NL2008291C2 - Onderbouw voor een kunstgrasveld. - Google Patents
Onderbouw voor een kunstgrasveld. Download PDFInfo
- Publication number
- NL2008291C2 NL2008291C2 NL2008291A NL2008291A NL2008291C2 NL 2008291 C2 NL2008291 C2 NL 2008291C2 NL 2008291 A NL2008291 A NL 2008291A NL 2008291 A NL2008291 A NL 2008291A NL 2008291 C2 NL2008291 C2 NL 2008291C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- layer
- water
- substructure
- sand
- substructure according
- Prior art date
Links
- 244000025254 Cannabis sativa Species 0.000 title claims description 34
- XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N water Substances O XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N 0.000 claims description 61
- 239000004576 sand Substances 0.000 claims description 44
- 239000000835 fiber Substances 0.000 claims description 13
- 239000002245 particle Substances 0.000 claims description 11
- -1 polyethylene Polymers 0.000 claims description 5
- 239000004698 Polyethylene Substances 0.000 claims description 3
- 239000011230 binding agent Substances 0.000 claims description 3
- 229920001971 elastomer Polymers 0.000 claims description 3
- 239000011888 foil Substances 0.000 claims description 3
- 239000000203 mixture Substances 0.000 claims description 3
- 239000004033 plastic Substances 0.000 claims description 3
- 229920003023 plastic Polymers 0.000 claims description 3
- 229920000573 polyethylene Polymers 0.000 claims description 3
- 239000004952 Polyamide Substances 0.000 claims description 2
- 239000004743 Polypropylene Substances 0.000 claims description 2
- 229920002647 polyamide Polymers 0.000 claims description 2
- 229920000728 polyester Polymers 0.000 claims description 2
- 229920001155 polypropylene Polymers 0.000 claims description 2
- 239000007788 liquid Substances 0.000 description 5
- 238000010276 construction Methods 0.000 description 4
- 238000013016 damping Methods 0.000 description 4
- 239000000758 substrate Substances 0.000 description 4
- 230000033228 biological regulation Effects 0.000 description 3
- 239000012530 fluid Substances 0.000 description 3
- 239000000463 material Substances 0.000 description 3
- 238000009940 knitting Methods 0.000 description 2
- 239000002689 soil Substances 0.000 description 2
- 238000010521 absorption reaction Methods 0.000 description 1
- 239000010426 asphalt Substances 0.000 description 1
- 230000015572 biosynthetic process Effects 0.000 description 1
- 239000011248 coating agent Substances 0.000 description 1
- 238000000576 coating method Methods 0.000 description 1
- 230000006378 damage Effects 0.000 description 1
- 238000005265 energy consumption Methods 0.000 description 1
- 230000007613 environmental effect Effects 0.000 description 1
- 230000008020 evaporation Effects 0.000 description 1
- 238000001704 evaporation Methods 0.000 description 1
- 239000008187 granular material Substances 0.000 description 1
- 238000010438 heat treatment Methods 0.000 description 1
- 238000009434 installation Methods 0.000 description 1
- 239000004816 latex Substances 0.000 description 1
- 229920000126 latex Polymers 0.000 description 1
- 230000014759 maintenance of location Effects 0.000 description 1
- 239000011490 mineral wool Substances 0.000 description 1
- 239000011295 pitch Substances 0.000 description 1
- 229920002635 polyurethane Polymers 0.000 description 1
- 239000004814 polyurethane Substances 0.000 description 1
- 239000011435 rock Substances 0.000 description 1
- 230000035939 shock Effects 0.000 description 1
- 239000007921 spray Substances 0.000 description 1
- 239000000725 suspension Substances 0.000 description 1
- 238000009732 tufting Methods 0.000 description 1
- 238000009941 weaving Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E01—CONSTRUCTION OF ROADS, RAILWAYS, OR BRIDGES
- E01C—CONSTRUCTION OF, OR SURFACES FOR, ROADS, SPORTS GROUNDS, OR THE LIKE; MACHINES OR AUXILIARY TOOLS FOR CONSTRUCTION OR REPAIR
- E01C13/00—Pavings or foundations specially adapted for playgrounds or sports grounds; Drainage, irrigation or heating of sports grounds
- E01C13/08—Surfaces simulating grass ; Grass-grown sports grounds
- E01C13/083—Construction of grass-grown sports grounds; Drainage, irrigation or heating arrangements therefor
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E01—CONSTRUCTION OF ROADS, RAILWAYS, OR BRIDGES
- E01C—CONSTRUCTION OF, OR SURFACES FOR, ROADS, SPORTS GROUNDS, OR THE LIKE; MACHINES OR AUXILIARY TOOLS FOR CONSTRUCTION OR REPAIR
- E01C13/00—Pavings or foundations specially adapted for playgrounds or sports grounds; Drainage, irrigation or heating of sports grounds
- E01C13/02—Foundations, e.g. with drainage or heating arrangements
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E01—CONSTRUCTION OF ROADS, RAILWAYS, OR BRIDGES
- E01C—CONSTRUCTION OF, OR SURFACES FOR, ROADS, SPORTS GROUNDS, OR THE LIKE; MACHINES OR AUXILIARY TOOLS FOR CONSTRUCTION OR REPAIR
- E01C13/00—Pavings or foundations specially adapted for playgrounds or sports grounds; Drainage, irrigation or heating of sports grounds
- E01C13/08—Surfaces simulating grass ; Grass-grown sports grounds
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Architecture (AREA)
- Civil Engineering (AREA)
- Structural Engineering (AREA)
- Road Paving Structures (AREA)
Description
Korte aanduiding: Onderbouw voor een kunstgrasveld
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een onderbouw voor een kunstgrasveld, omvattende een onderlaag en een toplaag van kunstgrasvezels.
5 Een dergelijke onderbouw is op zich bekend uit Nederlands octrooi 1021171 waarin een kunstgrasveld is gevormd door een relatief harde onderlaag, waarover een vlakke laag van verend en/of dempend materiaal is aangebracht, die een dikte kan vertonen van ongeveer 10 tot 14 mm. Op voornoemde verende en/of dempende laag is een toplaag aangebracht in de vorm van een kunstgrasmat die 10 bestaat uit een rug en door tuffen, breien of weven daarmee verbonden kunstgrassprieten. De verende en/of dempende laag kan op verschillende wijzen zijn gevormd, bijvoorbeeld door uitgaande van een mengsel van rubberkorrels, die gemengd zijn met een vloeibaar bindmiddel, bijvoorbeeld polyurethaan.
Een onderbouw voor het beoefenen van de golfsport, is op zich 15 bekend uit de Britse octrooipublicatie GB 2 072 022.
Verder openbaart Internationale aanvrage WO 2006/007862 een ondergrond voor een sportvloer.
Verder is uit Nederlands octrooi 1013987 een op een fundatielaag aangebrachte ondergrond voor een ten minste gedeeltelijk met natuurgras bedekt 20 sportveld bekend, waarbij de ondergrond voor een deel uit steenwol bestaat.
Het Nederlands octrooi 1016193 openbaart een kunstgrasveld, omvattende een drainagelaag, opgebouwd uit kiezels, een op de drainagelaag aangebrachte onderlaag, welke onderlaag de oorspronkelijk afgegraven en vervolgens verwijderde grond omvat, en een bovenlaag waarin zich vezels bevinden. 25 Kunstgrasvelden worden in het algemeen voor een groot aantal sporten toegepast, bijvoorbeeld voetbal en hockey. Indien een kunstgrasveld voor het beoefenen van hockey wordt toegepast, dan is het wenselijk, voordat het veld wordt bespeeld, het veld van water te voorzien. In een dergelijke situatie wordt veelal gebruik gemaakt van een beregeningsinstallatie waarmee het veld in een korte tijd 30 door middel van een aantal sproeipunten van een laag water wordt voorzien. In de praktijk heeft men echter geconstateerd dat een groot deel van het water volgens natuurlijke wijze verdampt, dan wel via de wind wordt afgevoerd en nimmer op het bewuste veld terecht komt. Daarnaast worden voor het “onder water zetten” van een kunstgrasveld bijzonder grote hoeveelheden water toegepast, hetgeen in de praktijk 35 zowel vanuit milieu- als kostenoogpunt als nadelig wordt ervaren.
2
Het doel van de onderhavige uitvinding is aldus het verschaffen van een onderbouw voor een kunstgrasveld waarbij voornoemde problemen, in het bijzonder ten aanzien van het “onder water zetten” van het veld, worden geminimaliseerd, dan wel voorkomen.
5 Een ander doel van de onderhavige uitvinding is het verschaffen van een onderbouw voor een kunstgrasveld waarbij het waterniveau van het kunstgrasveld op een gewenste waarde kan worden gestuurd.
Nog een ander doel van de onderhavige uitvinding is het verschaffen van een onderbouw voor een kunstgrasveld waarbij een nagenoeg vlakke, stabiele 10 ondergrond wordt verkregen.
De onderbouw, zoals vermeld in de aanhef, wordt volgens de onderhavige uitvinding gekenmerkt doordat de onderlaag een aantal afzonderlijke lagen omvat, omvattende een basislaag, een op de basislaag liggende tussenlaag en een op de tussenlaag liggende zandlaag, welke zandlaag tegen de toplaag is 15 gepositioneerd.
Voornoemde combinatie van basislaag, tussenlaag, zandlaag en toplaag van kunstgrasvezels heeft ertoe geleid dat aan een of meer van voornoemde doelstelling kan worden voldaan.
De onderhavige uitvinders hebben met name geconstateerd dat in de 20 onderhavige onderbouw het wenselijk is dat de zandlaag aan een aantal specifieke eisen voldoet, waarbij het met name de voorkeur verdient dat de zandlaag zanddeeltjes omvat waarvan ten minste 80% een deeltjesgrootte groter dan 80 urn, bij voorkeur groter dan 100 urn, met name groter dan 125 urn. Het is in een bijzondere uitvoeringsvorm wenselijk dat de deeltjesgrootte van ten minste 50% van de 25 zanddeeltjes meer dan 125 urn, bij voorkeur meer dan 150 urn, met name meer dan 200 urn bedraagt. Het toepassen van een aldus nader gespecificeerde zandlaag heeft tot gevolg dat het mogelijk is om de kunstgrasvezels als het ware “van onderen af” te beregenen. Immers, de toevoer van water aan de toplaag van kunstgrasvezels vindt plaats via de onder de toplaag gelegen zandlaag, waarbij in het bijzonder de 30 tussenlaag zodanig is uitgevoerd dat het in de zandlaag bevindende water niet naar de onder de zandlaag liggende lagen kan wegsijpelen. Daarnaast verschaffen voornoemde waarden voor de korrelanalyse (uitgevoerd via een zeefopstelling waarbij verschillende zeven met verschillende maasgroottes op elkaar worden gestapeld en de op de desbetreffende zeef achterblijvende laag wordt gemeten en de 35 resultaten worden uitgezet in een grafiek) van de zandlaag een goede mogelijkheid 3 van transport van water, te weten qua snelheid en retentievermogen. In dat kader wordt de voorkeur gegeven aan grovere zandsoorten. Daarnaast is gebleken dat met een dergelijk zandpakket zeer vlakke lagen kunnen worden verkregen hetgeen voor het beoefen van (bal)sporten wenselijk is. Bovendien zullen geen verzakkingen of 5 spoorvormingen optreden wanneer de constructie aan de bovenzijde zwaar wordt belast, bijvoorbeeld door verplaatsen van voertuigen. De laagdikte van het zandpakket is bij voorkeur 20-50 cm, in het bijzonder 30-40 cm.
Voor het aldus aan de “onderzijde” van de toplaag toevoeren van water is het derhalve wenselijk dat zich in de zandlaag een buizenstelsel bevindt, door 10 welk buizenstelsel water doorleidbaar is, waarbij water naar de zandlaag kan uittreden.
Het buizenstelsel is aldus voorzien van leidingen waarin zich op regelmatige afstand perforaties bevinden, waarbij het aan het kunstgrasveld toe te voeren water via voornoemde perforaties uit het buizenstelsel kan uittreden en zich 15 min of meer zal ophopen in de zandlaag. Ten gevolge van de bij voorkeur toegepaste korrelgrootte van de zanddeeltjes is het mogelijk gebleken dat het in de zandlaag aanwezige waterniveau zodanig kan worden ingesteld dat een kunstgrasveld wordt verkregen waarin een waterniveau aanwezig is dat het bespelen van het veld, in het bijzonder voor de hockeysport, mogelijk maakt.
20 Om te voorkomen dat het via het buizenstelsel aan de zandlaag toegevoerde water naar de onder de zandlaag liggende lagen kan wegsijpelen, verdient het de voorkeur dat de zandlaag aan de onderzijde daarvan is afgeschermd door middel van een voor water ondoordringbare laag, bij voorkeur een folie, bijvoorbeeld een polyetheenfolie.
25 In een bijzondere uitvoeringsvorm is het wenselijk dat tussen de toplaag van kunstgrasvezels en de zandlaag een zogenaamde schokabsorberende laag aanwezig is, omvattende een of meer bestanddelen gekozen uit de groep van SBR rubber, gemalen kunststofdeeltjes, polyetheen, polypropeen, polyamide, polyester of een mengsel hiervan, eventueel in combinatie met een of meer 30 bindmiddelen. In een dergelijke uitvoeringsvorm is de toplaag van kunstgrasvezels van de zandlaag gescheiden door voornoemde schokabsorberende laag, welke schokabsorberende laag met name wenselijk is om het stuitergedrag van de bal gunstig te beïnvloeden.
Bovendien is het wenselijk dat de totale constructie van de 35 onderhavige onderbouw voldoet aan eisen ten aanzien van schokabsorptie en 4 energierestitutie, omdat overmatige vering van een kunstgrasveld door de bespelers daarvan in het bijzonder als onaangenaam en vermoeiend wordt ervaren. Indien de totale constructie van het kunstgrasveld een te grote veerkracht bezit, dan heeft dit tot gevolg dat een op het kunstgrasveld neerkomende bal in vergelijking met een 5 natuurlijk grasveld te hoog en te snel zal terugstuiteren, hetgeen ongewenst is. Bovendien worden door de bespelers daarvan het rennen en trekken van sprintjes als vermoeiend en ook als onnatuurlijk ervaren. Door de bijzondere toepassing van een schokabsorberende laag is het volgens de onderhavige uitvinders mogelijk gebleken een veld te construeren waarin voornoemde problemen worden geminimaliseerd.
10 Het in de zandlaag toegepaste buizenstelsel bezit bij voorkeur drukverlagingsmiddelen voor het aanleggen van onderdruk in voornoemd buizenstelsel, waarbij het buizenstelsel verder omvat een waterreservoir met een of meer aansluitopeningen, een regelbare overloop voor het instellen van het waterniveau in het reservoir, waterniveaumeetmiddelen en een regelbare 15 watertoevoer. In een dergelijke constructie is het met name wenselijk dat de drukverlagingsmiddelen waterniveauverlagingsmiddelen omvatten voor het verlagen van het waterniveau in het reservoir, waarbij de waterniveauverlagingsmiddelen bij voorkeur een dompelpomp omvatten. Voornoemd buizenstelsel is verder bij voorkeur voorzien van een besturing die ten minste gekoppeld is met voornoemde 20 waterniveaumeetmiddelen, regelbare watertoevoer en de drukverlagingsmiddelen. Aldus is voornoemde constructie geschikt voor het aan de onderbouw toevoeren van water, in het bijzonder is het mogelijk gebleken een groot grondoppervlakte hiermee te behandelen.
De onderhavige uitvinding zal hierna aan de hand van een 25 schematisch voorbeeld worden toegelicht, waarbij echter dient te worden opgemerkt dat de in de bijgevoegde figuren schematische weergave niet als beperkend moet worden opgevat. Bovendien zijn de figuren niet op schaal weergegeven.
Figuur 1 geeft een schematische weergave van een onderbouw weer.
Figuur 2 geeft een schematische weergave voor niveauregeling 30 weer.
In figuur 1 is schematisch onderbouw 1 weergegeven, omvattende een basislaag 2, waarin zich optioneel drainagemiddelen 8 bevinden, een tussenlaag 7, in het bijzonder een folie, een zandlaag 3, voorzien van een buizenstelsel 9, een schokabsorberende laag 6 en een daar overheen liggende toplaag 4 waarin zich 35 kunstgrasvezels 5 bevinden, waarbij toplaag 4 een volgens de stand van de techniek 5 bekende kunstgrasmat kan zijn, waarbij in een backing of ruglaag opstaande sprieten 5 van een kunststofmateriaal zijn aangebracht. Voornoemde kunstgrassprieten zijn bijvoorbeeld door middel van tuften of breien in de ruglaag aangebracht, waarna fixatie van voornoemde vezels geschiedt onder toepassing van een coating, 5 bijvoorbeeld een latexlaag.
Basislaag 2 kan zijn samengesteld uit een ter plaatse aanwezige of bestaande bodem, of laag zand, asfalt, gebroken steenslag of lavakorrels. Als dempende laag kan een laag worden toegepast zoals vermeld in NL 1021171, bij voorkeur in een dikte liggend tussen 4 en 45 mm. Buizenstelsel 9 omvat bijvoorbeeld 10 middelen voor het afvoeren van hemelwater of middelen voor temperatuurregulatie. Temperatuurregulatie is met name in koude perioden wenselijk om aldus een voor sporters bespeelbaar veld te verkrijgen, zonder de kans op ongewenste blessures, in het bijzonder veroorzaakt door een gladde ondergrond. Temperatuurregulatie kan bijvoorbeeld plaatsvinden middels zonne-energie.
15 Door de bijzondere keuze van de zandkorrels in zandlaag 3 is het mogelijk gebleken dat het waterniveau in zandlaag 3, waarbij water in het bijzonder wordt toegevoerd via buizenstelsel 9, welk buizenstelsel 9 is voorzien van geperforeerde leidingen, instelbaar is. De toevoer van water aan toplaag 4 is zodanig dat optimaal gebruik van het toegevoerde water plaatsvindt. Tussenlaag 7 dient 20 ervoor te zorgen dat het in zandlaag 3 bevindende water niet ongewenst kan uittreden naar de daaronder liggende basislaag 2. Hoewel is aangegeven dat toplaag 4 kunstgrasvezels 5 omvat, is het in een bepaalde uitvoeringsvorm ook mogelijk dat toplaag 4 naast kunstgrasvezels 5 ook natuurlijke grasvezels (niet weergegeven) en zogenaamde infil-materialen (niet weergegeven) kan omvatten. In de figuur is 25 buizenstelsel 9 schematisch weergegeven, waarbij verder sprake kan zijn van een reservoir (niet weergegeven), gevuld met water, welk reservoir een of meer drainagebuizenaansluitingen (niet weergegeven) omvat, waarbij voornoemd reservoir tevens is voorzien van een vlotter en een regelbare overloop om aldus het waterniveau in zandlaag 3 in te stellen. Aan de onderzijde van de zandlaag 3, of in een 30 bijzondere uitvoeringsvorm aan basislaag 8, al of niet in combinatie met de zandlaag 3, bevindt zich een leiding 10 die is verbonden met een drainage-inrichting 11.
In figuur 2 is de drainage-inrichting 11 verder schematisch aangegeven waarbij leiding 10 in vloeistofverbinding staat met de in figuur 1 weergegeven onderbouw. Hoewel slechts een leiding 10 is opgenomen, moet het 35 duidelijk zijn dat er sprake kan zijn van meerdere leidingen 10 die elk in verbinding 6 staan met de in figuur weergegeven onderbouw. Gebruikelijke pompen, leidingen en kleppen zijn weggelaten, maar die zijn voor een deskundige op dit gebied bekend. Vanwege voornoemde vloeistofverbinding tussen drainage-inrichting 11 en de onderbouw 1 is de hoogte van het vloeistofniveau 16 in de drainage-inrichting 11 een 5 indicatie van het vloeistofniveau in de onderbouw. Drainage-inrichting 1 is voorzien van een buis 13, waarbij de hoogte het waterniveau in de drainage-inrichting 1 wordt bepaald door de positionering van de hoogte van de buis 13, welke positionering instelbaar is. Buis 13 staat via een leiding 19 in verbinding met overstort 20. Overstort 20 staat via een leiding 22 in verbinding met buffervat 21. En buffervat 21 staat via een 10 leiding 23 in verbinding met drainage-inrichting 11.
Wanneer bijvoorbeeld bij verdamping door instraling van de zon en wind het waterniveau in de onderbouw tot een ongewenst laag niveau zal dalen, dan is het wenselijk dat het beoogde waterniveau wordt hersteld, te weten dat water aan de onderbouw wordt toegevoerd. Wanneer echter bij hevige regenval het waterniveau 15 in de onderbouw tot een ongewenst hoog niveau is gestegen, dan is het wenselijk dat het beoogde waterniveau in de onderbouw wordt hersteld. In de laatst genoemde situatie zal, vanwege de vloeistofcommunicatie tussen onderbouw en drainage-inrichting 11, het waterniveau 16 in drainage-inrichting 11 stijgen en zal het “overtollige” water via het inwendige van buis 13 worden afgevoerd uit de 20 drainage-inrichting 11. Immers, de buis 13 heeft een vooraf ingestelde positionering en zal worden overstroomd. Het af te voeren water wordt, via leiding 19, geleid naar een zogenaamd overstort 20. In overstort 20 wordt het uit de onderbouw afgevoerde water verzameld en vervolgens naar een buffervat 21 geleid. Buffervat 21 is met name bedoeld als waterreservoir voor het op het gewenste niveau instellen en handhaven 25 van het waterniveau in de onderbouw en dientengevolge ook in de drainage-inrichting 1. Via een meet-en regelsysteem (niet weergegeven) wordt de toevoer van water uit het buffervat 21 via leiding 23 naar drainage-inrichting 11 gestart wanneer dat wenselijk is, bijvoorbeeld wanneer men de positionering van de hoogte van buis 13 aanpast, in het bijzonder door buis 13 “hoger” in de drainage-inrichting 11 te 30 positioneren, of wanneer het vloeistofniveau 16 zich “onder” de overlooprand van buis 13 bevindt. Toevoer van water uit buffervat 21 via leiding 23 naar drainage-inrichting 11 zal net zo lang plaatsvinden tot de hoogte van de overlooprand van buis 13 is bereikt. Wanneer de overlooprand is bereikt, dan zal de toevoer van water uit buffervat 21 via leiding 23 naar drainage-inrichting 11 worden beëindigd. 35 Voornoemde toevoer van water zal ertoe leiden dat het toegevoerde water via leiding 7 10 naar de onderbouw wordt geleid, alwaar het vloeistofniveau de gewenste waarde zal innemen.
Opgemerkt dient te worden dat de in beide Figuren 1 en 2 weergegeven onderdelen niet op schaal zijn. Voor een beter begrip van de 5 drainage-inrichting 1 kunnen de volgende inhoudsmaten worden genoemd: inhoud drainage-inrichting 1: 1 m3, inhoud overstort 20: 0,5 m3 en inhoud buffervat 21:5 m3. Voornoemde waarden zijn louter indicatief en dienen slechts ter illustratie van de vinding.
Voor een optimaal energieverbruik is het wenselijk dat de bij de 10 drainage-inrichting 1 toegepaste apparatuur via zonne-energie wordt aangedreven. Ook is mogelijk om verwarmingselementen in drainage-inrichting 1, dan wel in buffervat 21 en/of overstort 20 toe te passen, bij voorkeur aan te sturen middels zonne-energie.
15
Claims (12)
1. Onderbouw voor een kunstgrasveld, omvattende een toplaag van kunstgrasvezels en een onderlaag, met het kenmerk, dat de onderlaag een aantal 5 afzonderlijke lagen omvat, omvattende een basislaag, een op de basislaag liggende tussenlaag en een op de tussenlaag liggende zandlaag, welke zandlaag tegen de toplaag is gepositioneerd.
2. Onderbouw volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat zich tussen de zandlaag en de toplaag een schokabsorberende laag bevindt, omvattende een of 10 meer bestanddelen gekozen uit de groep van SBR rubber, gemalen kunststofdeeltjes, polyetheen, polypropeen, polyamide, polyester of een mengsel hiervan, eventueel in combinatie met een of meer bindmiddelen.
3. Onderbouw volgens een of meer van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de zandlaag zanddeeltjes omvat waarvan ten minste 80% een 15 deeltjesgrootte groter dan 80 urn, bij voorkeur groter dan 100 urn, met name groter dan 125 urn.
4. Onderbouw volgens een of meer van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de deeltjesgrootte van ten minste 50% van de zanddeeltjes meer dan 125 urn, bij voorkeur meer dan 150 urn, met name meer dan 200 urn bedraagt.
5. Onderbouw volgens een of meer van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de dikte van de zandlaag 20-50 cm, in het bijzonder 30-40 cm, bedraagt.
6. Onderbouw volgens een of meer van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat zich in de zandlaag een buizenstelsel bevindt, door welk 25 buizenstelsel water doorleidbaar is, waarbij water naar de zandlaag kan uittreden.
7. Onderbouw volgens een of meer van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de tussenlaag een voor water ondoordringbare laag is, bij voorkeur een folie.
8. Onderbouw volgens een of meer van de conclusies 6-7, met het 30 kenmerk, dat in het buizenstelsel drukverlagingsmiddelen aanwezig zijn voor het aanleggen van een onderdruk in het buizenstelsel, waarbij het buizenstelsel verder omvat een waterreservoir met een of meer aansluitopeningen, een regelbare overloop voor het instellen van het waterniveau in voornoemd reservoir, waterniveaumeetmiddelen en een regelbare watertoevoer, voorzien van 35 noodzakelijke leidingen, pompen en kleppen.
9. Onderbouw volgens conclusie 8, met het kenmerk, dat de drukverlagingsmiddelen waterniveauverlagingsmiddelen omvatten voor het verlagen van het waterniveau in het reservoir, in het bijzonder dat de waterniveauverlagingsmiddelen een dompelpomp omvatten.
10. Onderbouw volgens een of meer van de conclusies 6-9, met het kenmerk, dat het waterreservoir in een kringloop is opgenomen waarin zich verder een buffervat en een overstort, bevinden.
11. Onderbouw volgens een of meer van de conclusies 6-10, met het kenmerk, dat het waterreservoir met de onderbouw is verbonden via een of meer 10 aansluitopeningen, welke aansluitopeningen tegen de voor water ondoordringbare laag zijn gelegen.
12. Onderbouw volgens een of meer van de conclusies 6-10, met het kenmerk, dat het voor het aansturen van de pompen, kleppen en besturingsmiddelen gebruik wordt gemaakt van zonne-energie. 15
Priority Applications (5)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2008291A NL2008291C2 (nl) | 2011-07-13 | 2012-02-14 | Onderbouw voor een kunstgrasveld. |
| PCT/NL2012/050490 WO2013009174A1 (en) | 2011-07-13 | 2012-07-09 | Substructure for an artificial lawn |
| EP12743546.9A EP2732097B1 (en) | 2011-07-13 | 2012-07-09 | Substructure for an artificial lawn |
| US14/232,543 US9809936B2 (en) | 2011-07-13 | 2012-07-09 | Substructure for an artificial lawn |
| ES12743546.9T ES2660387T3 (es) | 2011-07-13 | 2012-07-09 | Subestructura para un césped artificial |
Applications Claiming Priority (4)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2007101 | 2011-07-13 | ||
| NL2007101A NL2007101C2 (nl) | 2011-07-13 | 2011-07-13 | Onderbouw voor een kunstgrasveld. |
| NL2008291 | 2012-02-14 | ||
| NL2008291A NL2008291C2 (nl) | 2011-07-13 | 2012-02-14 | Onderbouw voor een kunstgrasveld. |
Publications (2)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL2008291A NL2008291A (nl) | 2013-01-15 |
| NL2008291C2 true NL2008291C2 (nl) | 2013-05-08 |
Family
ID=46614574
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL2008291A NL2008291C2 (nl) | 2011-07-13 | 2012-02-14 | Onderbouw voor een kunstgrasveld. |
Country Status (5)
| Country | Link |
|---|---|
| US (1) | US9809936B2 (nl) |
| EP (1) | EP2732097B1 (nl) |
| ES (1) | ES2660387T3 (nl) |
| NL (1) | NL2008291C2 (nl) |
| WO (1) | WO2013009174A1 (nl) |
Families Citing this family (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| NL2008961C2 (nl) * | 2012-06-08 | 2013-12-10 | Ten Cate Nederland B V | Dragerelement, ingericht voor het samenstellen van een drager voor toepassing in een kunstgrasveld, een drager, samengesteld uit dergelijke dragerelementen, alsmede een kunstgrasveld, omvattende een dergelijke drager. |
| NL2014271B1 (nl) * | 2015-02-10 | 2016-10-13 | Desso Sports B V | Onderbouw voor een kunstgrasveld. |
| NL2016167B1 (en) * | 2016-01-27 | 2017-08-01 | Greendock Project Dev B V | Dry dock for building and/or dismantling navel structures. |
| US11946206B2 (en) * | 2022-07-08 | 2024-04-02 | Playground Equipment Services, L.L.C. | Artificial turf system and support layer |
Family Cites Families (20)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US4044179A (en) * | 1975-11-18 | 1977-08-23 | Mod-Sod Sport Surfaces | Playing surface for athletic games |
| GB2072022A (en) | 1980-03-08 | 1981-09-30 | Logan J L | Variable putting surface |
| NZ203964A (en) | 1982-04-27 | 1985-04-30 | Nottingham County Council | Artificial playing surface |
| US4878780A (en) | 1983-07-25 | 1989-11-07 | Vidal Stephen P | Apparatus and method of creating and controlling an artifical water table |
| NL8501610A (nl) | 1985-06-04 | 1987-01-02 | Hollandsche Betongroep Nv | Sportveld. |
| US5006013A (en) | 1988-03-28 | 1991-04-09 | Burco, Inc. | Granular type structure with moisture retaining top surface |
| IE64041B1 (en) * | 1990-06-19 | 1995-06-28 | Michael Dermot Solon | A construction of a green on a golf course |
| US5752784A (en) * | 1995-02-17 | 1998-05-19 | The Motz Group | Low profile drainage network for athletic field drainage system |
| US5976645A (en) * | 1998-06-01 | 1999-11-02 | Safturf International Limited | Vertically draining, rubber-filled synthetic turf and method of manufacture |
| AU748956B2 (en) | 1998-06-25 | 2002-06-13 | Soil Air Technology Llc | Subsurface soil conditioning process |
| CA2247484C (en) * | 1998-09-21 | 2001-07-24 | Jean Prevost | Process of laying synthetic grass |
| WO2001037657A1 (en) * | 1999-11-24 | 2001-05-31 | Daluise Daniel A | Vertically draining, rubber-filled synthetic turf and method of manufacture |
| NL1013987C2 (nl) | 1999-12-29 | 2001-07-10 | Arcadis Heidemij Realisatie B | Steenwol bevattende ondergrond voor een sportveld. |
| NL1016193C2 (nl) | 2000-09-15 | 2002-03-18 | Desseaux H Tapijtfab | Werkwijze voor het aanleggen van een kunstgrasveld en een dergelijk kunstgrasveld. |
| NL1021171C2 (nl) | 2002-07-29 | 2004-01-30 | Hugo De Vries | Werkwijze voor het aanleggen van een begaanbaar oppervlak, bijvoorbeeld een speelveld en zo gevormd oppervlak. |
| GB2396117B (en) | 2002-12-14 | 2006-06-28 | Nottinghamshire Sports And Saf | Improvements relating to the construction of playing surfaces |
| EP1462572A1 (en) | 2003-03-26 | 2004-09-29 | Anthony Harte | A sports ground |
| WO2006007862A1 (de) | 2004-07-16 | 2006-01-26 | Gebr. Wunderlich Gmbh & Co. Kg | Sportboden und verfahren zur herstellung einer elastischen dämpfungsschicht |
| CA2667360A1 (en) * | 2006-10-23 | 2008-08-21 | Fieldturf Tarkett Inc. | Aircraft arrestor system and method of decelerating an aircraft |
| EP2039831A1 (en) * | 2007-09-24 | 2009-03-25 | Domo Zele NV | Artificial turf assembly |
-
2012
- 2012-02-14 NL NL2008291A patent/NL2008291C2/nl active
- 2012-07-09 US US14/232,543 patent/US9809936B2/en not_active Expired - Fee Related
- 2012-07-09 EP EP12743546.9A patent/EP2732097B1/en active Active
- 2012-07-09 WO PCT/NL2012/050490 patent/WO2013009174A1/en not_active Ceased
- 2012-07-09 ES ES12743546.9T patent/ES2660387T3/es active Active
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| WO2013009174A1 (en) | 2013-01-17 |
| EP2732097B1 (en) | 2018-01-03 |
| NL2008291A (nl) | 2013-01-15 |
| ES2660387T3 (es) | 2018-03-22 |
| EP2732097A1 (en) | 2014-05-21 |
| US9809936B2 (en) | 2017-11-07 |
| US20140341651A1 (en) | 2014-11-20 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| US7699562B2 (en) | Liner assembly for a sand trap | |
| NL2014271B1 (nl) | Onderbouw voor een kunstgrasveld. | |
| NL2008291C2 (nl) | Onderbouw voor een kunstgrasveld. | |
| NL1023301C2 (nl) | Sportvloer of gedeelte daarvan, alsmede een werkwijze voor het aanleggen van een dergelijke sportvloer. | |
| US7153553B2 (en) | Synthetic turf having cooling layer | |
| KR20110000261U (ko) | 인조잔디 시공용 탄성매트 | |
| EP0185645A2 (en) | Rapid draining artificial turf playing field | |
| JP2007510075A (ja) | スポーツ用表面体の排水 | |
| US20060051161A1 (en) | Methods and apparatus for reducing sand erosion in golf course bunkers | |
| NL2007101C2 (nl) | Onderbouw voor een kunstgrasveld. | |
| US10159887B2 (en) | Method for making a water permeable and water shuttling sand bunker | |
| EP4022130B1 (en) | Arrangement for adjusting moisture content of the soil of a sports field | |
| NL1035221C2 (nl) | Kunstgrassysteem en werkwijze voor het aanleggen daarvan. | |
| NL2035455B1 (nl) | Sporttechnische grondopbouw, buitensport accommodatie en werkwijze voor het aanleggen van de sporttechnische grondopbouw | |
| NL1038031C2 (nl) | Kunstgras sportveld. | |
| AU2004285991B2 (en) | Drainage for sports surface | |
| NL2009969C2 (nl) | Fundatie voor een sportveld, sportveld voorzien daarvan, en werkwijze voor het aanbrengen van een dergelijke fundatie. | |
| WO1991003604A1 (en) | Built-up playing court structure and construction method |