[go: up one dir, main page]

NL2013165B1 - Heliostat system and method. - Google Patents

Heliostat system and method. Download PDF

Info

Publication number
NL2013165B1
NL2013165B1 NL2013165A NL2013165A NL2013165B1 NL 2013165 B1 NL2013165 B1 NL 2013165B1 NL 2013165 A NL2013165 A NL 2013165A NL 2013165 A NL2013165 A NL 2013165A NL 2013165 B1 NL2013165 B1 NL 2013165B1
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
mirror
vector
normal vector
earth
optical sensor
Prior art date
Application number
NL2013165A
Other languages
English (en)
Inventor
Cornelis Van Den Donker Pieter
Original Assignee
Cornelis Van Den Donker Pieter
Gerardus Marcellus Rosinga
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Cornelis Van Den Donker Pieter, Gerardus Marcellus Rosinga filed Critical Cornelis Van Den Donker Pieter
Priority to NL2013165A priority Critical patent/NL2013165B1/en
Priority to PCT/NL2015/050508 priority patent/WO2016007011A1/en
Application granted granted Critical
Publication of NL2013165B1 publication Critical patent/NL2013165B1/en

Links

Classifications

    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24SSOLAR HEAT COLLECTORS; SOLAR HEAT SYSTEMS
    • F24S30/00Arrangements for moving or orienting solar heat collector modules
    • F24S30/40Arrangements for moving or orienting solar heat collector modules for rotary movement
    • F24S30/45Arrangements for moving or orienting solar heat collector modules for rotary movement with two rotation axes
    • F24S30/452Vertical primary axis
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24SSOLAR HEAT COLLECTORS; SOLAR HEAT SYSTEMS
    • F24S50/00Arrangements for controlling solar heat collectors
    • F24S50/20Arrangements for controlling solar heat collectors for tracking
    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F24HEATING; RANGES; VENTILATING
    • F24SSOLAR HEAT COLLECTORS; SOLAR HEAT SYSTEMS
    • F24S50/00Arrangements for controlling solar heat collectors
    • F24S50/20Arrangements for controlling solar heat collectors for tracking
    • F24S2050/25Calibration means; Methods for initial positioning of solar concentrators or solar receivers
    • YGENERAL TAGGING OF NEW TECHNOLOGICAL DEVELOPMENTS; GENERAL TAGGING OF CROSS-SECTIONAL TECHNOLOGIES SPANNING OVER SEVERAL SECTIONS OF THE IPC; TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC CROSS-REFERENCE ART COLLECTIONS [XRACs] AND DIGESTS
    • Y02TECHNOLOGIES OR APPLICATIONS FOR MITIGATION OR ADAPTATION AGAINST CLIMATE CHANGE
    • Y02EREDUCTION OF GREENHOUSE GAS [GHG] EMISSIONS, RELATED TO ENERGY GENERATION, TRANSMISSION OR DISTRIBUTION
    • Y02E10/00Energy generation through renewable energy sources
    • Y02E10/40Solar thermal energy, e.g. solar towers
    • Y02E10/47Mountings or tracking

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Physics & Mathematics (AREA)
  • Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
  • Sustainable Development (AREA)
  • Sustainable Energy (AREA)
  • Thermal Sciences (AREA)
  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Combustion & Propulsion (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • General Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mounting And Adjusting Of Optical Elements (AREA)

Claims (25)

1. Heliostaatsysteem voor het reflecteren van inkomend zonlicht naar een doel, omvattende: een spiegel welke is voorzien van een spiegelnormaalvector welke loodrecht staat op een oppervlak van de spiegel of welke overeenkomt met een optische as van de spiegel; een actueereenheid voor het veranderen van de oriëntatie van de spiegel; een positiebepalingseenheid omvattende: een zonpositiebepalingseenheid voor het bepalen van een positie van de zon; een azimuthoekberekeningseenheid voor het berekenen van een azimuthoek van de spiegelnormaalvector; en een zenithoekberekeningseenheid voor het berekenen van een zenithoek van de spiegelnormaalvector; een verschilberekeningseenheid voor het berekenen van een verschil tussen een gewenste en berekende azimut- en zenithoek van de spiegelnormaalvector gebaseerd op de bepaalde positie van de zon en de positie van het doel; een besturingseenheid voor het besturen van de actueereenheid in afhankelijkheid van het berekende verschil; met het kenmerk, dat de heliostaat verder omvat: een driedimensionale versnelling sensor welke vast is verbonden met de spiegel voor het meten van een richting van het zwaartekrachtveld van de aarde relatief tot een coördinatensysteem van de versnellingsensor; een optische sensor en apertuur, vast verbonden aan de spiegel, waarbij de genoemde optische sensor een optisch oppervlak heeft en een optische sensor normaalvector welke loodrecht is ingericht op het optische oppervlak; waarbij de zenithoekberekeningseenheid is ingericht voor het berekenen van de zenithoek gebruik makende van de gemeten richting van het zwaartekrachtveld van de aarde en waarbij de azimuthoekberekeningseenheid is ingericht voor het berekenen van de azimuthoek gebruik makende van de gemeten richting van het zwaartekrachtveld van de aarde en een positie van een spot zonlicht gevormd door de apertuur op het optische oppervlak.
2. Heliostaat volgens conclusie 1, verder omvattende een geheugen voor het vasthouden van een eerste kalibratie, waarbij de genoemde eerste kalibratie een weergave omvat van de spiegelnormaalvector in het coördinatensysteem van de versnellingsensor, waarbij de zenithoekberekeningseenheid is ingericht voor het bepalen van de zenithoek gebaseerd op de weergave van de spiegelnormaalvector en de gemeten richting van het zwaartekrachtveld van de aarde.
3. Heliostaat volgens conclusie 2, waarbij de eerste kalibratie is opgebouwd door: het plaatsen van een spiegel zodanig dat de spiegelnormaalvector horizontaal is met betrekking tot het zwaartekrachtveld van de aarde; het uitvoeren van een eerste vectormeting van het zwaartekrachtveld van de aarde gebruik makende van de versnellingsensor; het draaien van de spiegel om de spiegelnormaalvector zodanig dat een verschillende oriëntatie van de spiegel wordt verkregen; het uitvoeren van een tweede vectormeting van het zwaartekrachtveld van de aarde gebruik makende van de versnellingsensor; het bepalen van de weergave van de spiegelnormaalvector gebaseerd op een vectorproduct van de eerste en tweede vectormetingen.
4. Heliostaat volgens conclusie 2, waarbij de eerste kalibratie is opgebouwd door: het plaatsen van de spiegel zodanig dat de spiegelnormaalvector parallel is met betrekking tot het zwaartekrachtveld van de aarde; het uitvoeren van een vectormeting van het zwaartekrachtveld van de aarde gebruik makende van de versnellingsensor; het bepalen van de weergave van de spiegelnormaalvector gebaseerd op deze vectormeting.
5. Heliostaat volgens één van de conclusies 2-4, waarbij de azimuthoekberekeningseenheid is ingericht voor het bepalen van de azimuthoek van de spiegelnormaalvector gebruik makende van een azimuthoek welke overeenkomt met de bepaalde zonpositie en een berekend verschil tussen een azimuthoek van de spiegelnormaalvector en de azimuthoek welke overeenkomt met de bepaalde zonpositie, waarbij de azimuthoekberekeningseenheid is ingericht voor het berekenen van het genoemde verschil gebruik makende van een spot zonlicht welke is gegenereerd door de apertuur op het optische oppervlak.
6. Heliostaat volgens conclusie 5, waarbij de optische sensor is ingericht voor het bepalen, relatief tot een coördinatensysteem van de optische sensor: een eerste positie van de zon gebruik makende van een spot zonlicht welke is gegenereerd door de apertuur op het optische oppervlak; een tweede positie op het optische oppervlak welke overeenkomt met licht welke naar de optische sensor zou zijn gezonden indien een lichtbron geplaatst zou zijn geweest op een lijn welke overeenkomt met de spiegelnormaalvector; een derde positie op het optische oppervlak welke overeenkomt met licht welke naar de optische sensor zou zijn gezonden indien een lichtbron geplaatst zou zijn geweest op een lijn welke overeenkomt met de optische sensor normaalvector; waarbij het geheugen verder omvat een tweede kalibratie welke een weergave omvat van een horizontale randvector van het optische oppervlak in het coördinatensysteem van de versnellingsensor, een weergave van de optische sensor normaalvector in het coördinatensysteem van de versnellingsensor, en een waarde voor een afstand tussen de apertuur en het optische oppervlak; waarbij de azimuthoekberekeningseenheid is ingericht voor het bepalen van de azimuthoek van de spiegelnormaalvector gebaseerd op de eerste, tweede en derde positie, en de genoemde eerste en tweede kalibratie.
7. Heliostaat volgens conclusie 6, waarbij de tweede kalibratie is opgebouwd gebruik makende van de stappen van: het uitrichten van de optische sensor normaalvector horizontaal met betrekking tot het zwaartekrachtveld van de aarde; het uitvoeren van een derde vectormeting van het zwaartekrachtveld van de aarde gebruik makende van de versnellingsensor; het roteren van de optische sensor om de optische sensor normaalvector zodanig dat een verschillende oriëntatie van de optische sensor wordt verkregen; het uitvoeren van een vierde vectormeting van het zwaartekrachtveld van de aarde gebruik makende van de versnellingsensor; het bepalen van de weergave van de optische sensor normaalvector gebaseerd op een vectorproduct van de derde en vierde vectormetingen.
8. Heliostaat volgens conclusie 7, waarbij het horizontaal plaatsen van de optische sensor normaalvector omvat: het vast verbinden van de apertuur aan de samenstelling van de versnellingsensor en de optische sensor, indien niet verbonden; het verschaffen van een lichtbron welke licht uitzendt op een horizontaal pad met betrekking tot het zwaartekrachtveld van de aarde naar de optische sensor; het oriënteren van de optische sensor zodanig dat licht welke wordt gereflecteerd door de optische sensor het horizontale pad terug volgt.
9. Heliostaat volgens conclusie 6, waarbij de tweede kalibratie is opgebouwd gebruik makende van de stappen van: het uitrichten van de optische sensor normaalvector verticaal met betrekking tot het zwaartekrachtveld van de aarde; het uitvoeren van een vectormeting van het zwaartekrachtveld van de aarde gebruik makende van de versnellingssensor; het bepalen van de weergave van de optische sensor normaalvector gebaseerd op deze vectormeting.
10. Heliostaat volgens één van de conclusies 6-9, waarbij de tweede kalibratie is opgebouwd gebruik makende van de stappen van: het plaatsen van de horizontale randvector van het optische oppervlak horizontaal met betrekking tot het zwaartekrachtveld van de aarde; het uitvoeren van een vijfde vectormeting van het zwaartekrachtveld van de aarde gebruik makende van de versnellingsensor; het roteren van het optische oppervlak om de horizontale randvector zodanig dat een verschillende oriëntatie van de optische sensor wordt verkregen; het uitvoeren van een zesde vectormeting van het zwaartekrachtveld van de aarde gebruik makende van de versnellingsensor; het bepalen van de weergave van de horizontale randvector van het optische oppervlak gebaseerd op een vectorproduct van de vijfde en zesde meting.
11. Heliostaat volgens conclusie 10, waarbij het genoemde horizontaal plaatsen van de horizontale randvector van het optische oppervlak omvat: het vast verbinden van de apertuur met de samenstelling van de versnellingsensor en de optische sensor, indien niet verbonden; het verschaffen van ten minste twee lichtbronnen welke horizontaal geplaatst zijn met betrekking tot het zwaartekrachtveld van de aarde; het opnemen van spots van licht welke zijn gegenereerd door de apertuur op het optische oppervlak welke overeenkomen met de ten minste twee lichtbronnen; het oriënteren van de optische sensor zodanig dat de spots van licht worden gepositioneerd op een lijn welke parallel loopt aan de horizontale randvector.
12. Heliostaat volgens één van de conclusies 6-11, waarbij de genoemde tweede kalibratie is opgebouwd gebruik makende van de verdere stappen van: het vast verbinden van de apertuur met de samenstelling van de versnellingsensor en de optische sensor, indien niet verbonden; het plaatsen van een lichtbron op een lijn welke overeenkomt met de optische sensor normaalvector en het meten van de vierde positie van een spot van licht op het optische oppervlak welke wordt gegenereerd door die lichtbron gebruik makende van de apertuur; het plaatsen van een lichtbron op een bekende positie welke niet op de lijn ligt welke overeenkomt met de optische sensor normaalvector en het meten van een vijfde positie van een spot van licht op het optische oppervlak welke wordt gegenereerd door die lichtbron gebruik makende van de apertuur, het berekenen van de afstand tussen het optische oppervlak en de apertuur gebaseerd op een verschil tussen de vierde en vijfde positie en de bekende positie.
13. Heliostaat volgens één van de conclusies 6-12, waarbij de azimuthoekberekeningseenheid verder is ingericht voor het corrigeren van de eerste, tweede en derde positie voor een verschil tussen de daadwerkelijke oriëntatie van het optische oppervlak en een oriëntatie van het optische oppervlak in welke de horizontale randvector horizontaal is met betrekking tot het zwaartekrachtveld van de aarde gebruik makende van de tweede kalibratie en de meting van het zwaartekrachtveld van de aarde.
14. Heliostaat volgens conclusie 13, waarbij de azimuthoekberekeningseenheid is ingericht voor het verschuiven van het coördinatensysteem van de optische sensor zodanig dat de derde positie bij de oorsprong van het verschoven coördinatensysteem is, en voor het roteren van het verschoven coördinatensysteem om de oorsprong van het verschoven coördinatensysteem door een hoek tussen de horizontale randvector en een vectorproduct van het gemeten zwaartekrachtveld van de aarde en de optische sensor normaalvector, waarbij de gecorrigeerde eerste, tweede en derde posities overeenkomen respectievelijk met de eerste, tweede en derde posities in het geroteerde verschoven coördinatensysteem van de optische sensor.
15. Heliostaat volgens conclusie 13 of 14, waarbij de azimuthoekberekeningseenheid verder is ingericht voor het bepalen van de azimuthoek gebruik makende van de afstand tussen de apertuur en het optische oppervlak, de gecorrigeerde eerste positie, en een afstand tussen de gecorrigeerde eerste positie en de gecorrigeerde tweede positie langs een lijn op het optische oppervlak door de oorsprong en welke overeenkomt met een lijn horizontaal met betrekking tot het zwaartekrachtveld van de aarde.
16. Heliostaat volgens één van de conclusies 6-15, waarbij de zonpositie bepalingseenheid is ingericht voor het bepalen van de positie van de zon, gebruik makende van de gecorrigeerde eerste, tweede en derde positie, en de eerste en tweede kalibratie.
17. Heliostaat volgens conclusie 15 en 16, waarbij de zonbepalingseenheid is ingericht voor het bepalen van een eerste vector welke is uitgedrukt in het coördinatensysteem van de versnellingsensor, waarbij de genoemde eerste vector een eerste component heeft in een richting welke overeenkomt met een vectorproduct van de optische sensor normaalvector en de horizontale randvector, en een tweede component welke overeenkomt met de horizontale randvector, waarbij de lengte van de eerste component overeenkomt met de verticale component van de gecorrigeerde eerste positie en waarbij de lengte van de tweede component overeenkomt met de horizontale component van de gecorrigeerde eerste positie, waarbij de genoemde zonpositie bepalingseenheid verder is ingericht voor het bij de optische sensor normaalvector optellen van de eerste vector om een vector te vinden welke een richting naar de zon voorstelt in het coördinatensysteem van de versnellingsensor, waarbij de zonpositie bepalingseenheid is ingericht voor het bepalen van een zenithoek welke overeenkomt met de positie van de zon gebruik makende van het scalaproduct van de vector welke de richting naar de zon aangeeft en het gemeten zwaartekrachtveld van de aarde en voor het bepalen van een azimuthoek welke overeenkomt met de positie van de zon gebruik makende van de astronomische modellen of efemeriden.
18. Heliostaat volgens één van de conclusies 6-17, waarbij de zonpositiebepalingseenheid verder is ingericht voor het bepalen van de positie van de zon gebruik makende van astronomische modellen of efemeriden.
19. Heliostaat volgens één van de voorgaande conclusies, verder omvattende een driedimensionale magnetische sensor, welke vast is verbonden aan de spiegel, en welke is ingericht voor het meten van de richting van het magnetische veld van de aarde, waarbij de azimuthoekberekeningseenheid is ingericht voor het bepalen van de azimuthoek gebruik makende van de gemeten richting van het magnetische veld van de aarde en gebruik makende van de lokale waarde van de magnetische declinatie.
20. Heliostaat volgens conclusie 19, waarbij de azimuthoekberekeningseenheid is ingericht om: een eerste horizontale projectie te berekenen van de gemeten richting van het magnetisch veld van de aarde met betrekking tot het zwaartekrachtveld van de aarde; een tweede horizontale projectie te berekenen van de spiegelnormaalvector met betrekking tot het zwaartekrachtveld van de aarde; de azimuthoek te berekenen gebruik makende van een verschil in hoek tussen de eerste en tweede horizontale projecties.
21. Heliostaat volgens conclusie 19 of 20, waarbij de besturingseenheid is ingericht voor het bepalen of er wel of geen zonlicht wordt geblokkeerd om de optische sensor te bereiken, en: indien zonlicht niet wordt geblokkeerd, het zonlicht te gebruiken voor het bepalen van de azimuthoek van de spiegelnormaalvector in overeenstemming met een van de conclusies 6-18; indien zonlicht wordt geblokkeerd, de magnetische sensor te gebruiken voor het bepalen van de azimuthoek van de spiegelnormaalvector in overeenstemming met één van de conclusies 19-20.
22. Werkwijze voor het reflecteren van inkomend zonlicht naar een doel, omvattende: het verschaffen van een spiegel, welke een spiegelnormaalvector heeft loodrecht op een oppervlak van de spiegel of overeenkomend met een optische as van de spiegel; het bepalen van een positie van de zon; het berekenen van een azimuthoek van de spiegelnormaalvector; het berekenen van de zenithoek van de spiegelnormaalvector; het berekenen van een verschil tussen een gewenste en berekende azimut- en zenithoek van de spiegelnormaalvector gebaseerd op de bepaalde positie van de zon en de positie van het doel; het besturen van een oriëntatie van de spiegel in afhankelijkheid van het berekende verschil; gekenmerkt door het meten van een richting van het zwaartekrachtveld van de aarde gebruik makende van een driedimensionale versnelling sensor welke vast is verbonden aan de spiegel relatief tot een coördinatensysteem van de versnellingsensor; het verschaffen van een optische sensor en apertuur, vast verbonden aan de spiegel, waarbij de genoemde optische sensor een optisch oppervlak heeft en een optische sensor normaalvector loodrecht geplaatst op het optische oppervlak; waarbij het genoemde berekenen van de zenithoek het berekenen omvat van de zenithoek gebruik makende van de gemeten richting van het zwaartekrachtveld van de aarde; waarbij het genoemde berekenen van de azimuthoek het berekenen omvat van de azimuthoek gebruik makende van de gemeten richting van het zwaartekrachtveld van de aarde en de positie van een spot van zonlicht gevormd door de apertuur op het optische oppervlak.
23. Werkwijze volgens conclusie 22, verder omvattende het vasthouden van een eerste kalibratie in een geheugen, waarbij de genoemde eerste kalibratie een weergave omvat van de spiegelnormaalvector in het coördinatensysteem van de versnellingsensor, waarbij de werkwijze verder omvat het bepalen van de zenithoek gebaseerd op de weergave van de spiegelnormaalvector en de gemeten richting van het zwaartekrachtveld van de aarde.
24. Werkwijze volgens conclusie 23, verder omvattende het bepalen van de azimuthoek van de spiegelnormaalvector gebruik makende van een azimuthoek welke overeenkomt met de bepaalde zonpositie en het berekende verschil tussen de azimuthoek van de spiegelnormaalvector en de azimuthoek welke overeenkomt met de bepaalde zonpositie, waarbij het genoemde verschil wordt berekend gebruik makende van een spot van zonlicht gegenereerd door de apertuur op het optische oppervlak.
25. Werkwijze volgens conclusie 24, verder omvattende het bepalen, relatief tot een coördinatensysteem van de optische sensor: een eerste positie van de zon gebruik makende van een spot van zonlicht gegenereerd door de apertuur op het optische oppervlak; een tweede positie op het optische oppervlak welke overeenkomt met licht welke verzonden zou zijn geweest naar de optische sensor indien een lichtbron geplaatst zou zijn geweest op een lijn welke overeenkomt met de spiegelnormaalvector; een derde positie op het optische oppervlak welke overeenkomt met licht welke verzonden zou zijn geweest naar de optische sensor indien een lichtbron geplaatst zou zijn geweest op een lijn welke overeenkomt met de optische sensor normaalvector; waarbij de werkwijze verder omvat het vasthouden van een tweede kalibratie in het genoemde geheugen welke omvat een weergave van een horizontale randvector van het optische oppervlak in het coördinatensysteem van de versnellingsensor, een weergave van de optische sensor normaalvector in het coördinatensysteem van de versnellingsensor, en een waarde voor een afstand tussen de apertuur en het optische oppervlak; en het bepalen van de azimuthoek van de spiegelnormaalvector gebaseerd op de eerste, tweede en derde positie, en de genoemde eerste en tweede kalibratie.
NL2013165A 2014-07-10 2014-07-10 Heliostat system and method. NL2013165B1 (en)

Priority Applications (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2013165A NL2013165B1 (en) 2014-07-10 2014-07-10 Heliostat system and method.
PCT/NL2015/050508 WO2016007011A1 (en) 2014-07-10 2015-07-10 Heliostat system and method

Applications Claiming Priority (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2013165A NL2013165B1 (en) 2014-07-10 2014-07-10 Heliostat system and method.

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2013165B1 true NL2013165B1 (en) 2016-08-16

Family

ID=53773479

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2013165A NL2013165B1 (en) 2014-07-10 2014-07-10 Heliostat system and method.

Country Status (2)

Country Link
NL (1) NL2013165B1 (nl)
WO (1) WO2016007011A1 (nl)

Family Cites Families (3)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US20110030672A1 (en) * 2006-07-14 2011-02-10 Olsson Mark S Solar Collection Apparatus and Methods Using Accelerometers and Magnetics Sensors
US20110000478A1 (en) 2009-07-02 2011-01-06 Dan Reznik Camera-based heliostat tracking controller
US9231141B2 (en) * 2012-12-14 2016-01-05 International Business Machines Corporation Controlling a solar tracking system

Also Published As

Publication number Publication date
WO2016007011A1 (en) 2016-01-14

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US7994459B2 (en) Camera-based heliostat calibration with artificial light sources
US9182470B2 (en) Inclinometer for a solar array and associated systems, methods, and computer program products
Chen et al. Non-imaging, focusing heliostat
CN101918769B (zh) 一种中央塔式接收器太阳能发电厂中的定日镜定标和跟踪控制
US20180299264A1 (en) Heliostat characterization using starlight
JP5098678B2 (ja) 太陽追尾装置および太陽追尾装置の追尾方法
US20130021471A1 (en) Reflective Surface Orientating with Multiple View Ports
CN108139115B (zh) 用于定日镜的校准方法
CN107678448A (zh) 一种基于天体图像的追日校正系统及其方法
US20110317876A1 (en) Optical Control System for Heliostats
US10700634B2 (en) Mechanical solar tracker
CN102354224A (zh) 基于人造光源的日光反射装置校正系统及校正方法
KR102030963B1 (ko) 천측력을 이용한 태양광 추적장치
EP2534431A2 (en) Scalable and rapidly deployable master-slave method and apparatus for distributed tracking solar collector and other applications
AU2013212133B2 (en) Compound optical proxy for sensing and pointing of light sources
ES2656066T3 (es) Instalación concentradora de radiación cósmica equipada con un sistema de control de superficie óptica reflectante
NL2013165B1 (en) Heliostat system and method.
ES2423906A1 (es) Sistema para el posicionamiento de una superficie reflectante respecto del sol mediante el uso de un sensor solar en la luz reflejada
Oh et al. Development of an embedded solar tracker for the enhancement of solar energy utilization
WO2019060959A1 (en) METHOD, SYSTEM AND APPARATUS FOR COLLECTING AND CONCENTRATING RADIANT ENERGY FROM A SOURCE
Vician et al. Determination of optimal position of solar trough collector
Chong et al. Open-loop azimuth-elevation sun-tracking system using on-axis general sun-tracking formula for achieving tracking accuracy of below 1 mrad
JP2012252299A (ja) ヘリオスタットシステム
Lombard et al. Practical challenges to calibrate a heliostat with a multi-copter
Villasante et al. Scalable heliostat calibration system (SHORT): design, validation, and implementation analysis

Legal Events

Date Code Title Description
MM Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20170801