[go: up one dir, main page]

NL2006891C2 - Samenstel, inrichting, systeem en werkwijze voor het in- en uitschakelen van persoonlijke verlichting. - Google Patents

Samenstel, inrichting, systeem en werkwijze voor het in- en uitschakelen van persoonlijke verlichting. Download PDF

Info

Publication number
NL2006891C2
NL2006891C2 NL2006891A NL2006891A NL2006891C2 NL 2006891 C2 NL2006891 C2 NL 2006891C2 NL 2006891 A NL2006891 A NL 2006891A NL 2006891 A NL2006891 A NL 2006891A NL 2006891 C2 NL2006891 C2 NL 2006891C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
lighting
unit
lighting device
command signal
communication unit
Prior art date
Application number
NL2006891A
Other languages
English (en)
Inventor
Gilbertus Franciscus Gooijers
Original Assignee
Clubmessage B V
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Clubmessage B V filed Critical Clubmessage B V
Priority to NL2006891A priority Critical patent/NL2006891C2/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL2006891C2 publication Critical patent/NL2006891C2/nl

Links

Classifications

    • HELECTRICITY
    • H05ELECTRIC TECHNIQUES NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • H05BELECTRIC HEATING; ELECTRIC LIGHT SOURCES NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; CIRCUIT ARRANGEMENTS FOR ELECTRIC LIGHT SOURCES, IN GENERAL
    • H05B47/00Circuit arrangements for operating light sources in general, i.e. where the type of light source is not relevant
    • H05B47/10Controlling the light source
    • H05B47/165Controlling the light source following a pre-assigned programmed sequence; Logic control [LC]
    • HELECTRICITY
    • H04ELECTRIC COMMUNICATION TECHNIQUE
    • H04MTELEPHONIC COMMUNICATION
    • H04M1/00Substation equipment, e.g. for use by subscribers
    • H04M1/72Mobile telephones; Cordless telephones, i.e. devices for establishing wireless links to base stations without route selection
    • H04M1/724User interfaces specially adapted for cordless or mobile telephones
    • H04M1/72403User interfaces specially adapted for cordless or mobile telephones with means for local support of applications that increase the functionality
    • H04M1/72409User interfaces specially adapted for cordless or mobile telephones with means for local support of applications that increase the functionality by interfacing with external accessories
    • HELECTRICITY
    • H05ELECTRIC TECHNIQUES NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • H05BELECTRIC HEATING; ELECTRIC LIGHT SOURCES NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; CIRCUIT ARRANGEMENTS FOR ELECTRIC LIGHT SOURCES, IN GENERAL
    • H05B47/00Circuit arrangements for operating light sources in general, i.e. where the type of light source is not relevant
    • H05B47/10Controlling the light source
    • H05B47/175Controlling the light source by remote control
    • H05B47/19Controlling the light source by remote control via wireless transmission
    • HELECTRICITY
    • H05ELECTRIC TECHNIQUES NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • H05BELECTRIC HEATING; ELECTRIC LIGHT SOURCES NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; CIRCUIT ARRANGEMENTS FOR ELECTRIC LIGHT SOURCES, IN GENERAL
    • H05B47/00Circuit arrangements for operating light sources in general, i.e. where the type of light source is not relevant
    • H05B47/10Controlling the light source
    • H05B47/175Controlling the light source by remote control
    • H05B47/196Controlling the light source by remote control characterised by user interface arrangements
    • H05B47/1965Controlling the light source by remote control characterised by user interface arrangements using handheld communication devices
    • HELECTRICITY
    • H04ELECTRIC COMMUNICATION TECHNIQUE
    • H04MTELEPHONIC COMMUNICATION
    • H04M1/00Substation equipment, e.g. for use by subscribers
    • H04M1/72Mobile telephones; Cordless telephones, i.e. devices for establishing wireless links to base stations without route selection
    • H04M1/724User interfaces specially adapted for cordless or mobile telephones
    • H04M1/72403User interfaces specially adapted for cordless or mobile telephones with means for local support of applications that increase the functionality
    • H04M1/72409User interfaces specially adapted for cordless or mobile telephones with means for local support of applications that increase the functionality by interfacing with external accessories
    • H04M1/72412User interfaces specially adapted for cordless or mobile telephones with means for local support of applications that increase the functionality by interfacing with external accessories using two-way short-range wireless interfaces
    • HELECTRICITY
    • H05ELECTRIC TECHNIQUES NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • H05BELECTRIC HEATING; ELECTRIC LIGHT SOURCES NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; CIRCUIT ARRANGEMENTS FOR ELECTRIC LIGHT SOURCES, IN GENERAL
    • H05B45/00Circuit arrangements for operating light-emitting diodes [LED]

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Computer Networks & Wireless Communication (AREA)
  • Human Computer Interaction (AREA)
  • Signal Processing (AREA)
  • Circuit Arrangement For Electric Light Sources In General (AREA)

Description

SAMENSTEL, INRICHTING, SYSTEEM EN WERKWIJZE VOOR HET IN- EN
UITSCHAKELEN VAN PERSOONLIJKE VERLICHTING
De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een 5 samenstel, inrichting, systeem en werkwijze voor het inschakelen en uitschakelen van persoonlijke verlichting.
Voor het verhogen van de beleving van bezoekers van een discotheek of een festivalterrein zijn apparaten bekend die door de bezoekers worden gedragen en die voorzien 10 zijn van een aantal knipperende LED lampjes. De apparaten kunnen zijn geïntegreerd met een armband of met een ander op of aan het lichaam van de gebruiker gedragen product. De apparaten van de verschillende bezoekers ondersteunen de door de bezoekers ervaren visuele beleving.
15 Een bezwaar van de bekende apparaten is dat er geen coördinatie is tussen het knipperen van de LED lampen van de draagbare apparaten van verschillende gebruikers. De timing (bijvoorbeeld het ritme waarmee en de tijdstippen waarop de lampen aan en uitgaan) van de apparaten behorende 20 bij verschillende gebruikers verschilt over het algemeen.
Naast het ontbreken van coördinatie tussen de apparaten van verschillende gebruikers ontbreekt ook de aanpassing van de door de apparaten gegenereerde lichteffecten aan de op dat moment ten gehore gebrachte 25 muziek.
Het is een doel van de uitvinding een inrichting, samenstel, systeem en werkwijze te verschaffen waarin de bovengenoemde bezwaren ten minste gedeeltelijk zijn ondervangen.
30 Het is een verder doel van de uitvinding een inrichting, samenstel, systeem en werkwijze te verschaffen 2 waarmee interactie tussen de verschillende gebruikers mogelijk is.
Het is nog een doel van de uitvinding een inrichting, samenstel, systeem en werkwijze te verschaffen 5 waarmee voor een of meer gebruikers in een ruimte of gebied een lichtshow gerealiseerd kan worden.
Het is nog een doel van de uitvinding een inrichting, samenstel, systeem en werkwijze te verschaffen waarin de persoonlijke verlichting van een of meer 10 verschillende gebruikers centraal aangestuurd wordt.
Het is nog een doel van de uitvinding een inrichting, samenstel, systeem en werkwijze te verschaffen waarin de persoonlijke verlichting van verschillende gebruikers gecoördineerd aangestuurd wordt.
15 Om ten minste een van de doelen geheel of gedeeltelijk te bereiken wordt volgens een eerste aspect van de uitvinding een samenstel voor het aansturen van persoonlijke verlichting verschaft, het samenstel omvattende: 20 - een mobiele communicatie-eenheid die is ingericht voor het via een draadloze telecommunicatieverbinding ontvangen van een instructiesignaal afkomstig van een instructie-eenheid en voor het versturen van een verlichtingscommandosignaal, waarbij de communicatie-eenheid 25 een regelelement omvat voor het uit het instructiesignaal genereren van een verlichtingscommandosignaal; - een verlichtingsinrichting omvattende: - een ontvanger voor het ontvangen van het verlichtingscommandosignaal; 30 - een verlichtingseenheid, omvattende een of meer verlichtingselementen; 3 - een met de ontvanger en verlichtingseenheid gekoppelde regeleenheid voor het aansturen van de verlichtingseenheid, waarbij de regeleenheid is ingericht voor het uit het verlichtingscommandosignaal bepalen van een 5 starttijd en voor het op de starttijd aansturen van de verlichtingseenheid.
De mobiele communicatie-eenheid en/of de verlichtingsinrichting kan hierbij een opslagmedium omvatten voor het vooraf opslaan van een aantal timingprogramma's 10 waarmee de verlichtingselementen aanstuurbaar, in het bijzonder in- en uitschakelbaar, zijn. Het verlichtingscommandosignaal kan timingprogrammaselectiegegevens omvatten en de regeleenheid en/of het regelelement kunnen zijn ingericht om op basis van de timingprogrammaselectiegegevens 15 een timingprogramma uit het aantal opgeslagen timingprogramma's te selecteren en vervolgens de verlichtingselementen conform het geselecteerde timingprogramma aan te sturen.
Met aansturing kan worden bedoeld het inschakelen 20 van de verlichtingseenheid. In andere uitvoeringen brengt het aansturen juist het uitschakelen van de verlichtingseenheid met zich mee. Meer algemeen kan met aansturing ook bedoeld worden het doen toenemen resp. doen afnemen (bijv. dimmen) van de verlichtingssterkte (d.w.z. de 25 lichtintensiteit) van de verlichtingseenheid. Bij het doen afnemen van de verlichtingssterkte behoeft het niet zo te zijn dat de verlichtingssterkte tot nul gereduceerd wordt en bij het doen toenemen van de verlichtingssterkte is het niet nodig dat deze tot een maximale waarde toeneemt. Als 30 alternatief voor of in aanvulling op de hierboven beschreven uitvoeringen kan aansturing ook betekenen het veranderen van de kleur van het afgegeven licht. Van belang is dat het voor 4 de gebruikers en/of omstanders duidelijk is dat er zich een verandering van de (lichtsterkte en/of kleur van de) verlichting is opgetreden.
De verlichtingsinrichtingen krijgen instructies 5 via de mobiele communicatie-eenheid, die zijn instructies gekregen heeft via het draadloze telecommunicatienetwerk zodat het relatief eenvoudig is om verlichtingsinrichtingen behorend bij verschillende personen te bereiken om op een gecoördineerde wijze de verlichtingselementen in en uit te 10 kunnen schakelen.
Volgens een uitvoering is de mobiele communicatie-eenheid een mobiele telefoon en/of omvat de telecommunicatieverbinding een elektronisch netwerk voor mobiele telefonie. Door gebruik te maken van de bestaande 15 telecommmunicatie-infrastructuur kan de aansturing op eenvoudige wijze gerealiseerd worden, zonder daarbij ingrijpende technische maatregelen te behoeven te nemen.
Zoals eerder reeds is vermeld, kan volgens uitvoeringen van de uitvinding het aansturen het verhogen of 20 verlagen van de lichtsterkte van één of meer van de verlichtingselementen of, in bepaalde uitvoeringen, het in-en/of uitschakelen van de een of meer van de verlichtingselementen van de verlichtingseenheid, omvatten. In bepaalde uitvoeringen worden alle verlichtingselementen 25 op het starttijdstip ingeschakeld althans laat men de verlichtingssterkte vanaf dat tijdstip toenemen, in een andere uitvoering worden de verlichtingselementen juist uitgeschakeld of laat men de lichtsterkte juist kleiner worden, in nog andere uitvoeringen gebeurt dit slechts bij 30 een deel van de verlichtingselementen. De aansturing kan gelden voor de verlichtingselementen van een 5 verlichtingsinrichting als groep, maar het is ook mogelijk de verlichtingselementen individueel aan te sturen.
Volgens een uitvoering is de verlichtingsinrichting losmaakbaar aan de mobiele communicatie-eenheid 5 te koppelen. Door de inrichting fysiek te koppelen aan de communicatie-eenheid, bijvoorbeeld door deze aan elkaar vast te hechten of door beide in een gezamenlijke hoes aan te brengen, wordt een handzaam en weinig ruimte innemend samenstel verschaft. In andere uitvoeringen, bijvoorbeeld 10 uitvoeringen waarin er een draadloze (in plaats van een bedrade) verbinding is tussen de verlichtingsinrichting en de mobiele communicatie-eenheid, kan de verlichtingsinrichting los van de communicatie-eenheid (maar wel in de buurt daarvan om de draadloze verbinding te behouden) 15 blijven.
Wanneer in de vooraf gedefinieerde ruimte of het gebied (bijv. de discotheek) twee of meer verlichtingsinrichtingen aanwezig zijn, is het mogelijk om de inrichtingen in een gewenst onderling verband, 20 bijvoorbeeld synchroon ten opzichte van elkaar, te laten knipperen. Om voor dit gewenste onderlinge verband te zorgen wordt in een verdere uitvoering van de uitvinding de regeleenheid en/of regelelement ingericht voor het synchroniseren van een klok van de regeleenheid en/of van de 25 mobiele telecommunicatie-eenheid met een via de telecommunicatieverbinding bereikbare externe klok. Als voorbeeld kan hierbij fungeren de elektronische klok van de mobiele communicatie-eenheid en/of de elektronische klok van het telecommunicatienetwerk waarmee de mobiele communicatie-30 eenheid in verbinding staat althans verbinding mee kan opnemen. In andere uitvoeringen vindt de synchronisatie 6 plaats via het zogenaamde Network Time Protocol (NTP) of een soortgelijk protocol.
Volgens een uitvoeringsvorm omvat de mobiele communicatie-eenheid een regelelement en zijn het 5 regelelement van de communicatie-eenheid en/of de regeleenheid van de verlichtingsinrichting ingericht om in hoofdzaak synchroon de verlichtingselementen van een of meer andere verlichtingsinrichtingen aan te sturen. De regeleenheid of het regelelement kan bijvoorbeeld zodanig 10 zijn uitgevoerd, dat (een deel van) de verlichtingseenheden behorende bij verschillende communicatie-eenheden in hoofdzaak tegelijkertijd aan en uit knipperen. Hierdoor is het mogelijk met een aantal van de genoemde inrichtingen een lichtshow van knipperende verlichtingseenheden te 15 realiseren.
In een bepaalde uitvoering omvat het verlichtings-commandosignaal starttijdgegevens die representatief zijn voor de beoogde starttijd van het aansturen, in het bijzonder inschakelen, van de verlichtingselementen. In een 20 verdere uitvoering omvat het verlichtingscommandosignaal timinggegevens die representatief zijn voor de timing van het afwisselend in- en uitschakelen van de een of meer verlichtingselementen. De timinggegevens omvatten bijvoorbeeld een reeks in- en uitschakeltijdstippen waarmee 25 de een of meer van de verlichtingselementen respectievelijk worden in- en uitgeschakeld. Deze tijdstippen bepalen bijvoorbeeld een bepaald ritme waarmee de verlichtingselementen aan en uit knipperen.
Volgens een verdere uitvoering omvat de 30 verlichtingsinrichting een opslagmedium voor het vooraf opslaan van een aantal timingprogramma's waarmee de verlichtingselementen in- en uitgeschakeld kunnen worden.
7 een dergelijk opslagmedium kan ook zijn voorzien op de mobiele communicatie-eenheid. Het verlichtingscommando-signaal kan timingprogrammaselectiegegevens omvatten. Deze gegevens zijn dan door de regeleenheid en/of door het 5 regelelement te gebruiken om één van de opgeslagen timingprogramma's te selecteren en vervolgens de verlichtingselementen conform het geselecteerde timingprogramma aan te sturen. In uitvoeringsvormen van de uitvinding vindt aansturing plaats door middel van het 10 regelelement van de mobiele telefoon (die bijvoorbeeld met behulp van een gedownload computerprogramma is geprogrammeerd), de regeleenheid van de verlichtingsinrichting zelf of door zowel het regelelement als de regeleenheid. In bepaalde verdere uitvoeringen van de 15 uitvinding wordt gebruik gemaakt van een aantal vooraf gedefinieerde en op het opslagmedium opgeslagen timingprogramma's of timingpatronen. Het verschil met een eerder genoemde uitvoering is dat in de onderhavige uitvoering gebruikt gemaakt van een aantal vaste 20 timingprogramma's. Dit reduceert de benodigde informatie-inhoud van het verlichtingscommandosignaal en maakt de communicatie met de regeleenheid eenvoudig en snel. Bezwaar is uiteraard wel dat er slechts gekozen kan worden uit een beperkt) aantal vooraf opgeslagen timingprogramma's. De 25 uitvoeringsvorm waarin het verlichtingscommandosignaal de gegevens omvat waarop de timing wordt gebaseerd, biedt in beginsel (afhankelijk uiteraard van de technische mogelijkheden, zoals de communicatiesnelheid van gegevens van de mobiele communicatie-eenheid naar de regeleenheid) 30 meer vrijheid bij het aansturen van de verlichtingseenheid. Er zijn uiteraard ook uitvoeringen waarin het 8 verlichtingscommandosignaal zowel timinggegevens als selectiegegevens omvat.
Volgens een verdere uitvoering is de ontvanger van de verlichtingsinrichting elektrisch te koppelen aan een 5 uitgang van de mobiele communicatie-eenheid, in het bijzonder microfoon-hoofdtelefoon-uitgang van de communicatie-eenheid. Aldus kan op eenvoudige wijze een galvanische verbinding tussen de communicatie-eenheid en verlichtingsinrichting gerealiseerd worden. In bepaalde 10 verdere uitvoering wordt de genoemde uitgang niet alleen gebruikt voor het versturen van elektrische signalen naar de verlichtingsinrichting, maar ook voor de fysieke bevestiging van de verlichtingsinrichting aan de communicatie-eenheid. hiertoe kan bevestiging een koppeleenheid omvatten die 15 losmaakbaar met een uitgang van de communicatie-eenheid, in het bijzonder de hoofdtelefoonuitgang, te koppelen is. In bepaalde uitvoeringen wordt de enige verbinding tussen het huis en de behuizing gevormd door de koppeleenheid.
Volgens een verdere uitvoering is de mobiele 20 communicatie-eenheid ingericht voor het genereren van verlichtingscommando audio signalen. Deze audiosignalen kunnen door een hoofdtelefoon en/of luidspreker worden omgezet in geluid, bij voorkeur in voor het voor het menselijk gehoor hoorbaar geluid (dat eventueel zelfs voor 25 een mens interpreteerbaar is). Het audiosignaal draagt hierbij dus de informatie die gezien kan worden als het verlichtingscommando. De verlichtingsinrichting kan dit audio geluid interpreteren als zijnde een verlichtingscommando. Volgens een aspect van de 30 uitvinding wordt een verlichtingsinrichting voor het aansturen van persoonlijke verlichting verschaft, de inrichting omvattende: 9 - een ontvanger voor het ontvangen van het verlichtingscommandosignaal ; - een verlichtingseenheid, omvattende een of meer verlichtingselementen; 5 - een met de ontvanger en verlichtingseenheid gekoppelde regeleenheid voor het aansturen van de verlichtingseenheid, waarbij de regeleenheid is ingericht voor het uit het verlichtingscommandosignaal bepalen van een starttijd en voor het op de starttijd aansturen van de 10 verlichtingseenheid.
Een verlichtingselement kan bijvoorbeeld een monocolor of multicolor light emitting diode (LED) zijn. In andere uitvoeringen omvat de verlichtingseenheid (al dan niet dimbare) multicolor LED's, "flash" LED's, een 15 lasermodule voor het afgeven van laserlicht, (monocolor of multicolor) elektro-luminentiefolies en/of soortgelijke lichtuitzendende elementen.
In een bepaalde uitvoering omvat de inrichting een huis dat is ingericht voor losmaakbare bevestiging aan (de 20 behuizing van) de mobiele communicatie-eenheid, waarbij de verlichtingselementen aan of in het huis aangebracht zijn.
In bepaalde uitvoeringen wordt het huis gevormd door een gebruiksvoorwerp, zoals een sierraad, horloge of dergelijke. In andere uitvoeringen omvat de inrichting een kledingstuk 25 dat voorzien is van LED's. Een voorbeeld hiervan is een gelaagd kledingsstuk waarbij onder de buitenste laag flexibele arrays van gekleurd licht-emitterende diodes (LEDs) zijn gerangschikt welke diodes zichtbaar zijn vanaf de buitenkant wanneer deze zijn ingeschakeld.
30 Volgens een uitvoering zijn de verlichtings elementen op twee of meer onder een hoek van elkaar staande vlakken bevestigd voor het in verschillende richtingen 10 uitzenden van licht. Het huis kan bijvoorbeeld een in essentie blokvorm hebben, waarbij de verlichtingselementen bijvoorbeeld op drie (of meer) vlakken van de blokvorm gerangschikt zijn.
5 Volgens een uitvoeringsvorm van de uitvinding wordt voorzien in een oplaadbare accu voor het voeden van de regeleenheid, de ontvanger en de verlichtingseenheid alsmede in een koppelingseenheid (bijvoorbeeld een USB-kabel) die is ingericht voor koppeling van de accu met de voeding van de 10 mobiele communicatie-eenheid voor het opladen van de accu.
Hierboven zijn reeds uitvoeringen beschreven waarin er een galvanische verbinding tussen de communicatie-eenheid en de verlichtingsinrichting is. In andere uitvoeringen kan daarvoor in de plaats of in aanvulling 15 daarop een draadloze communicatieverbinding tussen de communicatie-eenheid en de verlichtingsinrichting verschaft worden, in het bijzonder een Bluetooth en/of andere near field communication techniek.
Volgens een aspect van de uitvinding wordt een 20 systeem voor het in- en uitschakelen van persoonlijke verlichting op een aantal verlichtingsinrichtingen, verschaft, waarbij het een instructie-eenheid omvat voor het genereren van instructiesignalen en het over het mobiele communicatienetwerk naar de mobiele communicatie-eenheden 25 sturen van instructiesignalen.
Het is in een bepaalde uitvoering mogelijk een of meer mobiele communicatie-eenheden uit een groep communicatie-eenheden te selecteren. De selectie kan bijvoorbeeld worden gebaseerd op het al dan niet ingelogd 30 zijn van een communicatie-eenheid op een site behorend bij de instructie-eenheid. De instructiesignalen worden dan alleen naar de geselecteerde communicatie-eenheden gestuurd 11 (en eventuele andere instructiesignalen naar andere communicatie-eenheden) zodat de verlichting van verschillende gebruikers op verschillende wijzen wordt aangestuurd.
5 In een verdere uitvoering omvat het systeem een via een communicatieverbinding met de instructie-eenheid verbonden camerasysteem voor het genereren van positiegegevens die representatief zijn voor de momentane posities van elk van een aantal verlichtingsinrichtingen 10 binnen een vooraf bepaald gebied. Dit biedt de mogelijkheid om de verlichtingsinrichtingen niet alleen in de tijd bepaald aan te sturen, maar dit ook afhankelijk van de momentane positie van de verlichtingsinrichting te doen. Het is bijvoorbeeld mogelijk om de instructie-eenheid uit te 15 voeren om de positiegegevens van de verlichtingsinrichtingen te ontvangen en om instructiesignalen afhankelijk van de ontvangen positiegegevens te genereren.
In uitvoeringen van de uitvinding is de verlichtingsinrichting separaat van de mobiele communicatie-20 eenheid uitgevoerd. In andere uitvoeringen is de verlichtingsinrichting echter geïntegreerd in de mobiele communicatie-eenheid. De verlichtingsinrichting kan bijvoorbeeld worden gevormd door een op geschikte wijze geprogrammeerde mobiele communicatie-eenheid waarbij de 25 verlichtingselementen gevormd worden door de LED's (waaronder de flitser) en/of het display die op of in de communicatie-eenheid zelf voorzien zijn. Als de gebruiker dus inlogt zonder afzonderlijke hardware verlichtingsinrichting, dan worden beelden of kleuren op het beeldscherm 30 afgebeeld en/of de LED's aangestuurd.
Volgens een aspect van de uitvinding wordt een werkwijze voor het aansturen van persoonlijke verlichting 12 van een met een mobiele communicatie-eenheid verbindbare verlichtingsinrichting verschaft, de werkwijze omvattende: - het via een draadloze telecommunicatieverbinding ontvangen van een instructiesignaal afkomstig van een 5 instructie-eenheid; - het uit het instructiesignaal genereren van een verlichtingscommandosignaal; - het zenden van het verlichtingscommandosignaal naar de verlichtingsinrichting; 10 - het ontvangen van het verlichtingscommando signaal; - het aansturen van de verlichtingsinrichting, waarbij het aansturen omvat: - het uit het verlichtingscommandosignaal 15 bepalen van een starttijd; - het op de starttijd inschakelen van de verlichting van de verlichtingsinrichting.
De werkwijze kan verder omvatten: - het synchroniseren van de aansturing van de 20 verlichting van twee of meer verschillende verlichtingsinrichtingen.
Voor de synchronisatie kan het NTP protocol gebruikt worden. Synchronisatie met een marge van minder dan een honderdste seconde behoort tot de mogelijkheden.
25 Verdere voordelen, kenmerken en details van de onderhavige uitvinding zullen worden verduidelijkt aan de hand van de navolgende beschrijving van enige uitvoeringsvormen daarvan. In de beschrijving wordt verwezen naar de bijgevoegde figuren, waarin tonen: 30 Figuren IA en 1B een aanzicht in perspectief van respectievelijk een mobiele telefoon en een 13 verlichtingsinrichting volgens een uitvoeringsvorm van de uitvinding, in een uitgangstoestand;
Fig. 1C een aanzicht in perspectief van een mobiele telefoon en een verlichtingsinrichting van figuren 5 IA en 1B, in een aan elkaar gekoppelde toestand;
Fig. 2A een schematisch diagram van een uitvoeringsvorm van een mobiele telefoon van fig. IA;
Fig. 2B een schematisch diagram van een uitvoeringsvorm van de verlichtingsinrichting van fig. 1B; 10 Fig. 3 een schematische weergave van een uitvoeringsvorm van een systeem volgens de uitvinding, omvattende een zendeenheid en een aantal daarbij behorende samenstellen van een mobiele telefoon met een verlichtingsinrichting; 15 Fig. 4 een aanzicht in perspectief van een alternatieve uitvoeringsvorm van de verlichtingsinrichting volgens de uitvinding, in aan een mobiele telefoon gekoppelde toestand weergegeven; en
Fig. 5 een schematische weergave van een verdere 20 uitvoeringsvorm van het systeem volgens de uitvinding.
Fig. 1 toont een uitvoeringsvorm van het samenstel 1 dat is opgebouwd uit een mobiele telefoon 2 en een verlichtingsinrichting 24. Een mobiele telefoon is op de gebruikelijke wijze opgebouwd uit een behuizing 3 waarin een 25 toetsenbord 4 en een beeldscherm 5 alsmede een aantal luidsprekers 7 is aangebracht. De mobiele telefoon kan contact leggen met een of meer zendmasten van een mobiel communicatienetwerk, bijvoorbeeld een GSM, 3G, etc. netwerk, waarmee draadloze datacommunicatie via het internet mogelijk 30 is. Contact met het externe telecommunicatienetwerk vindt plaats via een zender/ontvanger 10, die schematisch in fig. 2A is weergegeven. Op gebruikelijke wijze is de 14 zender/ontvanger 10 verbonden met een regelelement 11 in de vorm van een processor die een aantal elektronische onderdelen binnen de telefoon kan aansturen. Allereerst is met het regelelement 11 een opslagmedium 7 gekoppeld waarop 5 gegevens kunnen worden opgeslagen. Verder is een voeding gekoppeld met de het regelelement 11 welke voeding wordt geregeld via een oplaadbare accu 12. Verder is de in de behuizing 3 van de telefoon een microfoon/oortelefoon aan te sluiten ofwel een microfoonjack 18 voorzien. De jack 18 is 10 via een signaalgenerator 6 gekoppeld aan het regelelement 11 van de telefoon. De signaalgenerator 6 is voorts ingericht om een digitaal signaal van het regelelement 11 om te zetten in een analoog signaal, in het bijzonder een analoog audiosignaal, zodat een gebruiker die een microfoon of 15 oortelefoon op de jack 18 heeft aangesloten, geluid kan horen en/of geluid kan inspreken en geluid kan horen via de luidspreker 7. In de getoonde uitvoeringsvorm is de mobiele telefoon 2 tevens voorzien van een draadloze communicatie-eenheid waarmee op korte afstand de communicatie met een 20 andere telefoon tot stand kan worden gebracht. De draadloze communicatie-eenheid kan bijvoorbeeld een bluetooth- of een NFC-verbinding vormen.
In figuren 1B en 2B is een uitvoeringsvorm van een verlichtingsinrichting volgens de uitvinding weergegeven. De 25 verlichtingsinrichting 24 omvat een huis 25, waarin een aantal verlichtingselementen, bijvoorbeeld LED-lampen, zijn aangebracht. In de getoonde uitvoeringsvorm is een drietal LED-lampen 27 aan een voorzijde van het huis van de verlichtingsinrichting voorzien, terwijl een tweetal LED-30 lampen 28 in een zijwand zijn aangebracht. Het moge duidelijk zijn dat het aantal LED-lampen en de plaatsing daarvan kan variëren. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk om 15 alleen aan een zijde, bijvoorbeeld de voorzijde, een enkele lamp te voorzien, maar is het in andere uitvoeringsvormen ook mogelijk om aan alle zijden (behalve de zijde waarmee de verlichtingsinrichting tegen de telefoon wordt bevestigd) te 5 voorzien in LED-verlichting. Verder is de verlichtingsinrichting 24 voorzien van een aansluiting 30 waarmee contact kan worden gelegd met de telefoon 2. In de weergegeven uitvoeringsvorm kan de aansluiting 30 via een verbindingsstuk 31 gekoppeld worden met de jack 18 van de 10 mobiele telefoon, zoals in fig. 1C is weergegeven. Op deze wijze wordt een via de aansluiting 30, het verbindingsstuk 31 en de jack 18 een elektrisch (galvanisch) contact tussen de telefoon en de verlichtingsinrichting gerealiseerd. In andere uitvoeringen vormen de aansluitingen 18 en 30 een 15 man-vrouwverbinding, waarbij het manlijke deel al dan niet wegklapbaar is uitgevoerd. Het losse verbindingsstuk kan in deze uitvoeringen achterwege worden gelaten. In andere uitvoeringsvormen vindt de communicatie tussen de telefoon en de verlichtingsinrichting plaats via een draadloze 20 verbinding. De draadloze verbinding kan bijvoorbeeld gevormd worden door draadloze communicatie-eenheid 20 van de telefoon en een optionele draadloze communicatie-eenheid 33 (figuur 2B) van de verlichtingsinrichting.
De verlichtingsinrichting 24 kan op een aantal 25 verschillende manieren aan de mobiele telefoon bevestigd worden. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk aan de achterzijde van de verlichtingsinrichting hechtmiddelen, bijvoorbeeld lijm aan te brengen en de verlichtingsinrichting tegen de behuizing 3 van de mobiele telefoon te plakken. Als 30 alternatief kan voorzien worden in een hoes (niet in de figuur weergegeven) waarin zowel de mobiele telefoon als de verlichtingsinrichting 1 kunnen worden geplaatst, zodat de 16 telefoon en verlichtingsinrichting door de hoes samengehouden worden. In een andere uitvoeringsvorm, vindt fysieke koppeling tussen de verlichtingsinrichting 24 en de mobiele telefoon 2 plaats via de eerdergenoemde 5 microfoon/oortelefoonjack 18. Het eerdergenoemde verbindingsstuk 31 vormt hierbij niet alleen een elektrisch contact tussen de inrichting en de telefoon, maar tevens voor een fysieke koppeling tussen beide onderdelen. Zo wordt een eenvoudige aan- of loskoppeling mogelijk. Een voorbeeld 10 van een dergelijke uitvoering is in figuur 4 weergegeven.
In figuur 4 heeft de verlichtingsinrichting 50 een blokvorm, en kan bijvoorbeeld aan de bovenzijde of onderzijde van de mobiele telefoon 51 gepositioneerd worden. Het is verder mogelijk om de LED-elementen 52,53,54 op drie 15 of meer vlakken te plaatsen, zodat de LED's in drie of meer richtingen uitstralen, bijvoorbeeld naar voren, naar achteren en naar boven. Andere rangschikking van de verlichtingselementen en de aantallen daarvan vallen uiteraard ook binnen de reikwijdte van de onderhavige 20 uitvinding.
De blokvormige verlichtingsinrichting 50 kan in een eigen hoes geplaatst worden en via een (niet-weergegeven) bevestigingsclip aan de hoes bevestigd worden, waardoor de verlichtingsinrichting eenvoudig aan een 25 willekeurige ondergrond vastgemaakt kan worden. De signaaloverdracht van de mobiele telefoon naar de verlichtingsinrichting kan dan bijvoorbeeld via een op de jack 18 aangesloten verlengkabel gerealiseerd worden.
In fig. 2B is verder weergegeven dat in de 30 behuizing 25 van de verlichtingsinrichting 24 een regeleenheid 35, bijvoorbeeld een programmeerbare microcontroller, en een daarvan onderdeel uitmakend of 17 daaraan gekoppeld opslagmedium 36 voor het opslaan van gegevens, is aangebracht. De regeleenheid 35 is verder verbonden met de verlichtingselementen 27, 28 en kan deze elementen samen of individueel aansturen, dat wil zeggen op 5 gewenste tijdstippen aan- en uitschakelen.
Het geheel van regeleenheid 35 en verlichtingselementen 27, 28 wordt gevoed door een oplaadbare accu 34 kan bijvoorbeeld via een in de behuizing 25 van de verlichtingsinrichting voorziene USB-aansluiting 10 40 worden opgeladen door een verbinding te leggen met een corresponderende USB-poort 41 op de telefoon. Dit betekent dat de accu 34 wanneer de verlichtingsinrichting aan de telefoon gekoppeld is en via de USB-poorten 40, 41 een verbinding tot stand is gebracht, continu door de accu 12 15 van de telefoon kan worden opgeladen. Andere wijzen van opladen van de accu 34 zijn echter eveneens mogelijk, bijvoorbeeld door een aparte oplaadterminal in de behuizing 25 van de verlichtingsinrichting te voorzien. Deze terminal kan dan via een transformator op het lichtnet worden 20 aangesloten om de accu op te kunnen laden.
In figuur 3 is een systeem weergegeven bestaande uit één of meer samenstellen 1, 1', 1" van een mobiele telefoon en een verlichtingsinrichting van de gebruikers en een instructiezendeenheid 40 waarmee de verschillende 25 samenstellen kunnen worden aangestuurd. De instructiezendeenheid of zendeenheid 40 kan communiceren met een netwerk voor mobiele telecommunicatie en kan via dit netwerk direct of indirect via een op het telecommunicatie netwerk of een daaraan gekoppelde internetverbinding (I) 30 aangesloten server (S) in contact komen met elk van de communicatie-eenheden 1,1' van de gebruikers. In andere uitvoeringen omvat de instructiezend-eenheid een PC of 18 soortgelijk apparaat dat in verbinding staat met het internet en dat de instructies direct via het internet kan versturen.
De werking van het systeem is als volgt.
5 Allereerst moet de zendeenheid 40 geschikt worden gemaakt om de verlichtingsinrichtingen aan te kunnen sturen. In een bepaalde uitvoeringsvorm wordt de zendeenheid 40 gevormd door een mobiele telefoon die via een zender/ontvanger 42 met een draadloos telecomnetwerk 41 verbonden is. Via dit 10 netwerk downloadt de zendeenheid 40 een computerprogramma (app). Met behulp van het computerprogramma definieert de operator vervolgens een bepaalde locatie of bepaald gebied waarbinnen de verlichtingsinrichtingen aangestuurd moeten worden, bijvoorbeeld een ruimte van een discotheek of een 15 festivalterrein. De operator kan hierbij bijvoorbeeld aangeven hoe lang dit gebied aangestuurd wordt. Bijvoorbeeld bij festivalterreinen of discotheken is de definitie van het gebied slechts van tijdelijke aard. Op basis van de door de operator ingestelde voorkeuren genereert de zendeenheid 40 20 een instructiesignaal dat via de draadloze communicatie verbinding naar een server (S) wordt geleid. Overigens is het niet zo dat het gebied of locatie altijd een geografisch gebied of locatie is. Een locatie of gebied kan ook virtueel zijn, bijvoorbeeld iemand die alleen thuis zit en zich 25 aanmeld op de "locatie" Radioprogramma x. Je krijgt dan thuis de lichtshow te zien die bij de radiomuziek past die via dit radioprogramma wordt uitgezonden.
Op soortgelijke wijze kunnen de gebruikers die voorzien zijn van een mobiele telefoon met een 30 uitvoeringsvorm van een verlichtingsinrichting een computerprogramma (app) via een telecommunicatienetwerk downloaden en installeren op de mobiele telefoon 2,2' . De 19 mobiele telefoon kan via het eerdergenoemde communicatienetwerk weer contact opnemen met de server (S) en via deze server (S) instructiesignalen ontvangen, zoals in figuur 2A schematisch met pijl 54 is aangeduid.
5 In een bepaalde uitvoering genereert het regelelement 11 via het op de mobiele telefoon opgeslagen computerprogramma en de ontvangen instructiesignalen zogenaamde verlichtingscommando signalen. De betreffende mobiele telefoon 2,2'stuurt de verlichtingscommandosignalen 10 naar de ontvanger van de verlichtingsinrichting. Het versturen van de verlichtingscommandosignalen is in figuren 2A en 2B schematisch met pijl 55 aangeduid.
De regeleenheid 35 (bijv. een processor) van de verlichtingsinrichting is in staat om op basis van de 15 ontvangen verlichtingscommandosignalen de verlichtingselementen 27, 28 op de verlichtingsinrichting 24 naar wens in- en uit te schakelen, bijvoorbeeld door het zenden van een pulssignaal (bijv. een blokvormig signaal) in de richting van de verlichtingselementen.
20 Via het computerprogramma wordt op het display 5 van de mobiele telefoon 5 die locaties/gebieden aangegeven waarop de gebruiker kan inloggen. Eventueel kan de gebruiker hierbij geholpen worden door alleen die locaties/gebieden op het display weer te geven in de buurt waarvan de gebruiker 25 zich op dat moment bevindt. Door middel van een positiebepalingsfunctionaliteit, bijvoorbeeld een GPS ontvanger, kan de positie van de telefoon bepaald worden. De telefoon kan nu bepalen welke van de eerder genoemde locaties/gebieden zich binnen een voorafbepaalde straal 30 vanaf de positie van de telefoon bevinden en alleen deze locaties/gebieden op de telefoon weergeven. Wanneer deze eenmaal is ingelogd, bijvoorbeeld na het invoeren van een 20 daartoe geschikt wachtwoord, is de betreffende mobiele telefoon klaar om door de eerdergenoemde zendeenheid 40 aangestuurd te worden.
In bepaalde uitvoeringsvormen zijn de 5 verlichtingscommandosignalen digitale signalen waarin onder meer informatie is opgenomen op basis waarvan de regeleenheid 35 van de verlichtingsinrichting of het regelelement 11 van de mobiele telefoon de starttijd kan bepalen vanaf welk moment de verlichtingselementen 10 aangestuurd moeten worden. Het is bijvoorbeeld mogelijk om vanaf een bepaalde starttijd alle lampen met een bepaald patroon in en uit te schakelen (te laten knipperen), een en ander conform een eerder opgeslagen timingprogramma voor het in- en uitschakelen van de verlichtingselementen.
15 Het is bijvoorbeeld mogelijk om elke keer als de verlichtingsinrichting een starttijd ontvangt, de verlichtingselementen vanaf de starttijd in een bepaald ritme in- of uit te schakelen. Dit ritme kan vooraf op het opslagmedium 17 van de mobiele telefoon of op het 20 opslagmedium 36 van de verlichtingsinrichting zijn opgeslagen. Het is ook mogelijk om naast de informatie met betrekking tot de starttijd ook selectie-informatie mee te sturen, op basis waarvan de verlichtingsinrichting één of meer verlichtingsritmes of (timing-) programma's kan kiezen 25 uit een aantal op het opslagmedium van de mobiele telefoon en/of verlichtingsinrichting opgeslagen standaard programma's.
Een timingprogramma kan bijvoorbeeld instructies omvatten in de vorm van het "alleen aanzetten van linker 30 LED-lampje, met de kleur blauw". In een meer complex timingprogramma kunnen instructies gegeven worden die zorgen voor het met "een stroboscopisch effect afspelen, van traag 21 flikkerend naar heel snel flikkerend". Het opslagmedium (bijvoorbeeld een vluchtig en/of permanent geheugen) kan in bepaalde uitvoeringen talloze timingprogramma's bevatten. Deze timingprogramma's zijn aan elkaar te koppelen, zodat 5 met relatief eenvoudige programma's een relatief complexe timing van de verlichting gerealiseerd kan worden.
Het is vaak belangrijk voor het gewenste optische effect dat de verlichtingselementen van de verschillende verlichtingsinrichtingen in een bepaald gebied in hoofdzaak 10 synchroon in- en uitgeschakeld worden. Dit betekent dat de verlichtingsinrichtingen ten opzichte van elkaar gesynchroniseerd moeten worden. Dit synchroniseren kan bijvoorbeeld door de computerprogramma's op de respectievelijke verlichtingsinrichtingen te synchroniseren 15 met een centrale klok. Dit kan bijvoorbeeld gerealiseerd worden door klokgegevens (tijdgegevens) via de verlichtingscommandosignalen mee te sturen, ofwel door het computerprogramma te laten synchroniseren met een interne tijd. Om vervuiling van het tijdstip door bijvoorbeeld te 20 traag dataverkeer te voorkomen, zal het computerprogramma van elke verlichtingsinrichting bij elke tijdsynchronisatie-actie eerst bepalen hoe lang de communicatie duurt vanaf het opvragen tot aan het ontvangen van een antwoord. Deze tijdsduur wordt afgetrokken van de tijdsduur dat de centrale 25 zendeenheid 40 doorgeeft.
Om de onderdelen van het samenstel ten opzichte van elkaar en ten opzichte van andere samenstellen te synchroniseren, kan het eerder genoemde NTP protocol worden toegepast. Dit protocol is gebaseerd op de aanname dat de 30 vertraging van het telecommunicatienetwerk voorspelbaar is. Het computernetwerk wordt hiërarchisch ingedeeld naar rato van de nauwkeurigheid van de tijdbron. Aan de hand van een 22 aantal beslissingscriteria wordt een bron (bijv. een externe klok, bijv. de klok van een GPS ontvanger) geselecteerd en wordt de regeling (regeleenheid en/of regelelement) ten opzichte van deze bron gesynchroniseerd. Kleine verschillen 5 in tijd tussen bron en regeling worden door de regeling bijgewerkt door de tijdsverwerking enigszins sneller of langzamer te laten werken. De regeling blijft de verschillende bronnen in de gaten houden en kiest een andere bron voor synchronisatie zodra die een stabielere tijd 10 biedt.
Het synchroniseren kan ook op talloze andere wijzen plaatsvinden. Van belang is dat de verschillende verlichtingsinrichtingen vooraf gesynchroniseerd worden. De timing is bij voorkeur tot op een honderdste van een seconde 15 nauwkeurig teneinde het gewenste lichteffect te verzekeren.
Via de respectievelijke computerprogramma's op de zendeenheid 40 verlichtingsinrichting 1, 1' of de mobiele telefoons 2, 2' kan de verlichtingstiming op verschillende wijzen gerealiseerd worden. In zogenaamde "DJ modus" kan de 20 DJ op zijn zendeenheid 40 "tappen" zodat deze unit 40 kan bepalen wat het ritme is van de op dat moment gedraaide muziek. Dit tappen kan letterlijk worden opgevat, doordat de DJ op de maat op een touchscreen van de zendeenheid 40 tikt. Andere wijzen van het identificeren van het ritme zijn 25 uiteraard ook mogelijk. Vervolgens kiest de DJ het gewenste verlichtingsprogramma uit, bijvoorbeeld tien keer aan en uit, binnen een tijdsperiode van 10 seconden. Vervolgens kiest de DJ uit over hoeveel maten het commando gestart moet worden, dat wil zeggen op welk starttijdstip de 30 verlichtingseenheid van de respectievelijke verlichtingsinrichtingen aangestuurd moet worden. Dit kan een absolute tijd zijn, bijvoorbeeld om een bepaalde kloktijd, maar kan 23 ook ingevoerd worden als een relatieve tijd, bijvoorbeeld over een bepaald aantal (bijv. 16, 32, 64 of 128) maten van de op dat moment gedraaide muziek. Op basis van de invoer van de DJ genereert de zendeenheid 40 een instructiesignaal 5 en zendt dit via de draadloze verbinding naar het telecommunicatie (GSM, 3G) netwerk. Het is ook mogelijk om voorafgaand aan een muzieknummer al een reeks verlichtingsprogramma's of instructies op te stellen, die na verzending van het instructiesignaal een complete lichtshow 10 laten afspelen. Vervolgens wordt het instructiesignaal doorgeleid via het telecommunicatiekanaal naar de verschillende mobiele telefoons in het betreffende gebied.
De instructiesignalen komen binnen via de zender/ontvanger 10 van de mobiele telefoon en worden 15 vervolgens door het regelelement 11 verwerkt tot verlichtingscommandosignalen. De verlichtingscommando signalen worden vervolgens via de microfoonjack 18, het verbindingsstuk 31 en de terminal 30 naar de regeleenheid 35 van de verlichtingsinrichting gestuurd. Als alternatief voor 20 deze draadverbinding tussen de mobiele telefoon en de verlichtingsinrichting kan, zoals eerder is vermeld, worden gemaakt van een draadloze verbinding, bijvoorbeeld een verbinding via de bluetooth-terminals 20 en 33 van respectievelijk de mobiele telefoon 2 en de 25 verlichtingsinrichting 24, om de verlichtingscommando signalen van het regelelement 11 van de telefoon naar de regeleenheid 35 van de verlichtingsinrichting te versturen. De regeleenheid destilleert vervolgens uit het ontvangen verlichtingscommandosignaal het tijdstip waarop de 30 verlichtingseenheid aangestuurd moet gaan worden en stuurt de verlichtingselementen van de verlichtingseenheid vanaf dat tijdstip aan.
24
Het verlichtingscommandosignaal kan tevens een aanduiding bevatten van welke lichteffecten vanaf het genoemde starttijdstip gerealiseerd moeten worden. De regeleenheid 35 selecteert één van een aantal op het 5 opslagmedium 36 opgeslagen verlichtingsprogramma's en stuurt respectievelijke verlichtingseenheden via dit geselecteerde programma aan.
In een verdere uitvoeringsvorm van de uitvinding kan de gebruiker via het toetsenbord 4 een aantal 10 persoonlijke voorkeuren opgeven, zoals bijvoorbeeld geslacht, leeftijd, relationele status en seksuele voorkeur. Ook kan bijvoorbeeld via het internet een beschikbaar Facebook-account gekoppeld worden met de telefoon om daaruit de persoonlijke voorkeursgegevens op te halen.
15 In bepaalde uitvoeringen wordt aan elke gebruiker een bepaalde persoonlijke voorkeur gekoppeld. De voorkeuren van de verschillende gebruikers kunnen gebruikt worden om twee of meer gebruikers met elkaar te "matchen". De persoonlijke voorkeursgegevens worden bijvoorbeeld op de 20 server (S) opgeslagen. Deze server bepaalt vervolgens welke van de gebruikers aan elkaar gematcht kunnen worden op basis van de door de gebruikers ingegeven persoonlijke voorkeuren. De internetserver stuurt vervolgens instructiesignalen naar die mobiele telefoons waarvan de server bepaald heeft dat er 25 een match tussen de gebruikers is. De betreffende mobiele telefoons ontvangen de instructiesignalen en genereren verlichtingscommandosignalen. Deze signalen resulteren in een bepaald verlichtingspatroon zodat gebruikers met een match gewaarschuwd worden.
30 Overigens behoeft het selecteren van mobiele telefoons van gebruikers die bij elkaar horen en het via verlichtingspatronen laten zien daarvan niet plaats te 25 vinden op basis van de eerdergenoemde persoonlijke voorkeuren. Het kan ook zo zijn dat de centrale server (of de zendeenheid 40) willekeurig een tweetal (of drietal, ...) telefoons selecteert om aan elkaar te koppelen. Hierdoor kan 5 op aselecte wijze ervoor gezorgd worden dat verschillende gebruikers met elkaar contact opnemen.
In bepaalde uitvoeringen is de verlichtingsinrichting in verschillende modi in te zetten. In bijvoorbeeld een eerste dating modus kan de gebruiker in het 10 conmputerprogramma (app) kiezen voor de dating modus.
Hierbij wordt door middel van kleuren getoond wat ieders relationele status is (getrouwd, single, etc.). In een tweede dating modus koppelt de centrale instructie-eenheid telkens twee personen aan elkaar. Als de verlichting van een 15 bepaalde verlichtingseenheid gaat knipperen, kan de gebruiker direct om zich heen kijken om de andere persoon te vinden die eveneens een knipperende verlichtingseenheid heeft. In de zogenaamde tombola modus gaan alle verlichtingsinrichtingen in een bepaalde ruimte knipperen.
20 De knipperfreguentie wordt na verloop van tijd steeds lager en verschillende groepen doven uit totdat er één gebruiker overblijft die een prijs gewonnen heeft.
In de in figuur 5 weergegeven uitvoeringsvorm, is op de locatie een camera 60 voorzien. Deze camera is via een 25 communicatienetwerk 61 met de server (S) en/of de zendeenheid 40 verbonden. De camera omvat bij voorkeur een bolle lens (bijv. een visooglens), die in het midden van het gebied gepositioneerd is, zodat een beeld van het gehele gebied verkregen kan worden. Wanneer bijvoorbeeld de mobiele 30 telefoons instructiesignalen omvatten waardoor elke verlichtingseenheid afzonderlijk in de tijd gaat knipperen, kan de camera 60 de momentane locatie van elk van de mobiele 26 telefoons registreren zodat de internetserver een indicatie heeft van waar welke verlichtingsinrichting, of, meer nauwkeurig, welke verlichtingseenheid, zich in de ruimte bevindt. Dit biedt de mogelijkheid om de 5 verlichtingsinrichtingen of de verlichtingseenheden daarvan individueel aan te sturen en in de ruimte bepaalde lichtpatronen te genereren. Het is bijvoorbeeld mogelijk om een "golf" van licht in de ruimte op te wekken door achtereenvolgens verlichtingseenheden aan te sturen (dat wil 10 zeggen in- en uit te schakelen) die in een rij naast elkaar in een ruimte staan opgesteld of om verschillende vlakken (delen) van de ruimte een andere kleur te geven.
In een verdere, niet in de figuur weergegeven uitvoeringsvorm, is de verlichtingsinrichting niet zozeer 15 opgenomen in een behuizing die aan de mobiele telefoon bevestigd is, maar is de regeleenheid, accu en de verlichtingseenheden geïntegreerd in een gebruiksvoorwerp, zoals een halsketting, petje of kleding. Het is hiermee bijvoorbeeld mogelijk om via een Bluetoothverbinding tussen 20 de mobiele telefoon van de gebruiker en de regeleenheid die in zijn of haar kleding verwerkt is, de gewenste lichtpatronen in de ruimte te genereren.
In een eerder beschreven uitvoeringsvorm zijn de verlichtingscommandosignalen uitgevoerd als digitale 25 signalen met een bepaalde informatie-inhoud. In andere uitvoeringsvormen kunnen de verlichtingscommandosignalen echter uitgevoerd zijn als analoge signalen, meer in het bijzonder als analoge geluidssignalen die door een mens, wanneer deze worden opgevangen bijvoorbeeld in een 30 oortelefoon of dergelijke, begrepen kunnen worden.
In de hierboven beschreven uitvoeringsvormen is telkens sprake van het aansturen van een verlichtingseenheid 27 voorzien van op één of meer verschillende plaatsen op of in de verlichtingsinrichting aangebrachte verlichtings-elementen. Hiernaast kunnen de instructiesignalen van de server ook gebruikt worden om de mobiele telefoon zelf aan 5 te sturen, bijvoorbeeld door de daarop voorziene verlichting en/of trileenheden aan te sturen. Hierdoor gaan niet alleen de verlichtingselementen op de verlichtingsinrichting knipperen, maar zal de gebruiker tevens trillingen kunnen voelen om de door de verlichting veroorzaakte sensatie te 10 ondersteunen.
De onderhavige uitvinding is niet beperkt tot de hierin beschreven uitvoeringsvormen daarvan. De gevraagde rechten worden bepaald door de navolgende conclusies, binnen de strekking waarvan velerlei aanpassingen en modificaties 15 denkbaar zijn.

Claims (25)

1. Samenstel voor het aansturen van persoonlijke verlichting, het samenstel omvattende: 5. een mobiele communicatie-eenheid die is ingericht voor het via een draadloze telecommunicatieverbinding ontvangen van een instructiesignaal afkomstig van een instructie-eenheid en voor het versturen van een verlichtingscommandosignaal, waarbij de communicatie-eenheid 10 een regelelement omvat voor het uit het instructiesignaal genereren van een verlichtingscommandosignaal; - een verlichtingsinrichting omvattende: - een ontvanger voor het ontvangen van het verlichtingscommandosignaal; 15. een verlichtingseenheid, omvattende een of meer verlichtingselementen; - een met de ontvanger en verlichtingseenheid gekoppelde regeleenheid voor het aansturen van de verlichtingseenheid, waarbij de regeleenheid is ingericht 20 voor het uit het verlichtingscommandosignaal bepalen van een starttijd en voor het op de starttijd aansturen van de verlichtingseenheid, waarbij de mobiele communicatie-eenheid en/of de verlichtingsinrichting een opslagmedium omvat voor het 25 vooraf opslaan van een aantal timingprogramma's waarmee de verlichtingselementen aanstuurbaar, in het bijzonder in- en uitschakelbaar, zijn, waarbij het verlichtingscommandosignaal timingprogrammaselectiegegevens omvat en de regeleenheid en/of het regelelement is ingericht om op basis 30 van de timingprogrammaselectiegegevens een timingprogramma uit het aantal opgeslagen timingprogramma's te selecteren en vervolgens de verlichtingselementen conform het geselecteerde timingprogramma aan te sturen.
2. Samenstel volgens conclusie 1, waarbij de 5 verlichtingsinrichting losmaakbaar aan de mobiele communicatie-eenheid te koppelen is.
3. Samenstel volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de regeleenheid en/of regelelement is ingericht 10 voor: - het synchroniseren van een klok van de regeleenheid en/of van de mobiele telecommunicatie-eenheid met een via de telecommunicatieverbinding bereikbare externe klok.
4. Samenstel volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij het aansturen omvat het verhogen en/of verlagen van de verlichtingssterkte van een of meer van de verlichtingselementen van de verlichtingseenheid, in het bijzonder het inschakelen en/of uitschakelen van de 20 verlichtingselementen.
5. Samenstel volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de mobiele communicatie-eenheid een regelelement omvat en waarbij het regelelement van de communicatie-25 eenheid en/of de regeleenheid van de verlichtingsinrichting zijn ingericht om in hoofdzaak synchroon de verlichtingselementen van een of meer andere verlichtingsinrichtingen aan te sturen. 30
6. Samenstel volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij het verlichtingscommandosignaal starttijdgegevens omvat die representatief zijn voor de beoogde starttijd van het inschakelen van de verlichtingselementen. 5
7. Samenstel volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij het verlichtingscommandosignaal timinggegevens omvat die representatief zijn voor de timing van het afwisselend verhogen en verlagen van de verlichtingssterkte van de een 10 of meer verlichtingselementen, in het bijzonder het in- en uitschakelen van de een of meer verlichtingselementen.
8. Samenstel volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de ontvanger van de verlichtingsinrichting 15 elektrisch te koppelen is aan een uitgang van de mobiele communicatie-eenheid, in het bijzonder microfoon-hoofdtelefoonuitgang van de communicatie-eenheid.
9. Samenstel volgens een van de voorgaande conclusies, 20 waarbij de mobiele communicatie-eenheid is ingericht voor het genereren van verlichtingscommando audio signalen.
10. Samenstel volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de verlichtingsinrichting is geïntegreerd in de 25 mobiele communicatie-eenheid.
11. Systeem voor het aansturen van persoonlijke verlichting op een aantal verlichtingsinrichtingen, het systeem omvattende: 30. een instructie-eenheid voor het genereren van instructiesignalen; - een aantal samenstellen, waarbij elk samenstel omvat: - een mobiele communicatie-eenheid, in het bijzonder een mobiele telefoon, die is ingericht voor het 5 via een draadloze telecommunicatieverbinding ontvangen van een instructiesignaal afkomstig van de instructie-eenheid en voor het versturen van een verlichtingscommandosignaal, waarbij de communicatie-eenheid een regelelement omvat voor het uit het instructiesignaal genereren van een 10 verlichtingscommandosignaal; - een verlichtingsinrichting omvattende een ontvanger voor het ontvangen van het verlichtingscommandosignaal, een verlichtingseenheid met een of meer verlichtingselementen en een met de ontvanger en 15 verlichtingseenheid gekoppelde regeleenheid voor het aansturen van de verlichtingseenheid, waarbij de regeleenheid is ingericht voor het uit het verlichtingscommandosignaal bepalen van een starttijd en voor het op de starttijd in- of uitschakelen van de 20 verlichtingseenheid en/of voor het selecteren van een timingprogramma en het vanaf de starttijd conform het geselecteerde timingprogramma aansturen van de verlichtingseenheid.
12. Systeem volgens conclusie 11, omvattende het genereren van eerste en tweede instructiesignalen en het versturen van de eerste instructiesignalen naar een eerste groep communicatie-eenheden en het versturen van de tweede instructiesignalen naar een tweede groep communicatie-30 eenheden.
13. Systeem volgens een van de conclusies 11 of 12, omvattende een via een communicatieverbinding met de instructie-eenheid verbonden camerasysteem voor het genereren van positiegegevens die representatief zijn voor 5 de momentane posities van elk van een aantal verlichtingsinrichtingen binnen een vooraf bepaald gebied.
14. Systeem volgens conclusie 13, waarin de instructie-eenheid is uitgevoerd om de positiegegevens van de 10 verlichtingsinrichtingen te ontvangen en om instructie-signalen afhankelijk van de ontvangen positiegegevens te genereren.
15. Verlichtingsinrichting voor het in- en uitschakelen van 15 persoonlijke verlichting, in het bijzonder de verlichtingsinrichting zoals gedefinieerd in een van de voorgaande conclusies, de inrichting omvattende: - een ontvanger voor het ontvangen van het verlichtingscommandosignaal; 20. een verlichtingseenheid, omvattende een of meer verlichtingselementen; - een met de ontvanger en verlichtingseenheid gekoppelde regeleenheid voor het aansturen van de verlichtingseenheid, waarbij de regeleenheid is ingericht 25 voor het uit het verlichtingscommandosignaal bepalen van een starttijd en voor het op de starttijd aansturen van de verlichtingseenheid.
16. Verlichtingsinrichting volgens conclusie 15, waarbij een 30 verlichtingselement een monocolor of multicolor light emitting diode (LED) omvat.
17. Verlichtingsinrichting volgens conclusie 15 of 16, omvattende: - een huis dat is ingericht voor losmaakbare bevestiging aan (de behuizing van) de mobiele communicatie-5 eenheid, waarbij de verlichtingselementen aan of in het huis aangebracht zijn.
18. Verlichtingsinrichting volgens conclusie 17, waarbij de bevestiging hechtmiddelen, in het bijzonder lijm, omvat om 10 het huis te hechten aan de behuizing van de mobiele communicatie-eenheid.
19. Verlichtingsinrichting volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de bevestiging een koppeleenheid omvat 15 die losmaakbaar met een uitgang van de communicatie-eenheid, in het bijzonder de hoofdtelefoonuitgang, te koppelen is.
20. Verlichtingsinrichting volgens een van de voorgaande conclusies, waarbij de verlichtingselementen op twee of meer 20 onder een hoek van elkaar staande vlakken zijn bevestigd voor het in verschillende richtingen uitzenden van licht.
21. Verlichtingsinrichting volgens een van de voorgaande conclusies, omvattende een oplaadbare accu voor het voeden 25 van de regeleenheid, de ontvanger en de verlichtingseenheid alsmede een koppelingseenheid die is ingericht voor koppeling van de accu met de voeding van de mobiele communicatie-eenheid voor het opladen van de accu.
22. Verlichtingsinrichting volgens conclusie 21, waarbij de koppelingseenheid een (micro) USB terminal omvat.
23. Werkwijze voor het aansturen van persoonlijke verlichting van een met een mobiele communicatie-eenheid verbindbare verlichtingsinrichting, bij voorkeur een inrichting volgens een van de conclusies 15-22, de werkwijze 5 omvattende: - het via een draadloze telecommunicatieverbinding ontvangen van een instructiesignaal afkomstig van een instructie-eenheid; - het uit het instructiesignaal genereren van een 10 verlichtingscommandosignaal; - het zenden van het verlichtingscommandosignaal naar de verlichtingsinrichting; - het ontvangen van het verlichtingscommandosignaal ; 15. het aansturen van de verlichtingsinrichting, waarbij het aansturen omvat: - het uit het verlichtingscommandosignaal bepalen van timingprogrammaselectiegegevens en bepalen van een starttijd; 20. het op basis van de timingprogramma- selectiegegevens selecteren van een timingprogramma uit een aantal vooraf op een opslagmedium opgeslagen timingprogramma's; - het op de starttijd conform het 25 geselecteerde timingprogramma aansturen, in het bijzonder inschakelen, van de verlichting van de verlichtingsinrichting .
24. Werkwijze volgens conclusie 23, omvattende het volgens 30 het geselecteerde timingprogramma afwisselend doen toenemen en afnemen van de verlichtingssterkte van de verlichting, in bijzonder het afwisselend in- en uitschakelen van verlichtingselementen van de verlichting.
25. Werkwijze volgens conclusie 23 of 24, omvattende: 5 - het synchroniseren van de aansturing van de verlichting van twee of meer verschillende verlichtingsinrichtingen.
NL2006891A 2011-06-03 2011-06-03 Samenstel, inrichting, systeem en werkwijze voor het in- en uitschakelen van persoonlijke verlichting. NL2006891C2 (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2006891A NL2006891C2 (nl) 2011-06-03 2011-06-03 Samenstel, inrichting, systeem en werkwijze voor het in- en uitschakelen van persoonlijke verlichting.

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2006891 2011-06-03
NL2006891A NL2006891C2 (nl) 2011-06-03 2011-06-03 Samenstel, inrichting, systeem en werkwijze voor het in- en uitschakelen van persoonlijke verlichting.

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2006891C2 true NL2006891C2 (nl) 2012-12-05

Family

ID=44640868

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2006891A NL2006891C2 (nl) 2011-06-03 2011-06-03 Samenstel, inrichting, systeem en werkwijze voor het in- en uitschakelen van persoonlijke verlichting.

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL2006891C2 (nl)

Citations (8)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US6480726B1 (en) * 1999-10-19 2002-11-12 Matsushita Electric Industrial Co., Ltd. Portable telephone device
WO2003026358A1 (en) * 2001-09-17 2003-03-27 Color Kinetics Incorporated Light emitting diode based products
US20060046650A1 (en) * 2004-08-24 2006-03-02 Paramjit Kohli Pen-type wireless transceiver for mobile communication terminal using bluetooth
CN201094312Y (zh) * 2007-08-02 2008-08-06 广州京盛车缝制品有限公司 无线信号接收感应灯帽
US20100117535A1 (en) * 2007-08-07 2010-05-13 Fujitsu Limited Portable device, recording medium storing light emission control program and light emission control method thereof
US20100141153A1 (en) * 2006-03-28 2010-06-10 Recker Michael V Wireless lighting devices and applications
US20100327774A1 (en) * 2009-06-30 2010-12-30 Duncan Robert Kerr Housing Illumination for Portable Electronic Devices
CN102014545A (zh) * 2010-08-19 2011-04-13 上海闻泰电子科技有限公司 一种使led灯随音频信号闪动的装置以及手机

Patent Citations (8)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US6480726B1 (en) * 1999-10-19 2002-11-12 Matsushita Electric Industrial Co., Ltd. Portable telephone device
WO2003026358A1 (en) * 2001-09-17 2003-03-27 Color Kinetics Incorporated Light emitting diode based products
US20060046650A1 (en) * 2004-08-24 2006-03-02 Paramjit Kohli Pen-type wireless transceiver for mobile communication terminal using bluetooth
US20100141153A1 (en) * 2006-03-28 2010-06-10 Recker Michael V Wireless lighting devices and applications
CN201094312Y (zh) * 2007-08-02 2008-08-06 广州京盛车缝制品有限公司 无线信号接收感应灯帽
US20100117535A1 (en) * 2007-08-07 2010-05-13 Fujitsu Limited Portable device, recording medium storing light emission control program and light emission control method thereof
US20100327774A1 (en) * 2009-06-30 2010-12-30 Duncan Robert Kerr Housing Illumination for Portable Electronic Devices
CN102014545A (zh) * 2010-08-19 2011-04-13 上海闻泰电子科技有限公司 一种使led灯随音频信号闪动的装置以及手机

Similar Documents

Publication Publication Date Title
KR100547728B1 (ko) 휴대 단말기
JP6933862B2 (ja) ライト調整システムおよびライト
KR101641510B1 (ko) 변형과 분리가 가능한 블루투스 led스피커
JP2015172932A (ja) 眼鏡型情報端末、情報処理装置、コンピュータプログラムおよび記録媒体
AU2010239556B2 (en) Lighting techniques for wirelessly controlling lighting elements
CA2917232A1 (en) Media devices for audio and video projection of media presentations
JP2014053180A (ja) 照明装置およびプログラム
JP6479628B2 (ja) 眼鏡型情報端末、情報処理装置、コンピュータプログラム
AU2010239669B2 (en) Lighting techniques for wirelessly controlling lighting elements
NL2006891C2 (nl) Samenstel, inrichting, systeem en werkwijze voor het in- en uitschakelen van persoonlijke verlichting.
CN109754824A (zh) 一种音频文件播放方法及系统、放音设备及发光设备
US11369865B2 (en) Microprocessed electronic device for producing special effects by controlling and synchronizing light and sound
CN204806058U (zh) 带蓝牙音响的台灯
JP2021509072A (ja) 肌照明デバイス
JP2018006062A (ja) 照明制御システム
JP2017091840A (ja) 灯具システム及び灯具
JP3211345U (ja) 照明装置
KR102345027B1 (ko) 조명 장치, 및, 이 조명 장치가 장착되어 이루어지는 액자
KR20170027910A (ko) 블루투스 신호를 이용한 감성 조명 시스템
JP2004320597A (ja) プレーヤー付き無線通信端末装置
US20250281348A1 (en) Adult toy and related network and service-based interaction
US20250287488A1 (en) Lighting device for beverage container, lighting system for beverage container and method of lighting in beverage container
WO2025186617A1 (en) Adult toy and related network and service-based interaction
JP2000152998A (ja) 人の心理状態に影響を与える装置
CN115914915A (zh) 无线耳机的发光控制方法、装置、终端及无线耳机