NL2007580C2 - Gordijnrunner voorzien van contactelementen en een samenstel van een gordijnrail en een dergelijke gordijnrunner. - Google Patents
Gordijnrunner voorzien van contactelementen en een samenstel van een gordijnrail en een dergelijke gordijnrunner. Download PDFInfo
- Publication number
- NL2007580C2 NL2007580C2 NL2007580A NL2007580A NL2007580C2 NL 2007580 C2 NL2007580 C2 NL 2007580C2 NL 2007580 A NL2007580 A NL 2007580A NL 2007580 A NL2007580 A NL 2007580A NL 2007580 C2 NL2007580 C2 NL 2007580C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- curtain
- balls
- runner
- base
- curtain runner
- Prior art date
Links
- 239000004033 plastic Substances 0.000 claims description 10
- 229910052751 metal Inorganic materials 0.000 claims description 9
- 239000002184 metal Substances 0.000 claims description 9
- 229930040373 Paraformaldehyde Natural products 0.000 claims description 6
- 229920006324 polyoxymethylene Polymers 0.000 claims description 6
- -1 polyoxymethylene Polymers 0.000 claims description 3
- 229910001220 stainless steel Inorganic materials 0.000 claims description 3
- 239000010935 stainless steel Substances 0.000 claims description 3
- 238000002347 injection Methods 0.000 claims 1
- 239000007924 injection Substances 0.000 claims 1
- 238000010276 construction Methods 0.000 description 6
- 238000006073 displacement reaction Methods 0.000 description 4
- 239000000463 material Substances 0.000 description 4
- 229910052782 aluminium Inorganic materials 0.000 description 3
- XAGFODPZIPBFFR-UHFFFAOYSA-N aluminium Chemical compound [Al] XAGFODPZIPBFFR-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 3
- 239000000843 powder Substances 0.000 description 3
- 238000005096 rolling process Methods 0.000 description 3
- 238000001746 injection moulding Methods 0.000 description 2
- 229910052755 nonmetal Inorganic materials 0.000 description 2
- 239000004809 Teflon Substances 0.000 description 1
- 229920006362 Teflon® Polymers 0.000 description 1
- 230000002411 adverse Effects 0.000 description 1
- 238000011109 contamination Methods 0.000 description 1
- 239000000428 dust Substances 0.000 description 1
- 230000002349 favourable effect Effects 0.000 description 1
- 239000000314 lubricant Substances 0.000 description 1
- 150000002739 metals Chemical class 0.000 description 1
- 150000002843 nonmetals Chemical class 0.000 description 1
- 230000003647 oxidation Effects 0.000 description 1
- 238000007254 oxidation reaction Methods 0.000 description 1
- 230000002093 peripheral effect Effects 0.000 description 1
- 229920001296 polysiloxane Polymers 0.000 description 1
- 230000000717 retained effect Effects 0.000 description 1
- 239000000243 solution Substances 0.000 description 1
- 239000007921 spray Substances 0.000 description 1
Classifications
-
- A—HUMAN NECESSITIES
- A47—FURNITURE; DOMESTIC ARTICLES OR APPLIANCES; COFFEE MILLS; SPICE MILLS; SUCTION CLEANERS IN GENERAL
- A47H—FURNISHINGS FOR WINDOWS OR DOORS
- A47H15/00—Runners or gliders for supporting curtains on rails or rods
- A47H15/02—Runners
-
- A—HUMAN NECESSITIES
- A47—FURNITURE; DOMESTIC ARTICLES OR APPLIANCES; COFFEE MILLS; SPICE MILLS; SUCTION CLEANERS IN GENERAL
- A47H—FURNISHINGS FOR WINDOWS OR DOORS
- A47H1/00—Curtain suspension devices
- A47H1/04—Curtain rails
- A47H2001/042—Curtain rails shaped as curtain rods
Landscapes
- Curtains And Furnishings For Windows Or Doors (AREA)
Description
P95582NL00
Titel: Gordijnrunner voorzien van contactelementen en een samenstel van een gordijnrail en een dergelijke gordijnrunner
De uitvinding heeft betrekking op een gordijnrunner voor het dragen en verplaatsen van een gordijn in een gordijnrail, waarbij de gordijnrunner een basis omvat die is ingericht om verplaatsbaar in een gordijnrail te worden opgenomen en een bevestigingselement voorzien aan 5 de basis, voor het vasthouden van het gordijn.
Dergelijke gordijnrunners en glijders zijn bekend uit de praktijk en kunnen verschillende uitvoeringen omvatten. Zo zijn volledig kunststof gordijnrunners bekend, die al dan niet zijn voorzien van roteerbaar in de 10 runner opgenomen wielen. Dergelijke kunststof runners zijn respectievelijk ingericht voor het schuivend dan wel rollend verplaatsen door een binnenruimte van een gordijnrail in een lengterichting van een dergelijke gordijnrail. Ook runners van metaal zijn bekend, waarbij deze runners kunnen zijn voorzien van metalen of kunststof wielen die verplaatsing van 15 de runner door de rail mogelijk maken.
Tegenwoordig wordt meer en meer aandacht besteed aan het design en de kwaliteit van een gordijnrail. Zo worden nu ook gordijnrails toegepast die van geanodiseerd metaal, zoals geanodiseerd aluminium, zijn vervaardigd vanwege het esthetisch uiterlijk ervan.
20 Echter, het gebruik van dergelijke gordijnrails van geanodiseerd metaal voor het ophangen van gordijnen in een ruimte in combinatie met bekende gordijnrunners van kunststof heeft als nadeel dat deze gordijnrunners relatief snel slijten, en stroef gaan glijden. Hierdoor kan de runner mede door de speling in de rail kan gaan schranken. Om dit 25 enigszins te beperken wordt eventueel siliconen of teflonspray gebruikt tussen de contactvlakken van de gordijnrunner en de gordijnrail. Daarnaast 2 zijn de glij-eigenschappen in een geanodiseerde rail minder goed dan de glij-eigenschappen van een gelakte cq poedercoat rail. Een nadeel daarvan is dat er vervuiling kan optreden in het loopkanaal van de gordijnrail door het aanhechten van stof.
5
Het doel van de onderhavige uitvinding is derhalve het verschaffen van een gordijnrunner die bovengenoemde nadelen ten minste gedeeltelijk opheft. Meer in het bijzonder is het doel van de uitvinding om een runner te verschaffen die soepeler en duurzamer door een gordijnrail kan glijden.
10
De uitvinding verschaft daartoe een gordijnrunner volgens het in de aanhef genoemde type, waarbij de basis is voorzien van opnameholtes voor het opnemen van contactelementen die zijn ingericht om in gebruik samen te werken met ten minste twee longitudinale binnenoppervlakken 15 van de gordijnrail, waarbij de contactelementen worden gevormd door kogels, cilinders en of pennen en waarbij de contactelementen zodanig in de basis zijn opgenomen dat deze in gebruik langs een binnenoppervlak bewegen terwijl deze in een puntcontact en/of lijncontact met het respectieve binnenoppervlak van de gordijnrail voorzien.
20 Met een dergelijke constructie van een gordijnrunner volgens de uitvinding wordt bewerkstelligd dat de runner te allen tijde relatief gemakkelijk door het inwendige van de gordijnrail blijft lopen ongeacht de krachten die worden uitgeoefend op de runner en de richtingen waarin die krachten op de gordijnrunner worden uitgeoefend. Door een constructie 25 waarbij de contactvlakken van de gordijnrunner met een binnenoppervlak van de gordijnrail in wezen door contactpunten cq contactlijnen van de contactelementen worden gevormd zal de runner relatief stabiel lopen. Ook wanneer er bijvoorbeeld dwarskrachten op de runner worden uitgeoefend welke bijvoorbeeld aanwezig kunnen zijn doordat de gordijnen plooien 30 omvatten. Verder is een dergelijke runner volgens de uitvinding minder 3 onderhevig aan slijtage in vergelijking met bijvoorbeeld de kunststof runners volgens de stand van de techniek en bieden derhalve een duurzame oplossing. De basis, bijvoorbeeld gevormd door een kunststof behuizing cq kogelkooi, kan immers niet in contact komen met de rail, zodat hierdoor 5 géén nadelige wrijving of slijtage ontstaat. De contactelementen die kunnen worden gevormd door kogels, cilinders en/of pennen zijn in de basis opgenomen, bijvoorbeeld met behulp van een klikmechanisme.
In een verdere uitvoeringsvorm van de gordijnrunner volgens de uitvinding is de basis voorzien van ten minste vier kogels, waarbij ten 10 minste twee kogels zich door een eerste buitenoppervlak van de basis uitstrekken en ten minste twee kogels zich door een tweede tegenovergelegen buitenoppervlak van de basis uitstrekken.
Om het soepel verplaatsen van de gordijnrunner door de gordijnrail verder te bevorderen is het volgens een nadere uitwerking van de uitvinding 15 gunstig wanneer de kogels ter plaatse van elk buitenoppervlak van de basis van de gordijnrunner op minimale afstand van elkaar zijn geplaatst in een richting in hoofdzaak loodrecht op een middenas van de runner en tegelijkertijd parallel aan het buitenoppervlak van de basis.
In een voorkeursuitvoeringsvorm van de uitvinding zijn aan elk 20 buitenoppervlak van de basis van de gordijnrunner vier kogels voorzien, waarbij de vier kogels in twee rijen zijn geplaatst die zich in hoofdzaak loodrecht op de middenas van de runner en parallel aan het buitenoppervlak uitstrekken. In een verdere uitwerking van de uitvinding kan de basis een in hoofdzaak balkvormig lichaam omvatten, waarbij 25 telkens ten minste twee kogels zijn voorzien op elk van vier in hoofdzaak parallel aan elkaar uitstrekkende ribben van het lichaam. Wanneer de gordijnrunner een der gelijke configuratie omvat wordt een optimale verhouding verkregen tussen een soepel in de binnenzijde van de gordijnrail verplaatsbare gordijnrunner en een lengte van de gordijnrunner waarbij de 30 opbouwlengte van het gordijn niet te groot word. Dit geldt tevens voor het 4 gebruik van een dergelijke gordijnrunner in een gebogen deel van de rail. Een gordijnrunner met een te grote lengte zal kunnen vastklemmen in de bocht van een dergelijk gebogen deel van een rail. Derhalve is de gordijnrunner volgens de uitvinding zodanig geconfigureerd dat er een 5 minimale runneropbouw in de rail aanwezig is en dat tegelijkertijd verplaatsing door ten minste een gebogen gedeelte in een rail mogelijk is.
Bij voorkeur is de lengte van de gordijnrunner volgens de uitvinding in overeenstemming met een gemiddelde lengte van bekende glijders en rollers, zoals bijvoorbeeld eerder beschreven met betrekking tot de stand 10 van de techniek. Bij voorkeur kan derhalve de lengte van de basis van de gordijnrunner kleiner zijn dan 15 mm of zelfs ongeveer 13 mm zijn. Hierbij is een optimale relatie gekozen tussen de kogeldiameter en de minimale functionele lengte van de runner. De verdere constructie van de runner, zoals wanddiktes van de verschillende delen van de basis, is hierop 15 afgestemd, rekening houdend met produceerbaarheid ervan en uiteraard de verplaatsingseigenschappen.
Mede om contactoxidatie zoveel mogelijk te voorkomen tussen de kogels van de gordijnrunner en het materiaal van de gordijnrail, bijvoorbeeld van aluminium en ook om slijtage van de kogels te 20 minimaliseren, is het volgens een verder aspect van de uitvinding gunstig dat de kogels van een gehard metaal zijn, bijvoorbeeld van een bepaald gehard roestvast staal.
In een alternatieve uitwerking van de uitvinding kan de basis zijn voorzien van ten minste twee cilinders of pennen, waarbij de ten minste 25 twee cilinders of pennen zich zowel door het eerste buitenoppervlak als door het tweede buitenoppervlak uitstrekken en in eenzelfde vlak liggen dat zich orthogonaal ten opzichte van de middenas uitstrekt.
In weer een andere alternatieve uitvoeringsvorm van de uitvinding kan de basis zijn voorzien van ten minste twee cilinders of pennen, waarbij 30 de ten minste twee cilinders of pennen zich in hoofdzaak parallel aan zowel 5 het eerste buitenoppervlak als het tweede buitenoppervlak uitstrekken en welke cilinders of pennen in eenzelfde vlak liggen dat zich orthogonaal van de middenas uitstrekt.
In een verdere uitwerking van de uitvinding vormen de basis en 5 het bevestigingselement van de gordijnrunner bij voorkeur samen één integraal gevormd onderdeel. Een dergelijk onderdeel kan bijzonder gunstig worden vervaardigd met behulp van een spuitgietproces.
Om slijtage van de kogels in de basis van de gordijnrunner te beperken is het voordelig indien ten minste de basis van de gordijnrunner 10 van een geschikte, bijvoorbeeld ten minste maatvaste, sterke en slijtvaste, kunststof is vervaardigd, bijvoorbeeld van een bepaalde polyoxymethyleen (POM).
De uitvinding heeft verder betrekking op een samenstel van een 15 gordijnrail, bijvoorbeeld een gordijnrail van geanodiseerd of gelakt / gepoedercoat metaal en/of een niet-metaal en ten minste één hierboven beschreven gordijnrunner volgens de uitvinding.
De onderhavige uitvinding zal aan de hand van een 20 uitvoeringsvoorbeeld, onder verwijzing naar de verschillende figuren verder worden verduidelijkt, waarin:
Fig. 1 een schematisch zijaanzicht toont van een eerste uitvoeringsvorm van de gordijnrunner volgens de uitvinding;
Fig. 2 een schematisch vooraanzicht toont van een eerste 25 uitvoeringsvorm van de gordijnrunner volgens de uitvinding;
Fig. 3 een schematisch vooraanzicht toont van een samenstel van een gordijnrail en een gordijnrunner volgens de uitvinding;
Fig. 4 een schematisch zijaanzicht toont van het samenstel uit Fig. 3; 6
Fig. 5 een schematisch zijaanzicht toont van een tweede uitvoeringsvorm van de runner volgens de uitvinding;
Fig. 6 een schematisch vooraanzicht toont van de runner uit Fig.5; en 5 Fig. 7 een schematisch vooraanzicht toont van een samenstel van een gordijnrail en een gordijnrunner volgens de tweede uitvoeringsvorm van de uitvinding;
Fig. 8 een schematisch vooraanzicht toont van een samenstel van een gordijnrail en een gordijnrunner volgens een derde uitvoeringsvorm van 10 de uitvinding;
Figs. 9 en 10 respectievelijk een schematisch bovenaanzicht en schematisch zijaanzicht tonen van een vierde uitvoeringsvorm van de gordijnrunner volgens de uitvinding; en
Figs. 11 en 12 respectievelijk een schematisch bovenaanzicht en 15 een schematisch vooraanzicht tonen van een vijfde uitvoeringsvorm van de gordijnrunner volgens de uitvinding.
Opgemerkt zij dat gelijke elementen in de verschillende figuren worden aangegeven met gelijke verwijzingscijfers.
20
In Figuur 1 is een gordijnrunner 1 volgens een eerste uitvoeringsvorm van de uitvinding getoond. De gordijnrunner 1 is ingericht voor het dragen en verplaatsen van een gordijn of andere geschikte raambekleding in een gordijnrail 2. Een dergelijke gordijnrail 2 kan 25 bijvoorbeeld een gordijnrail 2 zijn van een (geanodiseerd) metaal, zoals geanodiseerd of gepoedercoat / gelakt aluminium zoals getoond in Figuren 5 en 6.
De gordijnrunner 1 omvat een basis 4 en een daaraan integraal voorzien bevestigingselement 6. In dit uitvoeringsvoorbeeld van de 30 gordijnrunner 1 is het bevestigingselement 6 vast voorzien aan de basis 4, 7 maar in een andere uitvoeringsvorm van de uitvinding kan het bevestigingselement 6 ook uit een los onderdeel bestaan dat aan de basis 4 wordt bevestigd. Het bevestigingselement 6 omvat een oog voor het opnemen van een gordijnhaak voorzien aan het gordijn.
5 De basis 4 van de runner 1 heeft een in hoofdzaak balkvormig lichaam 5. Dit lichaam 5 heeft ten minste twee buitenoppervlakken 7a, 7b die zijn ingericht om samen te werken met ten minste daar tegenoverliggende binnenoppervlakken 8 van de gordijnrail (zie Figuur 3).
In elk buitenoppervlak 7a, 7b zijn contactelementen, in dit geval kogels 10, 10 12 opgenomen die zodanig in het lichaam 5 zijn geplaatst dat deze wanneer de gordijnrunner 1 zich in de binnenruimte 3 van de rail 2 bevindt tegen de binnenoppervlakken 8 van de rail 2 aanliggen, daarbij puntcontacten tussen de kogels 10, 12 en de rail, ten minste twee of meer longitudinale binnenoppervlakken 8 van de rail, verschaffend, en het lichaam 5 deze 15 binnenoppervlakken 8 niet raakt. Met behulp van deze kogels 10, 12 wordt de mogelijkheid tot schranken cq driften en slijtage van de runner 1 in de rail 2 zoveel mogelijk beperkt met ook minder gebruik van eventuele smeermiddelen. De binnenruimte 3 sluit elke kogel 10, 12 tussen twee longitudinale vlakken 8, bijvoorbeeld onder een hoek van ongeveer (ruim) 90 20 graden, met een relatief nauwe passing in. Met andere woorden de kogels 10, 12 centreren zich in de afgebeelde hoeken zoals weergegeven in de Figuren.
In dit voorbeeld van de runner 1 volgens de uitvinding strekken de buitenoppervlakken 7a, 7b van de basis 5 zich in hoofdzaak parallel aan een 25 middenas M van de gordijnrunner 1 uit. De middenas M strekt zich door de basis 4 en het bevestigingselement 6 uit, zoals is te zien in Figuur 2. Met andere woorden heeft de basis 4 ten minste twee tegenoverliggende buitenoppervlakken 7a, 7b die zich in hoofdzaak evenwijdig aan elkaar uitstrekken en beide in hoofdzaak op gelijke afstand van een middenas M, 30 althans een vlak door de middenas M, zijn gelegen. Bij voorkeur zijn zowel 8 de basis 4 als het bevestigingselement 6 deel van een enkel integraal gevormd product, welk product bijzonder gunstig met behulp van spuitgieten kan worden vervaardigd. De runner 1 kan bijvoorbeeld van een geschikte kunststof zijn gemaakt zoals polyoxymethyleen (POM). De kogels 5 10, 12 zijn volgens een nadere uitwerking van de uitvinding van een gehard metaal, zoals bijvoorbeeld van een bepaald gehard roestvast staal.
In het lichaam 5 zijn holtes 14 voorzien die zijn ingericht om elk een kogel 10, 12 op te nemen zodanig dat een uiterste punt 20 van de kogel 10, 12 buiten het lichaam 5, ten minste buiten het buitenoppervlak 7a, 7b 10 van het lichaam 5, bij voorkeur op voldoende afstand d zodat de (kunststof) kogelkooi 5 niet kan raken met het profiel, is gelegen (zie Figuur 2). Het getoonde voorbeeld van de gordijnrunner 1 omvat aan elk buitenoppervlak 7a, 7b twee rijen kogels 10, 12. Aangezien het lichaam 5 in hoofdzaak balkvormig is zijn telkens twee kogels 10, 12 voorzien op elk van de vier in 15 hoofdzaak parallel aan elkaar uitstrekkende ribben R. De eerste rijen kogels 10 strekken zich nabij het bevestigingselement 6 in hoofdzaak orthogonaal ten opzichte van de middenas M uit en in hoofdzaak parallel aan de buitenoppervlakken 7a, 7b. De tweede rijen kogels 12 strekken zich in een zelfde richting uit als de eerste rijen kogels 10 op een kleine afstand, in 20 overeenstemming met de bemating van het loopkanaal in de rail, van de respectieve eerste rijen kogels 10, dus nabij een van het bevestigingselement 6 afgelegen einde van de basis 4. De kogels 10, 12 van elke rij liggen op een kleine afstand van elkaar. Deze genoemde kleine afstanden worden gevormd door de minimaal noodzakelijke wanddikte van het lichaam 5 25 tussen de individuele kogels 10, 12 teneinde de stijfheid en vormvastheid van de runner 1 te waarborgen en zodat tevens de functionaliteit van de runner overeind blijft. De maatvoering van de runner 1 is ook gerelateerd aan de nauwe passing in het loopkanaal van een (gebogen) rail 2.
Voor het schuiven / rollen van de runner 1 door een gebogen rail 2, 30 is extra speling van de runner in het loopkanaal benodigd. Echter teveel 9 speling zal een negatieve invloed hebben op de schuif/glij- en/of roleigenschappen van de runner 1.
De holtes 14 omvatten opneemgedeelten 16, 18, die ten minste gedeeltelijk aangrijpen op een omtrekswand van de respectieve kogels 10, 5 12. De opneemgedeelten 16 die aan een binnenwand van de holte 14 aan een buitenzijde van het lichaam 5 zijn voorzien zijn bij voorkeur doorlopende gaten. De daartegenover liggende opneemgedeelten 18 omvatten blinde gaten. Hierdoor blijft de middenwand van de runner 1 voldoende stijf.
In gebruik worden de kogels 10, 12 in de holtes 14 gedrukt waarna 10 de respectieve kogels 10, 12 klem worden gezet met behulp van de opneemgedeelten 16, 18 door middel van een verend klikmechanisme. De verende opneemgedeelten 16, 18 (verend in richting Rv) omvatten opneemopeningen waarvan de respectieve hartlijnen H zich bij voorkeur loodrecht op de middenas M uitstrekken en in hoofdzaak parallel aan 15 elkaar.
De kogels 10, 12 hebben in het getoonde uitvoeringsvoorbeeld een diameter van ongeveer 3-5 mm, en in het bijzonder van in hoofdzaak 4-4,5 mm. Het uiterste punt 20 van de respectieve kogels 10, 12 bevindt zich op een afstand van ongeveer 1/5 maal de diameter van de kogel 10, 12 ten 20 opzichte van het buitenoppervlak 7, zodat de kogel in de holte klikt, maar nog voldoende uitsteekt. Als de speling van de runner 1 in het loopkanaal van de rail 2 te veel is, zal de runner 1 te onstabiel door het loopkanaal glijden en/of rollen en als afstand d te klein is kan de kogelkooi 5 het profiel raken, hetgeen niet gewenst kan zijn. Hierdoor kan de afstand bijvoorbeeld 25 tussen 0,7 en 1,0 mm liggen en is bij voorkeur in hoofdzaak afgerond 0,8 mm. De basis 4 van de gordijnrunner 1 heeft verder een lengte 1 die kleiner is dan 15 mm, meer in het bijzonder van circa 13 mm. Door dergelijke bemating van de runner 1 wordt contact van het materiaal van de basis 4 met het materiaal van de rail 2 voorkomen. Ook dit is gunstig met het oog 30 op ongewenste wrijving en slijtage van zowel de runner 1 als de rail 2.
10
In Figuren 3 en 4 wordt een samenstel van een gordijnrail 2 met ten minste één gordijnrunner 1 volgens de eerste uitvoeringsvorm van de uitvinding getoond. Zoals is te zien wordt de runner 1, gezien in een 5 dwarsdoorsnedeaanzicht van het samenstel, in hoofdzaak vormgesloten met beperkte speling opgenomen in een binnenzijde 3 van de rail 2. De kogels 10, 12 die op alle ribben van het lichaam 5 zijn voorzien liggen ten minste tegen de tegenoverliggende binnenoppervlakken 8 van de rail 2. Tijdens verplaatsen van de runner 1 door de binnenzijde 3 van de rail 2 schuiven cq 10 glijden en/of roteren de kogels 10, 12 over de binnenoppervlakken 8 van de rail 2. Door een dergelijke constructie van de runner 1 is schranken van de runner 1 in een draairichting Rd ten opzichte van de rail 2 minimaal. Ook het schranken in een draairichting Rr ten opzichte van de rail 2 gezien in het zijaanzicht (Figuur 4) van het samenstel is door de constructie van de 15 runner 1 beperkt. Door de toepassing van acht kogels 10, 12 in de runner 1 zoals in het in relatie tot Figuren 1-4 beschreven uitvoeringsvoorbeeld loopt de runner 1 zo stabiel mogelijk door de binnenruimte 3 van de rail 2 wanneer de runner 1 in de lengterichting van de rail 2 wordt verplaatst. De runner 1 is in staat om krachten die op de runner lworden uitgeoefend, 20 waaronder ook de gebruikelijke dwarskrachten, zodanig op te vangen dat de runner 1 ondanks deze krachten relatief soepel blijft lopen.
In Figuren 5-7 wordt een tweede voorbeeld van een runner 1 volgens de uitvinding getoond. Deze runner 1 komt in grote mate overeen 25 met de runner 1 uit de Figuren 1-4. Het enige verschil is dat in het lichaam 5 van de basis 4 minder kogels 10, 12 zijn openomen. Tevens heeft het lichaam 5 een andere vorm dan het lichaam 5 van het eerste beschreven uitvoeringsvoorbeeld. Derhalve wordt hier volstaan met het beschrijven van de verschillen met het eerste uitvoeringsvoorbeeld. Voor onderdelen van de 30 runner 1 die nu niet uitvoerig worden beschreven wordt verwezen naar de 11 beschrijving van de Figuren 1-4. De buitenoppervlakken 7a, 7b van de basis 4 strekken zich gedeeltelijk parallel uit aan de middenas M van de runner 1. Aan een eerste buitenoppervlak 7a van de runner 1 is een eerste rij kogels 10 opgenomen die zich nabij het opneemelement 6 in een richting in 5 hoofdzaak orthogonaal aan de middenas M en tegelijkertijd parallel aan het buitenoppervlak 7a uitstrekt. Aan het tweede tegenovergelegen buitenoppervlak 7b is een tweede rij kogels 12 voorzien. Deze kogels 12 strekken zich in dezelfde richting uit als de kogels 10 van de eerste rij in het eerste buitenoppervlak 7a. De runner 1 volgens dit uitvoeringsvoorbeeld 10 omvat dus slechts vier kogels 10, 12. Ook met behulp van het gebruiken van dergelijke runners 1 in een gordijnrail 2 worden ongewenste loopeigenschappen beperkt. Echter, dit geldt alleen wanneer de binnenruimte 3 elke kogel 10, 12 tussen twee longitudinale vlakken, bijvoorbeeld onder een hoek van ongeveer (ruim) 90 graden, met een relatief 15 nauwe passing insluit. Met andere woorden de kogels 10, 12 centreren zich in de afgebeelde hoeken zoals weergegeven in de Figuren. Wanneer de vorm van de binnenruimte 3 overeenstemt met de vorm van de runner 1 zal de runner 2 vormgesloten in de rail 2 kunnen worden opgenomen.
20 In Figuur 8 is een verder uitvoering van een gordijnrunner 1 volgens de uitvinding getoond. Deze runner 1 komt in grote mate overeen met de runner 1 uit de Figuren 5-7. Het enige verschil is dat de kogels 10, 12 zich in een zelfde vlak V in het lichaam uitstrekken. Dit vlak V strekt zich in hoofdzaak orthogonaal uit aan de middenas M van de runner 1.
25 Verder heeft het lichaam 5 een hierop aangepaste vorm. Een dergelijke runner 1 kan voordelig worden toegepast in een rail 2 met een geringe hoogte. Voor onderdelen van de runner 1 die nu niet uitvoerig worden beschreven wordt verwezen naar de beschrijving van de Figuren 5-7 en eventueel van de Figuren 1-4.
30 12
In de Figuren 9-10 en 11-12 worden twee alternatieve uitvoeringsvoorbeelden van de runner 1 volgens de uitvinding getoond. Deze runners 1 zijn voorzien van contactelementen in de vorm van cilinders 110, 112 cq pennen in plaats van kogels 10, 12 en verschaffen dus een lijncontact 5 respectievelijk puntcontact met de binnenoppervlakken 8 van de rail 2. In het voorbeeld getoond in de Figuren 9 en 10 is de balkvormige basis 4 voorzien van vier cilinders 110, 112. Deze cilinders 110, 112 strekken zich in hoofdzaak parallel uit aan zowel het eerste buitenoppervlak 7a als aan het tweede buitenoppervlak 7b. De respectieve hartlijnen H van de cilinders 10 110, 112 strekken zich in hoofdzaak parallel uit aan de vier ribben R van de basis 4. De cilinders 110, 112 worden vastgehouden in de basis 4 met behulp van de opnameholtes 14.
In het voorbeeld getoond in Figuren 11 en 12 strekken de cilinders 110, 112 zich door zowel het eerste buitenoppervlak 7a als ook door het 15 tweede buitenoppervlak 7b uit en ligt een eerste paar cilinders 110 in eenzelfde vlak V dat zich in hoofdzaak orthogonaal ten opzichte van de middenas M uitstrekt en een tweede paar cilinders 112 op afstand van het eerste paar cilinders. De opnameholtes 14 hebben in dit uitvoeringsvoorbeeld een andere configuratie dan in de eerder getoonde 20 uitvoeringen.
Het is ook mogelijk, in andere (niet getoonde) uitvoeringsvormen van de runner 1 volgens de uitvinding, dat in het lichaam 5 slechts twee cilinders cq pennen zijn opgenomen (in plaats van de vier cilinders 110, 112 in de uitvoeringen getoond in de Figuren 9-12) die zich bij voorkeur in een 25 enkel vlak V uitstrekken welk vlak zich in hoofdzaak orthogonaal op de middenas M uitstrekt. Dergelijke runners kunnen net zoals de runner uit Figuur 8 voordelig worden toegepast in een rail 2 met een geringe hoogte.
Voor onderdelen van de runner 1 die bij de Figuren 9-12 niet uitvoerig zijn beschreven wordt verwezen naar de beschrijving van de 30 Figuren 1-4 en naar de beschrijving bij de Figuren 5-7.
13
Het moge duidelijk zijn dat niet alleen bovenstaande uitvoeringsvoorbeelden binnen het raam van de uitvinding vallen. Ook andere varianten worden geacht binnen het kader van de uitvinding te 5 vallen zoals gedefinieerd in de navolgende conclusies. Zo is het mogelijk dat de basis 4 is voorzien van meerdere holtes 14 die zich in rijen uitstrekken waarbij de rijen meer dan twee kogels 10, 12 kunnen omvatten. Zo kan de runner 1 bijvoorbeeld zodanig zijn ingericht dat elke rij drie kogels 10, 12 of zelfs meerdere kogels omvat.
10 Verder kan de runner 1 op een andere manier zijn geconstrueerd, bijvoorbeeld uit twee afzonderlijke onderdelen die later aan elkaar zijn verbonden. Ook kan de runner van verschillende materialen waaronder metalen en niet-metalen zijn vervaardigd en verschillende afmetingen bezitten; dit geldt ook voor de kogels. Het moge verder duidelijk zijn dat de 15 afmetingen van de runner 1 in grote mate afhankelijk zijn van de afmetingen van de rail 2 waarin de runner wordt gebruikt en daarbij ook gerelateerd zijn aan de toe te passen kogeldiameter.
Claims (16)
1. Gordijnrunner voor het dragen en verplaatsen van een gordijn in een gordijnrail (2), waarbij de gordijnrunner (1) een basis (4) omvat die is ingericht om verplaatsbaar in een gordijnrail (2) te worden opgenomen en een bevestigingselement (6) voorzien aan de basis (4), voor het vasthouden 5 van het gordijn, met het kenmerk dat de basis (4) is voorzien van opnameholtes (14) voor het opnemen van contactelementen (10, 12) die zijn ingericht om in gebruik samen te werken met ten minste twee longitudinale binnenoppervlakken (8) van de gordijnrail (2), waarbij de contactelementen (10, 12) worden gevormd door kogels, cilinders en/of pennen en waarbij de 10 contactelementen (10, 12) zodanig in de basis (4) zijn opgenomen dat deze in gebruik langs een binnenoppervlak (8) bewegen terwijl deze in een puntcontact en/of lijncontact met het respectieve binnenoppervlak (8) van de gordijnrail (2) voorzien, en waarbij de contactelementen (10, 12) zich buiten een buitenoppervlak (7a, 7b) van de basis (5) uitstrekken voor het in gebruik 15 tegengaan van contact tussen de basis (5) en de gordijnrail (2).
2. Gordijnrunner volgens conclusie 1, waarbij de basis ten minste twee tegenoverliggende buitenoppervlakken (7a, 7b) heeft die zich in hoofdzaak evenwijdig aan elkaar uitstrekken en beide in hoofdzaak op gelijke afstand 20 van een middenas (M) van de gordijnrunner (1) zijn gelegen, waarbij de middenas zich door de basis (4) en het bevestigingselement (6) uitstrekt. 1 Gordijnrunner volgens conclusie 2, waarbij de basis (4) is voorzien van ten minste vier kogels (10, 12), waarbij ten minste twee kogels (10, 12) 25 zich door het eerste buitenoppervlak (7a) uitstrekken en ten minste twee kogels (10, 12) zich door het tweede buitenoppervlak (7b) uitstrekken.
4. Gordijnrunner volgens conclusie 2 of 3, waarbij de kogels (10, 12) ter plaatste van elk buitenoppervlak (7a, 7b) op minimale afstand van elkaar zijn geplaatst in een richting in hoofdzaak loodrecht op de middenas (M) van de gordijnrunner (1) en parallel aan het buitenoppervlak (7). 5
5. Gordijnrunner volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij de kogels (10, 12) in het eerste buitenoppervlak (7a) nabij het bevestigingselement (6) zijn voorzien en de kogels (10, 12) in het tweede buitenoppervlak (7b) nabij een van het bevestigingselement (6) afgelegen 10 einde van de basis (4) zijn voorzien.
6. Gordijnrunner volgens één van de conclusies 1-5, waarbij de kogels (10, 12) in het eerste buitenoppervlak (7a) en de kogels (10, 12) in het tweede buitenoppervlak (7b) in een zelfde vlak zijn gelegen, welk vlak zich 15 orthogonaal ten opzichte van de middenas (M) uitstrekt.
7. Gordijnrunner volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij ter plaatse van elk buitenoppervlak (7a, 7b) ten minste vier kogels (10, 12) zijn voorzien, waarbij de vier kogels (10, 12) in twee rijen zijn geplaatst die zich 20 in hoofdzaak orthogonaal op de middenas (M) en parallel aan het buitenoppervlak (7) uitstrekken.
8. Gordijnrunner volgens conclusie 7, waarbij de basis een in hoofdzaak balkvormig lichaam (5) omvat, waarbij telkens ten minste twee kogels (10, 25 12) zijn voorzien nabij en/of op elk van vier in hoofdzaak parallel aan elkaar uitstrekkende ribben (R) van het lichaam (5).
9. Gordijnrunner volgens conclusie 2, waarbij de basis is voorzien van ten minste twee cilinders of pennen, waarbij de ten minste twee cilinders of pennen zich zowel door het eerste buitenoppervlak (7) als door het tweede buitenoppervlak (7) uitstrekken en in eenzelfde vlak liggen dat zich orthogonaal ten opzichte van de middenas (M) uitstrekt.
10. Gordijnrunner volgens conclusie 2, waarbij de basis is voorzien van ten minste twee cilinders of pennen, waarbij de ten minste twee cilinders of pennen zich in hoofdzaak parallel aan zowel het eerste buitenoppervlak (7a) als het tweede buitenoppervlak (7b) uitstrekken en welke cilinders of pennen in eenzelfde vlak liggen dat zich orthogonaal van de middenas (M) 10 uitstrekt.
11. Gordijnrunner volgens conclusie 10, waarbij de basis een in hoofdzaak balkvormig lichaam (5) omvat, waarbij telkens een hartlijn van elke cilinder of pen in hoofdzaak zich parallel uitstrekt op of nabij aan respectieve in 15 hoofdzaak parallel aan elkaar uitstrekkende ribben (R) van het lichaam (5).
12. Gordijnrunner volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij de opnameholtes (14) geconfigureerd zijn tijdens daarin monteren en/of demonteren van de contactelementen (10, 12) een tijdelijk grotere opening 20 te verschaffen.
13. Gordijnrunner volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij in twee tegenoverliggende wanden van elke opnameholte (14) opneemopeningen (16, 18) zijn voorzien voor het opnemen van de 25 respectieve contactelementen (10, 12).
14. Gordijnrunner volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij de contactelementen (10, 12) van een gehard metaal zijn, bijvoorbeeld van gehard roestvast staal.
15. Gordijnrunner volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij de basis (4) en het bevestigingselement (6) samen een integraal gevormd onderdeel zijn, bij voorkeur een spuitgietproduct.
16. Gordijnrunner volgens conclusie 15, waarbij het integraal gevormd onderdeel uit een geschikte kunststof is, bijvoorbeeld een bepaalde polyoxymethyleen (POM).
17. Samenstel van een gordijnrail (2) en ten minste één gordijnrunner (1) 10 volgens één van de voorgaande conclusies.
Priority Applications (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2007580A NL2007580C2 (nl) | 2011-10-12 | 2011-10-12 | Gordijnrunner voorzien van contactelementen en een samenstel van een gordijnrail en een dergelijke gordijnrunner. |
| DE102012019311A DE102012019311A1 (de) | 2011-10-12 | 2012-10-01 | Vorhangrolle, versehen mit Kontaktelementen, und eine Kombination aus einer Vorhangschiene und einer solchen Vorhangrolle |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2007580A NL2007580C2 (nl) | 2011-10-12 | 2011-10-12 | Gordijnrunner voorzien van contactelementen en een samenstel van een gordijnrail en een dergelijke gordijnrunner. |
| NL2007580 | 2011-10-12 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL2007580C2 true NL2007580C2 (nl) | 2013-04-15 |
Family
ID=47990790
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL2007580A NL2007580C2 (nl) | 2011-10-12 | 2011-10-12 | Gordijnrunner voorzien van contactelementen en een samenstel van een gordijnrail en een dergelijke gordijnrunner. |
Country Status (2)
| Country | Link |
|---|---|
| DE (1) | DE102012019311A1 (nl) |
| NL (1) | NL2007580C2 (nl) |
Families Citing this family (1)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US10806288B2 (en) * | 2016-12-21 | 2020-10-20 | Silent Gliss International Ag | System for suspension of a curtain |
Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US1878189A (en) * | 1928-06-20 | 1932-09-20 | Rumpf Herman | Curtain carrier |
| FR777185A (fr) * | 1933-08-17 | 1935-02-13 | Dispositif d'accrochage pour rideaux et analogues | |
| DE725987C (de) * | 1940-06-02 | 1943-04-06 | Georg Ermann | Aufhaenger mit Rollkugel fuer Schleudervorhaenge |
| DE1052082B (de) * | 1955-05-27 | 1959-03-05 | Beer Hans | Zugvorrichtung fuer Vorhaenge u. dgl. |
-
2011
- 2011-10-12 NL NL2007580A patent/NL2007580C2/nl active
-
2012
- 2012-10-01 DE DE102012019311A patent/DE102012019311A1/de not_active Ceased
Patent Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US1878189A (en) * | 1928-06-20 | 1932-09-20 | Rumpf Herman | Curtain carrier |
| FR777185A (fr) * | 1933-08-17 | 1935-02-13 | Dispositif d'accrochage pour rideaux et analogues | |
| DE725987C (de) * | 1940-06-02 | 1943-04-06 | Georg Ermann | Aufhaenger mit Rollkugel fuer Schleudervorhaenge |
| DE1052082B (de) * | 1955-05-27 | 1959-03-05 | Beer Hans | Zugvorrichtung fuer Vorhaenge u. dgl. |
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| DE102012019311A1 (de) | 2013-04-18 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| EP2742201B1 (en) | Decelerated hinge for furniture | |
| CN114786532B (zh) | 家具元件 | |
| JP7143521B2 (ja) | 可動に支持された扉を案内するためのガイドシステム | |
| NL2007580C2 (nl) | Gordijnrunner voorzien van contactelementen en een samenstel van een gordijnrail en een dergelijke gordijnrunner. | |
| NL7905806A (nl) | Spiegelverstelinstrument voor autospiegels. | |
| NL9001969A (nl) | Telescooprail met grendelmechanisme. | |
| DK3016551T3 (en) | SHELF PART FOR A SHELF OF A RACK, NORMALLY A SLIDER RACK, SHELF FRAME, SHELF AND RACK | |
| EP2484245B1 (fr) | Maillon réglable | |
| US20150342349A1 (en) | Drawer Slide | |
| NL192338C (nl) | Kettingschakel voor een transportketting. | |
| JP2021506498A (ja) | 引出しガイド | |
| RU2648935C2 (ru) | Сиденье транспортного средства | |
| JP6392176B2 (ja) | レールスライダユニット | |
| JP2009504218A (ja) | スライドサポートの改善、またはスライドサポートに関する改善 | |
| US20050258619A1 (en) | Children's vehicle with a frame with sliding elements without a space therebetween and corresponding chassis | |
| EP2777463A1 (en) | Shower track guide system | |
| FR3041985A3 (fr) | Systeme de rappel decelere pour portes coulissantes | |
| NL7900300A (nl) | Kogellager voor een lineaire beweging. | |
| JP7374329B2 (ja) | 家具ヒンジとカバーとを備えたアッセンブリ | |
| FR2979934A1 (fr) | Dispositif de porte coulissante | |
| ES2275248T3 (es) | Dispositivo limitador de apertura para ventanas. | |
| CN109072975B (zh) | 一种使用保持条的滑动支撑配件 | |
| BE1026388B1 (nl) | Samenstel van een spatbord, een stang en een bevestigingsorgaan | |
| JP4089410B2 (ja) | ランナ−ラッチ機構及び該ランナ−ラッチ機構を用いた戸板構造体。 | |
| NL8402042A (nl) | Uit een instelstrook en een of meer steunen bestaand stelsel. |