[go: up one dir, main page]

NL1023574C2 - Trilinrichting. - Google Patents

Trilinrichting. Download PDF

Info

Publication number
NL1023574C2
NL1023574C2 NL1023574A NL1023574A NL1023574C2 NL 1023574 C2 NL1023574 C2 NL 1023574C2 NL 1023574 A NL1023574 A NL 1023574A NL 1023574 A NL1023574 A NL 1023574A NL 1023574 C2 NL1023574 C2 NL 1023574C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
eccentric weights
pair
weights
housing
eccentric
Prior art date
Application number
NL1023574A
Other languages
English (en)
Inventor
Arie Heinz Horst Kandt
Ferdinand Piccinini
Lorenzo Alberti
Original Assignee
Kandt Special Crane Equipment
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Family has litigation
First worldwide family litigation filed litigation Critical https://patents.darts-ip.com/?family=33129168&utm_source=google_patent&utm_medium=platform_link&utm_campaign=public_patent_search&patent=NL1023574(C2) "Global patent litigation dataset” by Darts-ip is licensed under a Creative Commons Attribution 4.0 International License.
Application filed by Kandt Special Crane Equipment filed Critical Kandt Special Crane Equipment
Priority to NL1023574A priority Critical patent/NL1023574C2/nl
Priority to AT04076398T priority patent/ATE516892T1/de
Priority to EP04076398A priority patent/EP1481739B1/en
Application granted granted Critical
Publication of NL1023574C2 publication Critical patent/NL1023574C2/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B06GENERATING OR TRANSMITTING MECHANICAL VIBRATIONS IN GENERAL
    • B06BMETHODS OR APPARATUS FOR GENERATING OR TRANSMITTING MECHANICAL VIBRATIONS OF INFRASONIC, SONIC, OR ULTRASONIC FREQUENCY, e.g. FOR PERFORMING MECHANICAL WORK IN GENERAL
    • B06B1/00Methods or apparatus for generating mechanical vibrations of infrasonic, sonic, or ultrasonic frequency
    • B06B1/10Methods or apparatus for generating mechanical vibrations of infrasonic, sonic, or ultrasonic frequency making use of mechanical energy
    • B06B1/16Methods or apparatus for generating mechanical vibrations of infrasonic, sonic, or ultrasonic frequency making use of mechanical energy operating with systems involving rotary unbalanced masses
    • B06B1/161Adjustable systems, i.e. where amplitude or direction of frequency of vibration can be varied
    • B06B1/166Where the phase-angle of masses mounted on counter-rotating shafts can be varied, e.g. variation of the vibration phase

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Apparatuses For Generation Of Mechanical Vibrations (AREA)
  • Placing Or Removing Of Piles Or Sheet Piles, Or Accessories Thereof (AREA)

Description

Tril inrichting.
BESCHRIJVING
De uitvinding heeft betrekking op een tril inrichting 5 voorzien van een huis waarin twee paren van twee naast elkaar gelegen excentrische gewichten om draaiingsassen draaibaar zijn gelegerd, waarbij voor ieder paar excentrische gewichten een eigen aandrijforgaan is aangebracht voor het in draaiing brengen van de excentrische gewichten, zodanig, dat tijdens bedrijf de beide excentrische gewichten van ieder 10 paar tegengesteld aan elkaar draaien, waarbij de inrichting zodanig is uitgevoerd, dat de draai stand van het ene paar gewichten ten opzichte van de draai stand van het andere paar gewichten instelbaar is.
Een dergelijke tril inrichting is bekend uit het Europese octrooi 1 038 068. Bij deze bekende inrichting wordt ieder paar 15 excentrische gewichten aangedreven via een op een uitgaande as van een aandrijforgaan aangebracht tandwiel, dat in ingrijping is met een met een van de excentrische gewichten verbonden tandwiel. Dit met een excentrisch gewicht verbonden tandwiel is in ingrijping met een verder aan het andere excentrische gewicht van het paar bevestigd tandwiel. De tandwielen van 20 de beide paren excentrische gewichten, die niet in ingrijping zijn met de aan de uitgaande assen van de aandrijforganen bevestigde tandwielen zijn onderling gekoppeld met een gecompliceerd, zwaar en veel ruimte in het huis in beslag nemend tandwielmechanisme met behulp waarvan de draai stand van het ene paar gewichten ten opzichte van de draai stand van het andere 25 paar gewichten instelbaar is. In de praktijk is gebleken, dat een dergelijke constructie zeer kwetsbaar is, daar indien bijvoorbeeld tijdens bedrijf een stuk van een tandwiel van een van de vele tandwielen afbreekt althans een groot deel van de tandwielen en dergelijke zodanig beschadigd kunnen worden, dat een volledige uitwisseling van alle 30 tandwielen noodzakelijk is.
Een verder nadeel van deze bekende inrichting is, dat H gezien de vele ruimte die de aan weerszijden van de beide paren I contragewichten opgestelde aandrijforganen en het tandwielmechanisme in beslag nemen, men gedwongen is om, teneinde het huis binnen acceptabele afmetingen te houden, de contragewichten zodanig aan te brengen, dat de I 5 draaiingsassen van de contragewichten zich loodrecht op de lange zijden H van het huis uitstrekken. Dientengevolge kunnen de contragewichten, gezien de toelaatbare afmetingen van het huis slechts een korte lengte I hebben hetgeen beperkingen stelt aan het gewicht van de contragewichten.
I Uit US-A-6504278 is een tri 1inrichting van bovengenoemde I 10 soort bekend, waarbij twee hydraulische motoren, ieder gekoppeld met een I paar van naast elkaar gelegen excentrische gewichten, in serie zijn verbonden voor het instellen van de fasehoeken van de paren excentrische gewichten onder gebruik maken van kleppen en dergelijke, die zijn I aangebracht tussen de hydraulische motoren en een de motoren voedende I 15 pomp.
I Verder zijn mechanische aanslagorganen aangebracht voor het I bepalen van eindstanden van de paren excentrische gewichten. Een en ander I leidt tot een gecompliceerde constructie.
I Volgens de uitvinding nu de inrichting voorzien van een I 20 elektrisch/elektronisch regelorgaan voor het regelen van de beide I aandrijforganen van de twee paren excentrische gewichten, zodanig, dat met behulp van het regelorgaan enerzijds een synchroon draaien van de I beide aandrijforganen te bewerkstelligen is en anderzijds door I beïnvloeding van althans een aandrijforgaan de draai stand van een paar I 25 gewichten ten opzichte van de draai stand van het andere paar gewichten te I verstellen is.
I Door rechtstreekse beïnvloeding van de aandrijforganen met I behulp van een geschikte regelorgaan, dat bijvoorbeeld door computer I gestuurde elektronische middelen of dergelijke omvat, kan enerzijds I 30 bewerkstelligd worden, dat tijdens normaal bedrijf de aandrijforganen en I daarmede de contragewichten op gewenste wijze voor het opwekken van een 3 tril kracht synchroon draaien, terwijl anderzijds, indien gewenst, eveneens door beïnvloeding van een of beide aandrijforganen de draai stand van het ene paar gewichten ten opzichte van de draai stand van het andere paar gewichten tijdens bedrijf instelbaar is.
5 Door toepassing van de constructie volgens de uitvinding kan het bij de bekende constructie toegepaste gecompliceerde tandwiel mechanisme voor het wijzigen van de draaistand van het ene paar contragewichten ten opzichte van de draaistand van het andere paar contragewichten vervallen, hetgeen de tril inrichting minder kwetsbaar 10 maakt en verder meer mogelijkheden biedt voor een doelmatige opbouw van de tril inrichting.
Bij voorkeur worden als aandrijforganen hydromotoren toegepast en wordt de toevoer van fluïdum aan de hydromotoren geregeld met behulp van het regel orgaan.
15 Een compacte opstelling van voor het aandrijven van een paar excentrische gewichten gebruikte tandwielen met het de desbetreffende tandwielen aandrijvend aandrijforgaan kan worden verkregen indien gezien in een richting loodrecht op een vlak door de draaingsassen van een paar excentrische gewichten het bijbehorende aandrijforgaan 20 tussen deze draaiingsassen is gelegen.
Gunstig liggen daarbij de draaiingsassen van twee in het huis boven elkaar opgestelde aandrijforganen dichter bij elkaar dan de beide, ieder door de draaingsassen van een paar excentrische gewichten lopende vlakken, waardoor een zeer compacte opbouw van de tril inrichting 25 is te verkrijgen.
Aangezien de tandwielen voor de aandrijving van de excentrische gewichten allen nabij een uiteinde van het huis zijn gelegen kunnen de tandwielen worden opgenomen in een huisdeel, dat gescheiden is van het de excentrische gewichten opnemende huisdeel waardoor bij 30 eventuele schade aan de tandwielen schade aan de contragewichten en de de contragewichten ondersteunende legers kan worden voorkomen.
I Bij voorkeur omvat daarbij dit huisdeel twee van elkaar gescheiden gedeelten, waarbij in het ene gedeelte van het huisdeel de bij een eerste paar excentrische gewichten behorende tandwielen zijn opgenomen en in het andere gedeelte van het huisdeel de bij het andere 5 paar excentrische gewichten behorende tandwielen zijn opgenomen.
Verder strekken zich volgens de uitvinding de excentrische gewichten in lengterichting van het huis uit, waardoor gewichten van vrij grote lengte kunnen worden toegepast waardoor hetzij zwaardere gewichten dan bij de bekende inrichtingen kunnen worden toegepast hetzij 10 contragewichten met een kleinere uitwendige straal.
De uitvinding zal hieronder nader worden uiteengezet aan de hand van bijgaande figuren.
Figuur 1 toont schematisch in perspectief een tril inrichting volgens de uitvinding waarbij delen zijn weggelaten voor 15 het weergeven van daarachter gelegen delen.
Figuur 2 toont een zijaanzicht op de in figuur 1 afgebeelde inrichting onder het weglaten van een wand van het huis.
Figuur 3 toont een schema voor het regelen van de aandrijforganen.
20 Figuren 4 en 5 tonen een tweetal verschillende relatieve standen, die de excentrische gewichten ten opzichte van elkaar kunnen aannemen.
Figuur 6 toont en doorsnede over een tweede uitvoeringsvorm van een tril inrichting volgens de uitvinding.
25 De in figuur 1 weergegeven tril inrichting omvat een huis 1, waarin een viertal excentrische gewichten 2-5 zijn opgenomen. Daarbij zijn de gewichten 2, 3, 4, 5 respectievelijk bevestigd aan assen 6, 7, 8 en 9, die zich evenwijdig aan elkaar uitstrekken en met behulp van niet nader weergegeven legers zijn ondersteund, zodanig, dat de assen 6-9 om 30 hun draaiingsassen voor de excentrische gewichten vormende hartlijnen draaibaar zijn.
5
De beide excentrische gewichten 2 en 3 vormen een eerste met elkaar samenwerkend paar excentrische gewichten waarbij de gewichten 2 en 3 met elkaar zijn gekoppeld met behulp van op de assen 6 en 7 bevestigde tandwielen 10 en 11, die met elkaar in ingrijping zijn. Op 5 soortgelijke wijze zijn de excentrische gewichten 4 en 5 met elkaar gekoppeld met behulp van op de assen 8 en 9 aangebrachte tandwielen 12 en 13, die met elkaar in ingrijping zijn.
Een verder aan de as 7 van het excentrische gewicht 3 bevestigd tandwiel 14 is in ingrijping met een op de uitgaande as 15 van 10 een hydromotor 16 bevestigd tandwiel 17. Op soortgelijke wijze is op de as 9 van het excentrisch gewicht 5 een tandwiel 18 aangebracht, dat in ingrijping is met een tandwiel 19, dat aangebracht is op de uitgaande as 20 van een hydromotor 21.
Tijdens bedrijf zullen de excentrische gewichten 2 en 3 met 15 behulp van de hydromotor 16 zodanig worden aangedreven, dat zij draaien in de met behulp van de pijlen A en B aangeduide richting. Verder zullen de excentrische gewichten 4 en 5 tijdens bedrijf met behulp van de hydromotor 21 zodanig worden aangedreven, dat zij draaien in de met behulp van de pijlen C en D aangegeven richting.
20 Aangezien alle tandwielen voor de aandrijving van de excentrische gewichten nabij een einde van het huis zijn opgesteld kan de ruimte waarin de tandwielen zijn gelegen door een schematisch in de figuur aangeduid tussenschot 22 van het resterende deel van het huis 1 zijn gescheiden. Verder kan deze ruimte nog in twee delen worden verdeeld 25 door een verder tussenschot 23, zodat de tandwielen voor de aandrijving van het ene paar excentrische gewichten 2 en 3 in een ruimte of huisdeel zijn gelegen, dat gescheiden is van de ruimte of het huisdeel waarin de tandwielen voor de aandrijving van het andere paar excentrische gewichten 4 en 5 zijn gelegen. Hierdoor wordt bereikt, dat indien schade optreedt 30 bij een paar excentrische gewichten 2, 3 of 4, 5 aandrijvende tandwielen deze schade geen invloed zal hebben op de het andere paar excentrische H gewichten aandrijvende tandwielen.
Zoals verder uit figuur 1 duidelijk zal zijn ligt de het paar excentrische gewichten 2 en 3 aandrijvende hydromotor 16 gezien in een richting loodrecht op het vlak door de draaiingsassen van deze 5 excentrische gewichten 2 en 3 tussen de draaiingsassen van de excentrische gewichten 2 en 3. Ditzelfde geldt voor de het paar I excentrische gewichten 4, 5 aandrijvende hydromotor 21. Verder liggen de hartlijnen respectievelijk draaiingsassen van de beide hydromotoren 16 en I 21 op een afstand van elkaar, die kleiner is dan de afstand tussen het I 10 door de draai ingsassen van het ene paar excentrische gewichten 2, 3 I verlopend vlak en het vlak, dat verloopt door de draaiingsassen van het I paar excentrische gewichten 4 en 5. Deze opstelling maakt een compacte I bouw van de tril inrichting mogelijk, terwijl het door deze opstelling verder mogelijk is om de excentrische gewichten in de lengterichting van I 15 het huis 1 te laten verlopen zonder dat het huis ongewenste afmetingen I verkrijgt. Dientengevolge kunnen ook excentrische gewichten met een I verhoudingsgewijs grote lengte worden toegepast hetgeen het gebruik van zware contragewichten mogelijk maakt, zonder dat daarbij de door de buitenomtrek van de contragewichten tijdens bedrijf beschreven baan te 20 groot wordt.
I Zoals schematisch in figuur 3 is weergegeven zal vloeistof met behulp van een pomp 24 via een kleppenmechanisme 25 worden toegevoerd I aan de beide hydromotoren 16 en 21. Zoals verder in figuur 2 is aangeduid I zijn de hydromotoren 16 en 21 en het kleppenblok 25 gekoppeld met een I 25 regelorgaan 27, dat tijdens bedrijf het toerental van de beide motoren 16 I en 21 meet en dit toerental van de beide motoren 16 en 21 kan beïnvloeden I door via het klepmechanisme de toevoer van vloeistof aan de motoren 16 en I 21 te regelen. Het regelorgaan 27 kan hierbij zijn voorzien van een I computer, welke langs elektrische/elektronische weg signalen van de I 30 motoren ontvangt en langs elektrische/elektronische weg kleppen stuurt I voor het regelen van de vloeistofstroom naar de motoren.
7
Tijdens normaal bedrijf zullen de excentrische gewichten 2 en 3 van het ene paar en de excentrische gewichten 4 en 5 van het andere paar de in figuur 5 aangeduide relatieve stand ten opzichte van elkaar innemen voor het bewerkstelligen van een tril kracht in de richting 5 volgens pijl E. Daarbij zal het regel orgaan 27 een zodanige toevoer van vloeistof aan de hydromotoren 16 en 21 bewerkstelligen, dat de excentrische gewichten allen met hetzelfde toerental rondlopen.
Alvorens de tril inrichting uit te schakelen worden bij voorkeur de excentrische gewichten in de in de figuur 4 weergegeven 10 relatieve stand ten opzichte van elkaar gebracht voor het opheffen van de tril kracht. Hiertoe wordt met behulp van het regelorgaan 27 het klepmechanisme 25 zodanig beïnvloed, dat kortstondig meer of minder vloeistof aan de ene hydromotor wordt toegevoerd dan aan de andere hydromotor zodat de excentrische gewichten van het ene paar kortstondig 15 een weinig sneller of langzamer draaien dan de excentrische gewichten van het andere paar voor het wijzigen van de relatieve stand van de excentrische gewichten van beide groepen ten opzichte van elkaar. Vervolgens kan het toerental van beide paren excentrische gewichten gelijktijdig naar nul worden teruggebracht en de trilmachine worden 20 stilgezet.
Tijdens stilstand van de machine zullen in het algemeen onder invloed van de zwaartekracht en door weglekken van olie uit de hydromotoren 16 en 21 de excentrische gewichten van beide paren weer de in figuur 5 weergegeven relatieve stand ten opzichte van elkaar innemen. 25 Bij het opstarten wordt dan ook met behulp van het regel orgaan 27 bewerkstelligd, dat kortstondig aan de ene hydromotor meer of minder vloeistof wordt toegevoerd dan aan de andere hydromotor teneinde de in figuur 4 weergegeven relatieve stand van de excentrische gewichten ten opzichte van elkaar tot stand brengen zodat tijdens opvoeren van het 30 toerental van de excentrische gewichten tot aan het bedrijfstoerental geen tril kracht wordt uitgeoefend . Vervolgens zal het toerental van de H excentrische gewichten worden opgevoerd tot het beoogde bedrijfstoerental voor het trillen waarna weer met behulp van het regel orgaan 27 aan een van beide hydromotoren kortstondig meer of minder olie wordt toegevoerd om de excentrische gewichten van beide paren weer in de in figuur 5 5 weergegeven relatieve stand voor normaal bedrijf ten opzichte van elkaar te brengen. Het zal duidelijk zijn, dat, indien gewenst, met behulp van het regel orgaan 27 ook andere relatieve standen van de excentrische gewichten ten opzichte van elkaar kunnen worden bewerkstelligd.
Door toepassing van het regel orgaan 27, dat de toerentallen 10 van de hydromotoren en de toevoer van vloeistof aan de hydromotoren I bewaakt en regelt kan de relatieve stand van de beide paren excentrische gewichten ten opzichte van elkaar eenvoudig worden ingesteld zonder I gebruikmaken van gecompliceerde Mechanische middelen waardoor de opbouw I van de tril inrichting eenvoudiger en minder kwetsbaar is dan bij de tot I 15 nu toe bekende constructies. Door omkering van de draairichting van de I excentrische gewichten kan de richting waarin de tril kracht werkt worden I gewijzigd.
I Figuur 6 toont een tweede uitvoeringsvorm van een I tril inrichting volgens de uitvinding. In deze figuur zijn de onderdelen 20 overeenkomend met de in de voorgaande figuren afgeheelde en hierboven I beschreven onderdelen van dezelfde verwijzingscijfers voorzien als I gebruikt in de figuren 1-5.
Zoals uit figuur ö duidelijk zal zijn zijn bij deze I uitvoering de met de excentrische gewichten 2 en 3 verbonden tandwielen I 25 en de deze excentrische gewichten aandrijvende motor 16 bij een uiteinde I van het huis 1 opgesteld, terwijl de met de excentrische gewichten 4 en 5 I verbonden tandwielen en de deze excentrische gewichten aandrijvende motor I 21 nabij het andere uiteinde van het huis 1 zijn opgesteld. Daarbij is het op de uitgaande as van de motor 16 bevestigde tandwiel 17 I 30 rechtstreeks in ingrijping met een van de met de excentrische gewichten 2 I en 3 verbonden tandwielen, terwijl het op de uitgaande as van de motor 21 9 aangebrachte tandwiel 19 rechtstreeks in ingrijping is met een van de met de excentrische gewichten 4 en 5 verbonden tandwielen.
De uiteinden van de de excentrische gewichten dragende assen zijn gelegerd in legers 28, die zijn aangebracht in het huis 1 aan 5 de uiteinden afsluitende deksels 29.
Op enige afstand van de beide deksels 29 zijn in het huis zich evenwijdig aan de deksels üitstrekkende schotten 30 aangebracht, zodanig, dat de tandwielen aan beide einden van het huis 1 zijn gelegen in een van de de excentrische gewichten opnemende ruimte afgescheiden 10 ruimte. Verder zijn tussen de deksels 29 en de schotten 30 ter halve hoogte dwarsschotten 31 aangebracht, zodat de ruimte, waarin de bij een paar excentrische gewichten behorende tandwielen zijn gelegen afgescheiden is van de aan het overeenkomstige einde van het huis 1 gelegen uiteinden van de assen van het andere paar excentrische 15 gewichten. Het zal duidelijk zijn, dat hierdoor bij schade aan bij een paar contragewichten behorende tandwielen deze schade zich niet kan voortplanten naar andere delen van de tril inrichting. Verder zijn de verschillende onderdelen goed toegankelijk voor onderhoud en dergelijke terwijl tevens een goede gewichtsverdeling door de gelijkmatige verdeling 20 van de verschillende onderdelen is verkregen.
In figuur 6 is tevens nog een klemorgaan 32 aangeduid met behulp waarvan de tril inrichting bijvoorbeeld aan een damwandplank of dergelijke kan worden vastgeklemd.
Het zal duidelijk zijn, dat binnen de geest en 25 beschermingsomvang van de uitvinding aanvullingen en/of wijzigingen in de bovenbeschreven en in de figuren afgebeelde uitvoeringen kunnen worden aangebracht. Zo is het bijvoorbeeld denkbaar in plaats van hydromotoren elektromotoren voor de aandrijving van de excentrische gewichten te gebruiken waarbij de toerentallen van de elektromotoren weer met behulp 30 van een regel orgaan kunnen worden beïnvloed.
De tril inrichting is in het bijzonder gedacht om te worden H gebruikt voor het in de grond indrijven van palen of dergelijke of voor het uit de grond verwijderen van palen en dergelijke, maar het zal duidelijk zijn, dat de tril inrichting ook voor andere toepassingen te I gebruiken is.

Claims (9)

1. Tril inrichting voorzien van een huis waarin twee paren van twee naast elkaar gelegen excentrische gewichten om draaiingsassen 5 draaibaar zijn gelegerd, waarbij voor ieder paar excentrische gewichten een eigen aandrijforgaan is aangebracht voor het in draaiing brengen van de excentrische gewichten, zodanig, dat tijdens bedrijf de beide excentrische gewichten van ieder paar tegengesteld aan elkaar draaien, waarbij de inrichting zodanig is uitgevoerd, dat de draai stand van het 10 ene paar gewichten ten opzichte van de draai stand van het andere paar gewichten instelbaar is, met het kenmerk, dat de inrichting is voorzien van een elektrisch/elektronisch regel orgaan voor het regelen van de beide aandrijforganen van de twee paren excentrische gewichten, zodanig, dat met behulp van het regel orgaan enerzijds een synchroon draaien van de 15 aandrijforganen te bewerkstelligen is en anderzijds door beïnvloeding van althans een aandrijforgaan de draai stand van een paar gewichten ten opzichte van de draai stand van het andere paar gewichten te verstellen is.
2. Tril inrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat 20 als aandrijforganen hydromotoren worden toegepast en de toevoer van fluïdum aan de hydromotoren met behulp van het regel orgaan wordt geregeld.
3. Tril inrichting volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat gezien in een richting loodrecht op een vlak door de draaiingsasssen 25 van een paar excentrische gewichten het bijbehorende aandrijforgaan tussen deze draaiingsassen is gelegen.
4. Tril inrichting volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de draai ingsassen van twee in het huis boven elkaar opgestelde aandrijforganen dichter bij elkaar liggen dan de beide, ieder 30 door de draaiingsassen van een paar excentrische gewichten lopende vlakken. 1 f193574
5. Tril inrichting volgens een der voorgaande conclusies, met I het kenmerk, dat de bij het ene paar excentrische gewichten behorende tandwielen nabij het ene einde van het huis en de bij het andere paar I excentrische gewichten behorende tandwielen nabij het andere einde van 5 het huis zijn opgesteld.
6. Tril inrichting volgens een der voorgaande conclusies, met I het kenmerk, dat de tandwielen voor het aandrijven van de excentrische I gewichten zijn opgenomen in een huisdeel dat gescheiden is van het de I excentrische gewichten opnemende huisdeel. I 10
7. Tri 1inrichting volgens conclusie 6, met het kenmerk, dat I het de tandwielen opnemende huisdeel twee van elkaar gescheiden gedeelten I omvat, waarbij in het ene gedeelte van het huisdeel de bij een eerste I paar excentrische gewichten behorende tandwielen zijn opgenomen en in het I andere gedeelte van het huisdeel de bij het andere paar excentrische I 15 gewichten behorende tandwielen zijn opgenomen.
8. Trilinrichting volgens conclusie 6, met het kenmerk, dat de I nabij de beide uiteinden van het huis aangebrachte tandwielen zijn I opgenomen in van het de excentrische gewichten opnemend huisdeel I gescheiden huisdelen, terwijl de in een huisdeel gelegen, bij een paar I 20 excentrische gewichten behorende tandwielen zijn afgescheiden van de in I het desbetreffende huisdeel gelegen uiteinden van de assen van het andere I paar excentrische gewichten.
9. Trilinrichting volgens een der voorgaande conclusies, met I het kenmerk, dat de excentrische gewichten zich in de lengterichting van I 25 het huis uitstrekken.
NL1023574A 2003-05-30 2003-05-30 Trilinrichting. NL1023574C2 (nl)

Priority Applications (3)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1023574A NL1023574C2 (nl) 2003-05-30 2003-05-30 Trilinrichting.
AT04076398T ATE516892T1 (de) 2003-05-30 2004-05-11 Ein vibrierende vorrichtung mit zwei paar zwei exzentrischen gewichten
EP04076398A EP1481739B1 (en) 2003-05-30 2004-05-11 A vibrating device comprising two pairs of two eccentric weights

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1023574 2003-05-30
NL1023574A NL1023574C2 (nl) 2003-05-30 2003-05-30 Trilinrichting.

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL1023574C2 true NL1023574C2 (nl) 2004-12-01

Family

ID=33129168

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL1023574A NL1023574C2 (nl) 2003-05-30 2003-05-30 Trilinrichting.

Country Status (3)

Country Link
EP (1) EP1481739B1 (nl)
AT (1) ATE516892T1 (nl)
NL (1) NL1023574C2 (nl)

Families Citing this family (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
EP1867402A1 (en) * 2006-06-15 2007-12-19 Visam S.r.l. Improved vibrator
DE102013020690A1 (de) * 2013-12-03 2015-06-03 Bomag Gmbh Schwingungserreger für einen Vibrationsverdichter sowie Baumaschine mit einem solchen Schwingungserreger
EP3165290B1 (de) * 2015-11-06 2021-04-07 BAUER Maschinen GmbH Schwingungserzeuger und verfahren zum einbringen eines rammgutes in einen boden
GB2573535B (en) * 2018-05-08 2021-05-05 Terex Gb Ltd Adjustable vibratory drive system
CN115739247B (zh) * 2022-12-09 2023-07-04 连云港市第一人民医院 一种防凝的医疗检验用采血管放置装置及其使用方法

Citations (6)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
FR54751E (fr) * 1946-05-15 1950-08-01 Appareil générateur de vibrations
DE1149304B (de) * 1957-04-03 1963-05-22 Losenhausenwerk Duesseldorfer Bodenverdichter mit einem Unwuchtruettler zur Erzeugung gerichteter Schwingungen
US3292835A (en) * 1964-03-28 1966-12-20 Philips Corp Vibratory drive for intermittent tape transport
DE2919987A1 (de) * 1979-05-17 1980-11-20 Wacker Werke Kg Von einem hydromotor angetriebener unwuchtvibrator
EP1038068B1 (en) * 1998-03-19 2001-06-13 International Construction Equipment B.V. Method and apparatus for vibrating an object
US6504278B1 (en) * 1998-05-08 2003-01-07 Gedib Ingenieurburo Und Innovationsberatung Gmbh Regulating device for adjusting the static moment resulting from unbalanced mass vibration generators

Patent Citations (6)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
FR54751E (fr) * 1946-05-15 1950-08-01 Appareil générateur de vibrations
DE1149304B (de) * 1957-04-03 1963-05-22 Losenhausenwerk Duesseldorfer Bodenverdichter mit einem Unwuchtruettler zur Erzeugung gerichteter Schwingungen
US3292835A (en) * 1964-03-28 1966-12-20 Philips Corp Vibratory drive for intermittent tape transport
DE2919987A1 (de) * 1979-05-17 1980-11-20 Wacker Werke Kg Von einem hydromotor angetriebener unwuchtvibrator
EP1038068B1 (en) * 1998-03-19 2001-06-13 International Construction Equipment B.V. Method and apparatus for vibrating an object
US6504278B1 (en) * 1998-05-08 2003-01-07 Gedib Ingenieurburo Und Innovationsberatung Gmbh Regulating device for adjusting the static moment resulting from unbalanced mass vibration generators

Also Published As

Publication number Publication date
EP1481739A1 (en) 2004-12-01
ATE516892T1 (de) 2011-08-15
EP1481739B1 (en) 2011-07-20

Similar Documents

Publication Publication Date Title
NL1008635C2 (nl) Trilinrichting en werkwijze voor het trillend aandrijven van een voorwerp.
AU2010323083B2 (en) Compaction device and method for compacting ground
NL1023574C2 (nl) Trilinrichting.
JP2677692B2 (ja) 無段階調整可能な流体静力学的運転装置及びその運転方法
EP0776431B1 (en) Vibration-compensating apparatus
US5762176A (en) Belt driven vibratory apparatus
NL8002274A (nl) Schroeflijnvormige transporteur met trillende aandrijving.
NL194008C (nl) Vibratieheiblok voor het heien en/of trekken van heimateriaal.
JP5652949B2 (ja) 車両用の無段階トランスミッション装置
CN107427863B (zh) 振动器
NL1008965C2 (nl) Werkwijze en inrichting voor het trillend aandrijven van een voorwerp.
NL8101500A (nl) Trilinrichting.
US3736066A (en) Vibratory earth compacting apparatus
NL7906712A (nl) Werkwijze voor het regelen van de werphoek van een trilzeef of -toevoerinrichting.
CN1046991C (zh) 双重振动补偿设备
US3595145A (en) Soil compacting machine
CN203785858U (zh) 一种机械式高频振动台
JP7570353B2 (ja) 振動発生装置およびそのような振動発生装置を備えた建設機械
US3395626A (en) Soil compacting machine
IL30535A (en) A vibratory road-roller
EP0025408A2 (en) Directionally variable vibration generator
US5652002A (en) Vibration apparatus for concrete molding box
EP2724966A1 (de) Verfahren zum Rütteln von gestapeltem, blattförmigem Gut mittels eines Rütteltisches sowie Vorrichtung zur Durchführung des Verfahrens
NL2011641C2 (nl) Trilinrichting voor het in de bodem drukken of trillen van een funderingselement.
NL1030015C2 (nl) Werkwijze en inrichting voor het trillend aandrijven van een voorwerp.

Legal Events

Date Code Title Description
PD2B A search report has been drawn up
V1 Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20131201