laag van een schot. Het schot (45) beïnvloedt de temperatuur van één van de deelcompartimenten (46) dankzij een thermisch isolerende laag achter de koelende laag van het schot (45).
Figuur 5b toont een houder (41) met één schot (45). Het schot (45) is ingericht voor het handhaven van een koeltemperatuur (+7 graden Celsius) in het eerste deelcompartiment (6’). Het tweede deelcompartiment (46’) wordt niet beïnvloedt door een koelende laag van een schot. Het schot (45) beïnvloedt de temperatuur van één van de deelcompartimenten (36) dankzij een thermisch isolerende laag achter de koelende laag van het schot (45).
Figuur 5c toont een houder (41) met twee schotten (45, 45’). Het schot (45) is ingericht voor het handhaven van een vriestemperatuur (-18 graden Celsius) in het eerste deelcompartiment (46). Het tweede schot (45’) is ingericht voor het handhaven van een koeltemperatuur (+7 graden Celsius) in het tweede deelcompartiment (46’). De schotten (45, 45’) beïnvloeden de temperatuur van één van de deelcompartimenten (46, 46’) dankzij een thermisch isolerende laag achter de koelende laag van elk schot (45, 45’). Ondanks de aanwezigheid van twee schotten (45, 45’) zijn slechts twee deelcompartimenten (46, 46’) aanwezig. Dit komt omdat het tweede schot (45’) tegen een zijwand van de houder (41) is geplaatst.
Figuren 6a en 6b tonen schematisch een bovenaanzicht van twee houders (51) met één compartiment (54). Beide houders (51) zijn voorzien van twee schotten (55, 55’). De schotten (55, 55’) in figuur 6a zijn ingericht voor het handhaven van een vriestemperatuur (-18 graden Celsius) in het compartiment (54), en de schotten (55, 55’) in figuur 6b zijn ingericht voor het handhaven van een koeltemperatuur (+7 graden Celsius) in het compartiment (54). Ondanks de aanwezigheid van twee schotten (55, 55’) zijn er geen deelcompartimenten aanwezig. Dit komt omdat beide schoten (55, 55’) tegen een zijwand van de houder (51) zijn geplaatst.
Het moge duidelijk zijn dat de uitvinding niet beperkt is tot de hier weergegeven en beschreven uitvoeringsvoorbeelden, maar dat binnen het kader van de bijgaande conclusies legio varianten mogelijk zijn, die voor de vakman op dit gebied voor de hand zullen liggen.

Claims (20)

1. Afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, omvattende: • een bodemelement; • meerdere opstaande, op het bodemelement aansluitende, zijwanden, waarbij het bodemelement en de zijwanden onderling een compartiment insluiten voor het houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen; en • ten minste één schot ingericht voor losneembare aansluiting op het bodemelement en ten minste twee zijwanden, voor het opdelen van het compartiment in ten minste twee deelcompartimenten; waarbij het schot ten minste gedeeltelijk is opgebouwd uit een laminaat van materiaallagen, omvattende ten minste één koelende laag en ten minste één achterliggende thermisch isolerende laag, waarbij iedere koelende laag is ingericht voor het koelen van een deelcompartiment.
2. Afsluitbare houder volgens conclusie, waarbij elke koelende laag is ingericht voor het koelen van in hoofdzaak slechts een enkel deelcompartiment.
3. Afsluitbare houder volgens conclusie 1 of 2, waarbij het schot in hoofdzaak luchtdicht aansluit op het bodemelement en de ten minste twee zijwanden.
4. Afsluitbare houder volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij ten minste één zijwand en/of het bodemelement is voorzien van ten minste één opnameruimte voor opname van een deel van het ten minste ene schot.
5. Afsluitbare houder volgens conclusie 4, waarbij ten minste één zijwand en/of het bodemelement is voorzien van meerdere op afstand van elkaar gelegen opnameruimtes voor opname van een deel van het ten minste ene schot.
6. Afsluitbare houder volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij de volumes van de deelcompartimenten aanpasbaar zijn door verplaatsing van het ten minste ene schot in het compartiment.
7. Afsluitbare houder volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij het laminaat twee koelende lagen omvat die onderling van elkaar zijn gescheiden door ten minste één thermisch isolerende laag.
8. Afsluitbare houder volgens conclusie 7, waarbij een eerste koelende laag andere thermische eigenschappen heeft in vergelijking met een tweede koelende laag.
9. Afsluitbare houder volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij de koelende laag een eutectisch materiaal omvat.
10. Afsluitbare houder volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij het bodemelement en/of de zijwanden ten minste gedeeltelijk zijn vervaardigd uit een thermisch isolerend materiaal, in het bijzonder Expanded Polystyreen (EPS) of Expanded Polypropyleen (EPP).
11. Afsluitbare houder volgens één van de voorgaande conclusies, omvattende een afdekelement, zoals een deksel, voor het afsluiten van het compartiment.
12. Afsluitbare houder volgens conclusie 11, waarbij het afdekelement ten minste gedeeltelijk is vervaardigd uit een thermisch isolerend materiaal, in het bijzonder EPS, EPP of een biologisch afbreekbaar materiaal.
13. Afsluitbare houder volgens conclusie 11 of 12, waarbij het schot is ingericht voor losneembare aansluiting op het afdekelement.
14. Afsluitbare houder volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij de koelende laag van het schot een passief koelelement omvat.
15. Afsluitbare houder volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij de deelcompartimenten thermisch van elkaar zijn gescheiden.
16. Afsluitbare houder volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij de houder is ingericht voor het handhaven van een temperatuur tussen 5 en 9 graden Celsius, in het bijzonder ongeveer 7 graden Celsius in ten minste één deelcompartiment.
17. Afsluitbare houder volgens één van de voorgaande conclusies, ingericht voor het handhaven van een temperatuur tussen -16 en -20 graden Celsius, in het bijzonder ongeveer -18 graden Celsius in ten minste één deelcompartiment.
18. Samenstel van ten minste één afsluitbare houder volgens één van de voorgaande conclusies en een draagstructuur, voor het ontvangen van de houder.
19. Samenstel volgens conclusie 18, waarbij het samenstel een afdekelement omvat, voor het afsluiten van het compartiment van de houder.
20. Samenstel volgens conclusie 18 of 19, waarbij de draagstructuur is ingericht voor het ontvangen van ten minste twee afsluitbare houders.
NL2014865A 2015-05-27 2015-05-27 Afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, en samenstel. NL2014865B1 (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2014865A NL2014865B1 (nl) 2015-05-27 2015-05-27 Afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, en samenstel.

Applications Claiming Priority (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2014865A NL2014865B1 (nl) 2015-05-27 2015-05-27 Afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, en samenstel.

Publications (2)

Publication Number Publication Date
NL2014865A NL2014865A (nl) 2016-12-08
NL2014865B1 true NL2014865B1 (nl) 2017-01-31

Family

ID=53783845

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2014865A NL2014865B1 (nl) 2015-05-27 2015-05-27 Afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, en samenstel.

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL2014865B1 (nl)

Families Citing this family (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE102016107813B3 (de) * 2016-04-27 2017-05-04 Verein zur Förderung innovativer Verfahren in der Logistik, VVL e.V. Mehrwegfähige Transportbox

Family Cites Families (11)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US4498312A (en) * 1983-11-23 1985-02-12 Schlosser Edward P Method and apparatus for maintaining products at selected temperatures
DE3843287A1 (de) * 1988-12-22 1990-06-28 Klaus Rehahn Speisentransportbehaelter mit einer tuer
US5493874A (en) * 1994-03-10 1996-02-27 Landgrebe; Mark A. Compartmented heating and cooling chest
FR2717565B1 (fr) * 1994-03-15 1996-08-14 Hobart Cie Elément à double fonction de transfert thermique pour enceintes isothermes; enceinte isothermique équipée d'un tel élément.
AU2003217761A1 (en) * 2002-02-27 2003-09-09 Energy Storage Technologies, Inc. Temperature-controlled system including a thermal barrier
US7257963B2 (en) * 2003-05-19 2007-08-21 Minnesota Thermal Science, Llc Thermal insert for container having a passive controlled temperature interior
US6895778B1 (en) * 2004-06-10 2005-05-24 William Ackerman Compartmentalized portable cooler with cooling gradient
US20070028642A1 (en) * 2005-05-17 2007-02-08 American Thermal Wizards International, Inc. Container for Transporting Temperature Controlled Items
DE102006024651B4 (de) * 2006-05-22 2008-03-06 Thermohauser Gmbh Wandung für Isolierbehälter und Isolierbehälter
DE202006009540U1 (de) * 2006-06-19 2006-10-12 Ipv Inheidener Produktions- Und Vertriebsgesellschaft Mbh Temperaturisoliertes Behältnis
US8474274B2 (en) * 2010-05-11 2013-07-02 The Boeing Company Refrigerated container

Also Published As

Publication number Publication date
NL2014865A (nl) 2016-12-08

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US10443918B2 (en) Configurable insulated storage container
EP3303176B1 (en) Device and method for transporting temperature-sensitive material
RU2347157C2 (ru) Изолированные перевозочные контейнеры
KR101389531B1 (ko) 열전소자가 적용된 농식품 수배송 장치
JP2599802B2 (ja) 製品を0゜c又はこれに近い所期の温度に維持する方法及びこのためのコンテナ
US10618695B2 (en) Contents rack for use in insulated storage containers
CN111372867B (zh) 隔热运输箱以及隔热运输箱中的布置
JP2007118972A (ja) 定温保冷ボックスと定温保冷方法
US20210221563A1 (en) Thermal divider system for insulated container
US20170115045A1 (en) Portable Insulated Container
US20170307278A1 (en) Segmented container with multiple temperature zones
US20070295733A1 (en) Shipping System and Container for Transportation and In-Store Maintenance of Temperature Sensitive Products
US11994340B2 (en) Rigid refreezable portable storage container insert
WO2012017910A1 (ja) 保温装置及び配送用保温ボックス
JP5011267B2 (ja) 冷蔵庫
US20220411064A1 (en) Container for storing and serving frozen confectionery items
NL2014865B1 (nl) Afsluitbare houder voor het op temperatuur houden van goederen, in het bijzonder levensmiddelen, en samenstel.
US20220242568A1 (en) Container for storing and serving frozen confectionery items
KR20100110010A (ko) 이동수단이 설치된 냉장박스
US12396553B2 (en) Container for storing and serving frozen confectionery items
JP2939602B2 (ja) 均一温度保持容器
LT5716B (lt) Rinkinys transportavimo dėžei, skirtai transportuoti temperatūrai jautrius gaminius
KR100597301B1 (ko) 냉장고용 야채함의 냉기공급장치
JP6926698B2 (ja) 保冷庫
JPH11245974A (ja) 保冷用発泡合成樹脂容器

Legal Events

Date Code Title Description
MM Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20180601