[go: up one dir, main page]

NL8400890A - Marine anchor with pointed triangular plate and broad end - has three cables or chains secured near point on sides by swivel eyes and converging to cable or chain fixture - Google Patents

Marine anchor with pointed triangular plate and broad end - has three cables or chains secured near point on sides by swivel eyes and converging to cable or chain fixture Download PDF

Info

Publication number
NL8400890A
NL8400890A NL8400890A NL8400890A NL8400890A NL 8400890 A NL8400890 A NL 8400890A NL 8400890 A NL8400890 A NL 8400890A NL 8400890 A NL8400890 A NL 8400890A NL 8400890 A NL8400890 A NL 8400890A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
plate
anchor
line
cable
pointed end
Prior art date
Application number
NL8400890A
Other languages
Dutch (nl)
Original Assignee
Ir M G Gout
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Ir M G Gout filed Critical Ir M G Gout
Priority to NL8400890A priority Critical patent/NL8400890A/en
Publication of NL8400890A publication Critical patent/NL8400890A/en

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B63SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
    • B63BSHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; EQUIPMENT FOR SHIPPING 
    • B63B21/00Tying-up; Shifting, towing, or pushing equipment; Anchoring
    • B63B21/24Anchors
    • B63B21/30Anchors rigid when in use
    • B63B21/32Anchors rigid when in use with one fluke
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B63SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
    • B63BSHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; EQUIPMENT FOR SHIPPING 
    • B63B21/00Tying-up; Shifting, towing, or pushing equipment; Anchoring
    • B63B21/24Anchors
    • B63B21/26Anchors securing to bed
    • B63B2021/262Anchors securing to bed by drag embedment

Landscapes

  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Combustion & Propulsion (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Ocean & Marine Engineering (AREA)
  • Piles And Underground Anchors (AREA)

Abstract

The anchor comprises a plate (1) pointed at one end and with a broad opposite end (2), i.e. a triangular plate, to penetrate into the water bed. A cable or chain (8) is connected near the pointed end (4) and two cables or chains (9) are connected to the sides (5) beyond the gravity centre of the plate to come together at a common point (10), where they are connected with an anchor cable or chain (11). The lengths of the connections are such that, when the anchor line is tensioned, the pointed end penetrates into the bed. The couplings (6,7) can swivel about the plate edges to take up positions symmetric relative to the two plate faces depending on the face in contact with the bed.

Description

Lx 845019 * 4 I — » ψ·Lx 845019 * 4 I - »ψ ·

Anker met vlakke ankerplaat.Anchor with flat anchor plate.

De uitvinding heeft betrekking op een anker, omvattende een plaat met een puntig uiteinde en een breder tegenovergesteld uiteinde, welke plaat bestemd is om in de waterbodem te dringen, waarbij een verbindingslijn, -kabel of -ketting nabij het punti-5 ge uiteinde met de plaat is verbonden, en twee verbindingslijnen, -kabels of -kettingen voorbij het zwaartepunt van de plaat elk met een zijkant van deze plaat zijn verbonden, welke lijnen in een gemeenschappelijk punt met een ankerlijn, -kabel of -ketting zijn verbonden.The invention relates to an anchor, comprising a plate with a pointed end and a wider opposite end, which plate is intended to penetrate into the water bottom, wherein a connecting line, cable or chain near the pointed end with the plate is connected, and two connecting lines, cables or chains beyond the center of gravity of the plate are each connected to one side of this plate, which lines are connected at a common point to an anchor line, cable or chain.

10 Een dergelijk anker is bekend uit US 2721 530, welk anker in het bijzonder bestemd is voor verankering in een zeer zachte waterbodem. Daarbij wordt een lichte driehoekige' ankerplaat onder een kleine hoek met de vertikaal met de basiszijde in de bodem gevoerd, waarbij de aan een zijde van deze plaat bevestigde 15 verbindingslijnen zodanig met elkaar zijn verbonden, dat het verlengde van de ankerlijn in de gespannen toestand de plaat iets onder het zwaartepunt snijdt, terwijl bij het aantrekken zodanige krachten ontstaan, dat de plaat in de bodem dringt. Om kantelbewe-gingen van de plaat tegen te gaan, is aan de andere zijde van deze 20 plaat een leivin: aangebracht.Such an anchor is known from US 2721 530, which anchor is in particular intended for anchoring in a very soft water bottom. A light triangular anchor plate is then inserted at a slight angle to the vertical with the base side in the bottom, the connecting lines attached to one side of this plate being connected to each other such that the extension of the anchor line in the tensioned state slab slightly below the center of gravity, while forces are so strong that the slab penetrates into the ground when tightening. To prevent tilting movements of the plate, a guide fin is arranged on the other side of this plate.

Een bezwaar van een dergelijk anker is o.a. dat het, wanneer het scheef op de waterbodem komt te liggen, niet meer in de bodem dringt, waartoe ook de ankervin bijdraagt, en dat bij hardere bodems de weerstand van de rechte basiszijde te groot is.A drawback of such an anchor is, inter alia, that when it comes to lie crookedly on the water bottom, it no longer penetrates into the bottom, to which the anchor fin also contributes, and that with harder bottoms the resistance of the straight base side is too great.

25 De uitvinding beoogt een dergelijk anker te verschaffen, dat deze nadelen niet bezit. Daartoe heeft het anker volgens de uitvinding als kenmerk, dat dë verbindingslijnen een zodanige lengte hebben, dat bij het aanspannen van de ankerlijn het puntige uiteinde in de bodem wordt getrokken, en dat de bevestigingsmiddelen voor het 30 met de ankerplaat verbinden van de verbindingslijnen zodanig zijn 8400890 2 -2- * uitgevoerd, dat deze rond de rand van de plaat kunnen omslaan, zodat deze lijnen zich symmetrisch ten opzichte van de beide plaat» oppervlakken kunnen instellen, afhankelijk van het oppervlak, dat de waterbodem raakt* 5 Doordat het puntige uiteinde nu naar voren wijst, zal de plaat, wanneer deze onder een betrekkelijk kleine hoek met het bodemoppervlak is gericht, met dit uiteinde in de grond dringen, waarbij de weerstand geringer is dan in het geval van de bekende ankerplaat, terwijl deze plaat zonder de noodzaak van leivinnen 10 recht in de bodem zal binnendringen. Daarbij is het onverschillig welke zijde op de bodem rust, daar de bevestigingsmiddelen van de verbindingslijnen rond de rand van de plaat kunnen omslaan»The object of the invention is to provide such an anchor which does not have these disadvantages. To this end, the anchor according to the invention is characterized in that the connecting lines have such a length that the pointed end is drawn into the bottom when the anchor line is tightened, and that the fastening means for connecting the connecting lines to the anchor plate are such that 8400890 2 -2- * designed to wrap around the edge of the plate so that these lines can be symmetrically aligned with both plates »surfaces, depending on the surface touching the water bottom * 5 Due to the pointed end now pointing forward, the plate, when oriented at a relatively small angle to the bottom surface, will penetrate into the ground with this end, the resistance being less than in the case of the known anchor plate, while this plate without the need of guide fins 10 will penetrate straight into the soil. It does not matter which side rests on the bottom, since the fasteners of the connecting lines can turn around the edge of the plate. »

In het bijzonder is de plaat aan of nabij het breedste gedeelte aan de beide zijden voorzien van afstandhouders, die de 15 indringhoek van het puntige uiteinde bepalen, wanneer de plaat op de waterbodem ligt.In particular, the plate is provided on or near the widest part on both sides with spacers which determine the angle of penetration of the pointed end when the plate lies on the water bottom.

Uit NL-A 7903 414 zijn op zichzelf vlakke ankerplaten bekend, die nabij de rechte achterkant aan een van de of aan beide zijden van uitsteeksels zijn voorzien, teneinde de plaat onder een 20 het indringen in de bodem bevorderende hoek te houden, waarbij echter de ankerlijn rechtstreeks in een punt aan de plaat is bevestigd, dat zodanig is gelegen, dat onder invloed van het aanmerkelijke gewicht van de plaat en de optredende reactiekrachten de gewenste indringstand in de bodem wordt gehandhaafd, waarbij een 25 symmetrische werking kan worden verkregen, wanneer de plaat aan het puntige uiteinde is ingesneden om de ankerlijn te laten omslaan»NL-A 7903 414 discloses self-contained anchor plates, which are provided with projections on one or both sides near the straight rear side, in order to keep the plate at an angle which promotes penetration into the bottom, but the anchor line is fixed directly to the plate in a point, such that the desired penetration into the ground is maintained under the influence of the considerable weight of the plate and the reaction forces occurring, whereby a symmetrical effect can be obtained when the plate at the pointed end is cut to allow the anchor line to tip over »

Een dèrgelijk anker is zwaar, en is in beginsel slechts voor een bepaalde grondsoort geschikt, daar bij afwijkende reactie- en weerstandskrachten de plaat zich niet onder de gunstigste hoek zal in-30 stellen, zoals in het geval van een aantal onderling verbonden verbindingslijnen.Such an anchor is heavy, and is in principle only suitable for a certain type of soil, since the plate will not adjust at the most favorable angle with different reaction and resistance forces, as in the case of a number of interconnected connecting lines.

Om een nog betere aanpassing aan de aard van de bodem te kunnen verkrijgen, is de verbinding tussen de ankerlijn en de of 8400890 -3- «i elke naar het puntige uiteinde gerichte verbindingslijn ten opzichte van het verbindingspunt van de beide andere verbindingslijnen in de langsrichting van de ankerlijn verplaatsbaar, waarbij zonodig het verplaatsbare verbindingspunt met een afzonderlijke 5 treklijn kan zijn verbonden, die boven het wateroppervlak kan worden bediend.In order to obtain an even better adaptation to the nature of the bottom, the connection between the anchor line and the or 8400890 -3- «i is each connecting line directed towards the pointed end in relation to the connecting point of the other two connecting lines in the longitudinal direction. movable from the anchor line, where necessary the movable connecting point can be connected to a separate pulling line, which can be operated above the water surface.

Oe af standhouders kunnen daarbij in de verplaatsingszin gezien gesloten zijn, en van een afgeschuind oppervlak zijn voorzien. Zn het bijzonder worden de afstandhouders gevormd door 10 plooien af golven in de plaat, waarvan de beschrijvenden althans in hoofdzaak naar het puntige uiteinde zijn gericht, welke laatste uitvoering in het bijzonder gunstig is, wanneer een verstijving tegen doorbuiging gewenst is.The spacers can be closed in the sense of movement and provided with a chamfered surface. In particular, the spacers are formed by 10 corrugations in the plate, the descriptors of which are directed at least substantially towards the pointed end, the latter embodiment being particularly favorable when stiffening against bending is desired.

Een dergelijk anker kan in verschillende afmetingen wor-15 den vervaardigd, afhankelijk van de op te nemen ankerkrachten, en is met name ook voor kleine vaartuigen geschikt, waarbij een lichte kleine ankerplaat voldoende is om een doeltreffende verankering te verkrijgen, hetgeen het hanteren ervan aanmerkelijk vereenvoudigt. De uitvinding zal in het onderstaande nader worden toege-20 licht aan de hand van een tekening; hierin toont: fig. 1 een vereenvoudigde afbeelding in perspectief van een anker volgens de uitvinding; en fig. 2..5 met fig. 1 overeenkomende vereenvoudigde afbeeldingen van gewijzigde uitvoeringsvormen van dit anker.Such an anchor can be manufactured in different sizes, depending on the anchor forces to be absorbed, and is particularly suitable for small vessels, where a light small anchor plate is sufficient to obtain an effective anchoring, which makes it considerably easier to handle. simplifies. The invention will be explained in more detail below with reference to a drawing; Fig. 1 shows a simplified perspective view of an anchor according to the invention; and Fig. 2..5 simplified illustrations corresponding to Fig. 1 of modified embodiments of this anchor.

25 Het in fig. 1 getoonde anker volgens de uitvinding omvat een vlakke driehoekige stijve plaat 1 uit een voldoende stevig ma-teriaal zoals metaal, en in het bijzonder aluminium of dergelijke, dat in verhouding tot de sterkte betrekkelijk licht is. Zonodig kunnen niet afgebeelde verstijvingsribben worden aangebracht om door-30 buiging tegen te gaan.The anchor according to the invention shown in fig. 1 comprises a flat triangular rigid plate 1 of a sufficiently strong material such as metal, and in particular aluminum or the like, which is relatively light in relation to the strength. If necessary, stiffening ribs not shown can be provided to prevent sagging.

Nabij de achterrand 2 zijn open afstandhouders 3 aangebracht, die zich symmetrisch ten opzichte van de plaat 1 ter weerszijden daarvan uitstrekken, en die ervoor zorgen, dat, wanneer de 84 0 0 8 9 0 ύ· » # * - 4 - plaat 1 op de waterbodem rust, de voorste punt 4 op de bodem ligt, en de plaat 1 schuin ten opzichte van de bodem wordt gehouden, zo» dat deze gemakkelijker met de punt 4 in de bodem kan dringen.Open spacers 3 are arranged near the rear edge 2, which extend symmetrically with respect to the plate 1 on either side thereof, and which ensure that, when the 84 0 0 8 9 0 plaat · »# * - 4 - plate 1 on the sediment rests, the front tip 4 lies on the bottom, and the plate 1 is held at an angle to the bottom, so that it can penetrate more easily with the tip 4 in the bottom.

Aan de punt 4 en aan de zijkanten 5 voorbij het zwaarte» 5 punt van de plaat 1 zijn ogen 6 in gaten 7 van de plaat 1 aange» bracht, die vrij ten opzichte van de plaat beweegbaar zijn. Met het voorste oog 6 is een korte verbindingslijn, »kabel of »ketting 8 verbonden, terwijl met de beide andere ogen 7 langere verbindings» lijnen 9 zijn verbonden. De laatstgenoemde lijnen 9 zijn in een 10 punt 10 met elkaar en met een ankerlijn, -kabel of -ketting 11 verbonden. De lijn 8 is met een verbindingsonderdeel 12 verbonden, dat langs de ankerlijn 11 verschuifbaar is, en in het bijzonder daarop kan worden vastgezet. Dit onderdeel kan, zoals afgebeeld, ook een glijring zijn, die met een bijkomende treklijn 13 is ver-15 bonden, waarmede deze ring in een bepaalde stand kan worden vastgehouden.At the point 4 and on the sides 5 beyond the center of gravity of the plate 1, eyes 6 are arranged in holes 7 of the plate 1, which are freely movable relative to the plate. A short connecting line, cable or chain 8 is connected to the front eye 6, while longer connecting lines 9 are connected to the other two eyes 7. The latter lines 9 are connected in a point 10 with each other and with an anchor line, cable or chain 11. The line 8 is connected to a connecting part 12, which is slidable along the anchor line 11, and in particular can be fixed thereon. As shown, this part can also be a sliding ring, which is connected to an additional pulling line 13, with which this ring can be held in a certain position.

De lengte van de verbindingslijnen 8 en 9 is zodanig, dat deze, afhankelijk van de ligging van de plaat 1, naar de andere zijde van de plaat 1 kunnen omslaan, hetgeen door de ogen 6 moge» 20 lijk wordt gemaakt, waarbij het verbindingspunt 10 voorbij de punt 4 kan bewegen. De lengte van de lijn 8 wordt zodanig gekozen, dat de plaat bij het indringen in de bodem de gewenste hellingshoek verkrijgt.The length of the connecting lines 8 and 9 is such that, depending on the location of the plate 1, they can turn to the other side of the plate 1, which is made possible by the eyes 6, whereby the connecting point 10 can move beyond point 4. The length of the line 8 is chosen such that the plate obtains the desired angle of inclination upon penetration into the ground.

Wanneer een dergelijke ankerplaat op de waterbodem rust, 25 en aan de ankerlijn 11 wordt getrokken, dringt de punt 4 van de plaat in de bodem, waarbij deze onder invloed van enerzijds de trekkracht en anderzijds de reactiekrachten van de bodem in de grond zal dringen, en daarbij een gebogen baan zal beschrijven, totdat er evenwicht van krachten optreedt, waarbij de totale reactie-30 kracht van de bodem de gewenste verankeringskracht levert. De grootte van de plaat dient uiteraard zodanig te'zijn, dat een voldoende reactiekracht wordt geleverd. De afstandhouders zijn open, zodat de weerstand tegen de verplaatsing van de plaat door de bodem 8400890 « & ^ * - 5 - zo gering mogelijk is, terwijl deze bovendien een stabiliserende werking zullen uitoefenen. Zonodig wordt vooraf de plaats van het verbindingonderdeel 12 ingesteld om een zo gunstig mogelijke aanpassing aan de te verwachten bodemkrachten te verkrijgen.When such an anchor plate rests on the water bottom, and is pulled at the anchor line 11, the point 4 of the plate penetrates into the bottom, whereby it will penetrate into the ground under the influence of the tensile force on the one hand and the reaction forces on the other hand, and thereby describe a curved path until equilibrium of forces occurs, the total reaction force of the bottom providing the desired anchoring force. The size of the plate should of course be such that a sufficient reaction force is provided. The spacers are open, so that the resistance to displacement of the plate through the bottom 8400890 is as small as possible, while in addition they will exert a stabilizing effect. If necessary, the position of the connecting part 12 is pre-set in order to obtain the most favorable adaptation to the expected soil forces.

5 Fig. 2..5 tonen andere uitvoeringsvormen, waarbij een voudigheids halve de verbindingslijnen en de bevestigingsmiddelen daarvoor zijn weggelaten.FIG. 2..5 show other embodiments in which a half of the connecting lines and their fasteners are omitted.

Bij de uitvoering volgens fig. 2 zijn twee punten 4 aanwezig, in elk waarvan een verbindingslijn 8 dient te worden be-10 vestigd, welke verbindingslijnen dan gezamenlijk met een verbin-dingsonderdeel 12 dienen te worden verbonden. Deze uitvoering kan soms gunstig zijn om een betere stabiliteit te verkrijgen.In the embodiment according to Fig. 2, two points 4 are present, in each of which a connecting line 8 must be fixed, which connecting lines must then be jointly connected to a connecting part 12. This embodiment can sometimes be beneficial to obtain better stability.

Fig. 3 toont een met fig. 1 overeenkomende ankerplaat 1, waarbij echter de afstandhouders 3 gesloten zijn, en van schuine 15 voorvlakken 14 zijn voorzien, die de bodemweerstand verminderen.Fig. 3 shows an anchor plate 1 corresponding to FIG. 1, but the spacers 3 are closed and provided with oblique front surfaces 14, which reduce the soil resistance.

Wanneer deze afstandhouders een betrekkelijk grote lengte hebben, zoals in fig. 3 is afgebeeld, wordt een verstijving van de plaat 1 tegen doorbuiging verkregen.When these spacers have a relatively great length, as shown in Fig. 3, a stiffening of the plate 1 against bending is obtained.

Bij de uitvoeringsvorm volgens fig. 4 zijn dergelijke 20 gesloten afstandhouders tot een doorlopende afstandhouder verenigd, hetgeen overigens ook bij de open afstandhouders volgens fig. 1 en 2 het geval kan zijn.In the embodiment according to Fig. 4, such closed spacers are combined into a continuous spacer, which can incidentally also be the case with the open spacers according to Figs. 1 and 2.

Fig. 5 tenslotte toont nog een uitvoering, waarbij de afstandhouders worden gevormd door in de plaat 1 gevormde plooien 25 15, waarvan de beschrijvenden in hoofdzaak naar de punt 4 zijn gericht, waarbij nog een betere verstijving van de plaat wordt ver- . e kregen. In plaats van hoekige plooien kunnen ook golvingen in de plaat worden aangebracht·Fig. 5 finally shows a further embodiment, in which the spacers are formed by folds 15 formed in the plate 1, the descriptions of which are mainly directed towards the point 4, whereby an even better stiffening of the plate is provided. e got. Instead of angular folds, undulations can also be made in the plate

Aldus wordt een ankerplaat verkregen, die enerzijds zeer 30 licht kan worden uitgevoerd, en die anderzijds onder alle omstandigheden in de waterbodem zal dringen, terwijl deze plaat bovendien aan verschillende bodemsoorten kan worden aangepast. Een dergelijke ankerplaat is daarbij geschikt voor het verankeren van 84 C 0 8 9 0 — - 6 -An anchor plate is thus obtained, which on the one hand can be of very light design, and which on the other hand will penetrate into the water bottom under all circumstances, while this plate can moreover be adapted to different types of bottom. Such an anchor plate is suitable for anchoring 84 C 0 8 9 0 - - 6 -

• ’W• "W

Vi IVi I

* vaartuigen of dergelijke van zeer verschillende grootte, en in het bijzonder ook voor kleine vaartuigen, waarbij vooral het geringe gewicht en de geringe afmeting ervan een voordeel zijn.* vessels or the like of very different sizes, and in particular also for small vessels, where especially the light weight and the small size thereof are an advantage.

/ r * 8400890/ r * 8400890

Claims (6)

1. Anker, omvattende een plaat met een puntig uiteinde en een breder tegenovergesteld uiteinde, welke ankerplaat bestemd is om in de waterbodem te dringen, waarbij een verbindingslijn, -kabel of -ketting nabij het puntige uiteinde met de plaat is verbonden, 5 terwijl twee verbindingslijnen, -kabels of -kettingen voorbij het zwaartepunt van de plaat elk met een zijkant van deze plaat zijn verbonden, welke lijnen in een gemeenschappelijk punt met een ankerlijn, -kabel of -ketting in verbinding staan, met het kenmerk, dat de verbindingslijnen een zodanige lengte hebben, dat 10 bij het aanspannen van de ankerlijn het puntige uiteinde in de bodem wordt getrokken, en dat de middelen voor het met de plaat verbinden van deze verbindingslijnen zodanig zijn uitgevoerd, dat deze rond de rand van de plaat kunnen omslaan, en zich daarbij symmetrisch ten opzichte van de beide plaatoppervlakken kunnen in-15 stellen, afhankelijk van het oppervlak, dat de waterbodem raakt*Anchor, comprising a plate with a pointed end and a wider opposite end, which anchor plate is intended to penetrate into the water bottom, wherein a connecting line, cable or chain is connected to the plate near the pointed end, 5 while two connecting lines, cables or chains beyond the center of gravity of the plate are each connected to one side of this plate, which lines communicate at a common point with an anchor line, cable or chain, characterized in that the connecting lines of a length such that when the anchor line is tightened, the pointed end is drawn into the bottom and that the means for connecting these connecting lines to the plate are designed such that they can fold around the edge of the plate, and can thereby adjust symmetrically with respect to the two plate surfaces, depending on the surface that touches the water bottom * 2. Anker volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de plaat aan of nabij het breedste gedeelte aan de beide zijden is , voorzien van afstandhouders, die de indringhoek van het puntige % uiteinde bepalen, wanneer de plaat op de waterbodem ligt· 20Anchor according to claim 1, characterized in that the plate is at or near the widest part on both sides, provided with spacers, which determine the angle of penetration of the pointed% end, when the plate lies on the water bottom · 20 3. Anker volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat de of elke naar het puntige uiteinde gerichte verbindingslijn afzonderlijk met de ankerlijn is verbonden, waarbij het verbindingspunt ten opzichte van dat van de beide andere verbindingslijnen* instelbaar is. 25Anchor according to claim 1 or 2, characterized in that the or each connecting line facing the pointed end is separately connected to the anchor line, the connection point being adjustable relative to that of the other two connecting lines *. 25 4. Anker volgens conclusie 3, met hef kenmerk, dat het verplaatsbare verbindingsmiddel met een afzonderlijke treklijn is verbonden, waarmede de stand ervan ten opzichte van de ankerlijn kan worden vastgelegd.Anchor as claimed in claim 3, characterized in that the movable connecting means is connected to a separate pulling line, with which its position relative to the anchor line can be fixed. 5« Anker volgens een van de conclusies 2..4, met .het 30 kenmerk, dat de afstandhouders in de verplaatsingszin gezien 8400890 - 8 - J' ^ A r gesloten zijn, en een afgeschuind oppervlak bezitten.Anchor as claimed in any of the claims 2..4, characterized in that the spacers are closed in the displacement sense and have a chamfered surface. 6* Anker volgens conclusie 5, met het kenmerk, dat de afstandhouders door plooien of golven in de plaat worden gevormd, waarvan de beschrijvenden althans in hoofdzaak naar het puntige 5 uiteinde zijn gericht. i . # 8400890Anchor as claimed in claim 5, characterized in that the spacers are formed in the plate by folds or waves, the descriptions of which are at least substantially directed towards the pointed end. i. # 8400890
NL8400890A 1984-03-21 1984-03-21 Marine anchor with pointed triangular plate and broad end - has three cables or chains secured near point on sides by swivel eyes and converging to cable or chain fixture NL8400890A (en)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL8400890A NL8400890A (en) 1984-03-21 1984-03-21 Marine anchor with pointed triangular plate and broad end - has three cables or chains secured near point on sides by swivel eyes and converging to cable or chain fixture

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL8400890 1984-03-21
NL8400890A NL8400890A (en) 1984-03-21 1984-03-21 Marine anchor with pointed triangular plate and broad end - has three cables or chains secured near point on sides by swivel eyes and converging to cable or chain fixture

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL8400890A true NL8400890A (en) 1985-10-16

Family

ID=19843680

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL8400890A NL8400890A (en) 1984-03-21 1984-03-21 Marine anchor with pointed triangular plate and broad end - has three cables or chains secured near point on sides by swivel eyes and converging to cable or chain fixture

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL8400890A (en)

Cited By (3)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US5640921A (en) * 1992-12-01 1997-06-24 Vrijhof Ankers Beheer B.V. Anchor fluke
NL2014650A (en) * 2015-04-16 2016-10-19 Stevlos Bv Anchor.
AU2023204710A1 (en) * 2022-07-17 2024-02-01 Preda, Dorin MR Plate anchor

Cited By (3)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US5640921A (en) * 1992-12-01 1997-06-24 Vrijhof Ankers Beheer B.V. Anchor fluke
NL2014650A (en) * 2015-04-16 2016-10-19 Stevlos Bv Anchor.
AU2023204710A1 (en) * 2022-07-17 2024-02-01 Preda, Dorin MR Plate anchor

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US4706595A (en) Anchor
CN1049265C (en) Improvements in ground anchors
US4173938A (en) Anchors and anchoring system
US4708309A (en) Supporting device having infinitely adjustable jibs
US4895094A (en) Fender hanger
NL8400890A (en) Marine anchor with pointed triangular plate and broad end - has three cables or chains secured near point on sides by swivel eyes and converging to cable or chain fixture
NL8202334A (en) DEVICE FOR MAINTAINING A FLOATING BODY IN PLACE WITH RESPECT TO ANOTHER BODY.
CN1210181C (en) Anchor with shank
EP0425497A1 (en) Marine anchor.
US6811456B2 (en) Wakeboard and kiteboard with curved fins and methods of use
US4195587A (en) Sheet cleat having movable gripping jaws
US6626123B1 (en) Bi-metal, light weight self penetrating boat anchor
US4280728A (en) Grab hook
NL9202083A (en) Anchor flow.
US4879830A (en) Trawl door
US4951413A (en) Trolling line depressor
NL193530C (en) Device for mooring a floating body, for example a ship, to a body anchored to the seabed.
NL1011629C2 (en) Method for positioning an excavating tool with respect to a vessel as well as a vessel with excavating tools.
US5008983A (en) Portable cleat
EP1462357B1 (en) Asymmetrical unballasted anchor
AU2005200544A1 (en) Marine Anchor
FI112461B (en) plate Anchor
AU604183B2 (en) Otter board
NZ538142A (en) Marine anchor including a double shank and a pair of fluke having a forwardly pointing tip
AU705801B2 (en) Otter board

Legal Events

Date Code Title Description
A1B A search report has been drawn up
BV The patent application has lapsed