[go: up one dir, main page]

NL1004679C1 - Fluid plug-in connection. - Google Patents

Fluid plug-in connection. Download PDF

Info

Publication number
NL1004679C1
NL1004679C1 NL1004679A NL1004679A NL1004679C1 NL 1004679 C1 NL1004679 C1 NL 1004679C1 NL 1004679 A NL1004679 A NL 1004679A NL 1004679 A NL1004679 A NL 1004679A NL 1004679 C1 NL1004679 C1 NL 1004679C1
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
bore
slot
legs
locking member
pipe
Prior art date
Application number
NL1004679A
Other languages
Dutch (nl)
Inventor
Peter Bernard Hulzebos
Original Assignee
Applied Power Inc
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Applied Power Inc filed Critical Applied Power Inc
Priority to NL1004679A priority Critical patent/NL1004679C1/en
Priority to DE19750083A priority patent/DE19750083B4/en
Priority to US08/980,117 priority patent/US5997048A/en
Application granted granted Critical
Publication of NL1004679C1 publication Critical patent/NL1004679C1/en

Links

Classifications

    • FMECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
    • F16ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
    • F16LPIPES; JOINTS OR FITTINGS FOR PIPES; SUPPORTS FOR PIPES, CABLES OR PROTECTIVE TUBING; MEANS FOR THERMAL INSULATION IN GENERAL
    • F16L37/00Couplings of the quick-acting type
    • F16L37/08Couplings of the quick-acting type in which the connection between abutting or axially overlapping ends is maintained by locking members
    • F16L37/12Couplings of the quick-acting type in which the connection between abutting or axially overlapping ends is maintained by locking members using hooks, pawls, or other movable or insertable locking members
    • F16L37/14Joints secured by inserting between mating surfaces an element, e.g. a piece of wire, a pin, a chain
    • F16L37/142Joints secured by inserting between mating surfaces an element, e.g. a piece of wire, a pin, a chain where the securing element is inserted tangentially
    • F16L37/144Joints secured by inserting between mating surfaces an element, e.g. a piece of wire, a pin, a chain where the securing element is inserted tangentially the securing element being U-shaped

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • General Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Quick-Acting Or Multi-Walled Pipe Joints (AREA)
  • Pistons, Piston Rings, And Cylinders (AREA)

Description

Korte aanduiding: Fluïduminsteekverbinding.Short designation: Fluid plug-in connection.

De onderhavige uitvinding heeft betrekking op een fluïduminsteekverbinding volgens de aanhef van conclusie 1.The present invention relates to a fluid insertion connection according to the preamble of claim 1.

Een dergelijke verbinding van een fluïdumleiding met een aansluitorgaan, bijvoorbeeld met een hydraulische cilinder, 5 een hydraulische pomp of een kleppenblok, is bekend uit het Duitse octrooi 38 17 472. Bij deze bekende verbinding is de leiding vergrendeld met een U-vormige metalen klem, die in een evenwijdig aan de insteekzijde van de insteekboring in het aansluitorgaan gevormde sleuf steekt.Such a connection of a fluid line with a connecting member, for instance with a hydraulic cylinder, a hydraulic pump or a valve block, is known from German patent 38 17 472. In this known connection, the line is locked with a U-shaped metal clamp, which inserts into a slot formed parallel to the insertion side of the insertion bore in the connector.

10 Deze bekende verbinding heeft als nadeel dat het in het aansluitorgaan aanbrengen van de sleuf voor het opnemen van de klem gecompliceerd is, hetgeen leidt tot een hoge kostprijs.This known connection has the drawback that arranging the slot for receiving the clamp in the connecting member is complicated, which leads to a high cost price.

De onderhavige uitvinding beoogt bovengenoemd nadeel op te heffen en in het bijzonder een verbinding te verschaffen 15 die aanzienlijk goedkoper kan worden gerealiseerd dan de bekende verbinding. Verder beoogt de onderhavige uitvinding een verbinding te verschaffen die zeer eenvoudig gemonteerd en gedemonteerd kan worden.The object of the present invention is to eliminate the above-mentioned drawback and in particular to provide a connection which can be realized considerably cheaper than the known connection. Furthermore, the present invention aims to provide a connection which can be very easily assembled and disassembled.

De onderhavige uitvinding verschaft een verbinding volgens 20 de aanhef van conclusie 1, die is gekenmerkt doordat bij de insteekboring van het aansluitorgaan een opneemorgaan voor het vergrendelingsorgaan vast is aangebracht, welk opneemorgaan een op de insteekboring aansluitende doorgaande axiale boring heeft, zodanig dat het insteekdeel van de leiding door de axiale boring 2 5 van het opneemorgaan en in de insteekboring van het aansluitorgaan steekt, doordat het opneemorgaan is voorzien van een naar buiten stekende ringflens, die in het eerste gedeelte van de insteekboring past, en doordat de ringflens in het eerste gedeelte van de insteekboring is vastgezet door vervormen van het 30 aansluitorgaan.The present invention provides a connection according to the preamble of claim 1, characterized in that a receptacle for the locking member is fixedly arranged at the insertion bore of the connecting member, which receptacle has a through axial bore connecting to the insertion bore, such that the insertion part of the conduit extends through the axial bore 2 of the receptacle and into the insertion bore of the connector, because the receptacle is provided with an outwardly protruding ring flange, which fits in the first part of the insertion bore, and because the ring flange in the first part of the insertion bore is secured by deforming the connecting member.

De uitvinding voorziet derhalve in het vast aan het aansluitorgaan aanbrengen van een afzonderlijk te vervaardigen opneemorgaan. Het aan het aansluitorgaan vastzetten van het opneemorgaan kan eenvoudig en betrouwbaar geschieden met een 35 f elsbewerking. De leiding wordt losneembaar aan het opneemorgaan v ^ - 2 - bevestigd met behulp van het vergrendelingsorgaan. De maatregelen volgens de uitvinding hebben tot gevolg dat het aansluitorgaan eenvoudig kan worden geproduceerd. Verder kan in beginsel één enkele uitvoeringsvorm van het aansluitorgaan naar keuze worden 5 voorzien van een gewenste verbinding met een leiding omdat later een op de gewenste verbinding met de fluïdumleiding afgestemde uitvoering van het opneemorgaan aan het aansluitorgaan kan worden aangebracht. Tevens is de produktie van het opneemorgaan als los onderdeel aanzienlijk eenvoudiger dan wanneer het opneemorgaan 10 een integraal onderdeel zou zijn van het aansluitorgaan zoals bij de bekende verbinding het geval is.The invention therefore provides for the fixed attachment of a receiving member to be manufactured fixedly to the connecting member. Securing the receiving member to the connecting member can be done simply and reliably with a folding operation. The conduit is detachably attached to the receptacle v 2 by means of the locking member. The measures according to the invention have the result that the connecting member can be produced in a simple manner. Furthermore, in principle, a single embodiment of the connecting member can optionally be provided with a desired connection to a pipe, because later an embodiment of the receiving member adapted to the desired connection with the fluid pipe can be arranged on the connecting member. The production of the receiving member as a separate part is also considerably simpler than if the receiving member 10 were an integral part of the connecting member, as is the case with the known connection.

Verdere voordelige uitvoeringsvormen van de uitvinding zijn beschreven in de conclusies en in de navolgende beschrijving, waarin de uitvinding nader zal worden toegelicht aan de hand * 15 van de tekening. Daarbij toont: fig. 1 in langsdoorsnede een deel van de pakkingbus en de zuigerstang van een hydraulische cilinder, die is voorzien van een eerste uitvoeringsvoorbeeld van de f luïduminsteekverbinding volgens de uitvinding, 20 fig. 2 in doorsnede haaks op het vlak van fig.l het opneemorgaan, fig. 3 in bovenaanzicht het vergrendelingsorgaan van fig. 1, figs. 4a en 4b in doorsnede over de lijn IV-IV het vergrendelingsorgaan, het opneemorgaan en de leiding, respectievelijk in de stand waarin de leiding kan worden 25 aangebracht of verwijderd en in de stand waarin de leiding is vergrendeld, fig. 5 in langsdoorsnede een deel van de pakkingbus en de zuigerstang van een hydraulische cilinder, die is voorzien van een tweede uitvoeringsvoorbeeld van de f luïduminsteekverbinding 30 volgens de uitvinding, fig. 6 de dwarsdoorsnede van de pakkingbus in fig. 5, fig. 7 in doorsnede overeenkomstig figuur 5 het vast aan de pakkingbus te bevestigen opneemorgaan, fig. 8 een doorsnede overeenkomstig figuur 6 van de bevestiging 35 van het opneemorgaan aan de pakkingbus, en fig. 9 in perspectief het vergrendelingsorgaan van figuur 5. In figuur 1 is een metalen pakkingbus 1 van een hydraulische 1004679 - 3 - lineaire cilinder getoond met een centrale axiale boring waar de zuigerstang 2 van de cilinder doorheen steekt.Further advantageous embodiments of the invention are described in the claims and in the following description, in which the invention will be further elucidated with reference to the drawing. In the drawing: Fig. 1 shows a longitudinal section of a part of the stuffing box and the piston rod of a hydraulic cylinder, which is provided with a first embodiment of the fluid plug connection according to the invention, Fig. 2 is a cross section at right angles to the plane of Fig. 1 the receiving member, fig. 3, in top view, the locking member of fig. 1, figs. 4a and 4b in section along the line IV-IV the locking member, the receiving member and the conduit, respectively in the position in which the conduit can be fitted or removed and in the position in which the conduit is locked, fig. 5 in longitudinal section a part of the stuffing box and the piston rod of a hydraulic cylinder, which is provided with a second embodiment of the fluid plug-in connection 30 according to the invention, fig. 6 shows the cross section of the stuffing box in fig. 5, fig. 7 in section according to fig. receptacle to be fastened to the stuffing box, fig. 8 shows a section according to fig. 6 of the fastening 35 of the receptacle to the stuffing box, and fig. 9 shows in perspective the locking member of fig. 5. In fig. 1 is a metal stuffing box 1 of a hydraulic 1004679 - 3 - linear cylinder shown with a central axial bore through which the piston rod 2 of the cylinder protrudes.

Voor het aansluiten van zuigerstangzijdige arbeidskamer van de cilinder op hydraulische leiding 3 is in de pakkingbus 5 1 een insteekboring 4 gevormd. De insteekzijde van de insteekboring 4 ligt in het buitenvlak 5 van de pakkingbus 1.An insertion bore 4 is formed in the stuffing box 5 1 for connecting the piston rod-side working chamber of the cylinder to hydraulic line 3. The insertion side of the insertion bore 4 lies in the outer surface 5 of the stuffing box 1.

De leiding 3 heeft een insteekdeel 6 dat in de insteekboring 4 past.The pipe 3 has an insert part 6 which fits into the insert bore 4.

De insteekboring 4 heeft, gezien in de insteekrichting 10 van het insteekdeel 6, een op het buitenvlak 5 van de pakkingbus 1 aansluitend eerste gedeelte 7 met een eerste diameter, een daarop aansluitend een tweede gedeelte 8 met een tweede diameter die kleiner is dan de eerste diameter, en tenslotte een derde gedeelte 9 met een derde diameter die kleiner is dan de tweede 15 diameter. In het tweede deel 8 van de insteekboring 4 is een rubberen afdichtingsring 10, in dit voorbeeld een zogenaamde Quad-ring, ondergebracht.The insertion bore 4, viewed in the insertion direction 10 of the insertion part 6, has a first part 7 of the stuffing box 1 connecting to the outer surface 5 of the stuffing box 1, and a second part 8 of a second diameter which is smaller than the first diameter, and finally a third section 9 with a third diameter smaller than the second diameter. A rubber sealing ring 10, in this example a so-called Quad ring, is housed in the second part 8 of the insertion bore 4.

De pakkingbus 1 is bij de insteekboring 4 voorzien van een als opneemorgaan voor een later te beschrijven 20 vergrendelingsorgaan dienende metalen bus 11. Deze bus 11 heeft een op de insteekboring 4 aansluitende axiale doorgaande boring 12 (zie figuur 2) , zodat het insteekdeel 6 van de leiding 3 door de axiale boring 12 van de bus 11 in de insteekboring 4 van de pakkingbus l steekt.The stuffing box 1 is provided at the insertion bore 4 with a metal bush 11 serving as a receiving member for a locking member to be described later. This bush 11 has an axial through bore 12 connecting to the insertion bore 4, so that the insertion part 6 of the conduit 3 extends through the axial bore 12 of the sleeve 11 into the insertion bore 4 of the stuffing box 1.

25 Aan een axiaal einde daarvan heeft de bus 11 een naar buiten stekende ringflens 13, die in het eerste deel 7 van de insteekboring 4 past. Deze ringflens 13 is in het eerste gedeelte 7 van de insteekopening 4 vastgezet door het met een felsbewerking vervormen van het om de insteekopening 4 liggende ringgebied 3 0 van de pakkingbus 1. Voor deze felsbewerking wordt een ringvormig stempel om de bus 11 heen op metalen ringgebied 16 van de pakkingbus 1 geplaatst en vervolgens met grote kracht aangedrukt, zodat het boven de ringflens 13 van de bus 11 uitstekende randgebied van de pakkingbus 1 over de ringflens 13 wordt vervormd 35 en de ringflens 13 daardoor stevig in het vervormde metaal wordt vastgezet.At an axial end thereof, the sleeve 11 has an outwardly projecting ring flange 13, which fits into the first part 7 of the insertion bore 4. This ring flange 13 is fixed in the first part 7 of the insertion opening 4 by deforming the ring area 30 of the stuffing box 1 surrounding the insertion opening 4 with a seam operation. For this seaming operation, an annular punch is placed around the sleeve 11 on the metal ring area. 16 of the stuffing box 1 and then pressed with great force, so that the edge area of the stuffing box 1 protruding above the ring flange 13 of the box 11 is deformed over the ring flange 13 and the ring flange 13 is thereby firmly fixed in the deformed metal.

Voor het vergrendelen van de leiding 3 is deze op een 1GG4679 - 4 - afstand van het vrije einde van het insteekdeel 6 voorzien van een naar buiten stekende ringflens 18, die als vergrendelingsaanslag dient.To lock the conduit 3, it is provided at a distance of 1GG4679-4 from the free end of the insert 6 with an outwardly protruding ring flange 18, which serves as a locking stop.

De bus 11 is aan weerszijden grenzend aan de axiale boring 5 12 daarvan voorzien van een zich dwars op die axiale boring 12 uitstrekkende sleuf 20,21, hetgeen duidelijk is te zien in figuur 2. De sleuven 20,21 zijn evenwijdig aan elkaar en hebben een onderlinge afstand die kleiner is dan de axiale boring 12 op die plaats.The sleeve 11 is provided on either side adjacent to the axial bore 5 12 thereof with a slot 20,21 extending transversely to that axial bore 12, which is clearly seen in figure 2. The slots 20,21 are parallel to each other and have a mutual distance smaller than the axial bore 12 at that location.

10 Voor het vergrendelen van de leiding 3 is een vergrendelingsorgaan 30 voorzien dat in detail is getoond in de figuren 3, 4a en 4b. Het vergrendelingsorgaan 30 is in hoofdzaak U-vormig uitgevoerd uit metaal en heeft twee benen 31, 32. In de gemonteerde toestand van het vergrendelingsorgaan 15 3 0 steken de benen 31, 32 elk in één van de sleuven 20, 21 van de bus 11, waarbij de benen 31, 32 aan weerszijden langs de leiding 3 liggen en daarbij de ringflens 18 overdekken.For locking the conduit 3, a locking member 30 is provided, which is shown in detail in Figures 3, 4a and 4b. The locking member 30 is substantially U-shaped in metal and has two legs 31, 32. In the assembled state of the locking member, the legs 31, 32 each insert into one of the slots 20, 21 of the sleeve 11, wherein the legs 31, 32 lie on either side along the line 3 and thereby cover the ring flange 18.

Aan de hand van de figuren 3, 4a en 4b is te herkennen dat de benen 31, 32 van het vergrendelingsorgaan 30 tussen hen 20 in een sleufopening 34 definiëren die een eerste sleufdeel 35 omvat, waar de ringflens 18 van de leiding 3 doorheen past wanneer het eerste sleufdeel 35 is uitgelijnd ten opzichte van de insteekboring 4 (zie figuur 4a), en een met het eerste sleufdeel 35 verbonden tweede sleufdeel 36, dat nauwer is dan het eerste 25 sleufdeel 35, zodat wanneer het tweede sleufdeel 36 is uitgelijnd ten opzichte van de insteekboring 4 (zie figuur 4b) een deel van de beide benen 31, 32 van het vergrendelingsorgaan 30 de ringflens 18 van de leiding 3 overdekt, waardoor het insteekdeel tegen uittrekken is vergrendeld.It can be recognized with reference to Figures 3, 4a and 4b that the legs 31, 32 of the locking member 30 define between them 20 in a slot opening 34 which comprises a first slot part 35, through which the ring flange 18 of the conduit 3 fits when the first slot part 35 is aligned with respect to the insertion bore 4 (see figure 4a), and a second slot part 36 connected to the first slot part 35, which is narrower than the first slot part 35, so that when the second slot part 36 is aligned with respect to of the insertion bore 4 (see figure 4b) a part of the two legs 31, 32 of the locking member 30 covers the ring flange 18 of the pipe 3, whereby the insertion part is locked against extraction.

30 De sleuf opening 34 tussen de beide benen 31, 32 van het vergrendelingsorgaan 30 omvat verder een derde sleufdeel 37, dat het eerste sleufdeel 35 en het tweede sleufdeel 36 met elkaar verbindt, waarbij het derde sleufdeel 37 op ten minste een plaats een nauwe doorlaat begrenst die kleiner is dan de overeenkomstige 35 afmeting van het deel van het insteekdeel van de leiding 3, dat bij het bewegen van het vergrendelingsorgaan 30 door het derde sleufdeel 37 passeert. Aangezien de benen 31, 32 verend uiteen ·, OGi 379 - 5 - beweegbaar zijn, kan het insteekdeel onder overwinning van een weerstand door het derde sleufdeel 37 passeren en is het vergrendelingsorgaan 30 dan in zijn stand geborgd.The slot opening 34 between the two legs 31, 32 of the locking member 30 further comprises a third slot part 37, which connects the first slot part 35 and the second slot part 36, the third slot part 37 at least in a narrow passage which is smaller than the corresponding size of the part of the insertion part of the conduit 3, which passes through the third slot part 37 when the locking member 30 is moved. Since the legs 31, 32 are resiliently movable, the insertion part can pass through the third slot part 37 under the resistance, and the locking member 30 is then locked in its position.

In figuur 4a is verder te herkennen dat de sleufopening 5 34 tussen de beide benen 31, 32 van het vergrendelingsorgaan 30 nabij het vrije einde van de beide benen nauwer is dan de overeenkomstige afmeting van een zich tussen beide sleuven 21,22 in de bus 11 bevindend wanddeel 24 van de bus 11. Hierdoor wordt het vergrendelingsorgaan 30 nadat het eenmaal met zijn benen 10 31, 32 in de sleuven 21,22 van de bus 11 is gestoken vastgehouden, ook in de stand van figuur 4a.In figure 4a it can further be recognized that the slot opening 34 between the two legs 31, 32 of the locking member 30 near the free end of the two legs is narrower than the corresponding size of a slot between the two slots 21, 22 in the sleeve 11. the wall part 24 of the sleeve 11. As a result, the locking member 30 is once held in the slots 21, 22 of the sleeve 11 with its legs 10, 31, 32, also in the position of figure 4a.

In figuur 5 is een metalen pakkingbus 5 van een hydraulische lineaire cilinder getoond met een centrale axiale boring voor de zuigerstang 52 van de cilinder.Figure 5 shows a metal stuffing box 5 of a hydraulic linear cylinder with a central axial bore for the piston rod 52 of the cylinder.

15 Voor het aansluiten van zuigerstangzi jdige arbeidskamer van de cilinder op leiding 53 is in de pakkingbus 51 een insteekboring 54 gevormd, die in het bijzonder in figuur 6 duidelijk te herkennen is. De insteekzijde van de insteekboring 54 ligt in het buitenvlak 55 van de pakkingbus 51. De leiding 20 53 heeft een insteekdeel 56 dat in de insteekboring 54 past.In order to connect the piston rod-like working chamber of the cylinder to line 53, a plug-in bore 54 is formed in the stuffing box 51, which is particularly recognizable in Figure 6. The insertion side of the insertion bore 54 lies in the outer surface 55 of the stuffing box 51. The conduit 20 53 has an insertion part 56 which fits into the insertion bore 54.

De insteekboring 54 heeft, gezien in de insteekrichting van het insteekdeel 56, een op het buitenvlak 55 van de pakkingbus 51 aansluitend eerste gedeelte 57 met een eerste diameter, een daarop aansluitend een tweede gedeelte 58 met een tweede diameter 25 die kleiner is dan de eerste diameter, en tenslotte een derde gedeelte 59 met een derde diameter die kleiner is dan de tweede diameter. In het tweede deel 58 van de insteekboring 54 is een rubberen O-ring 60 ondergebracht.The insertion bore 54, viewed in the insertion direction of the insertion part 56, has a first part 57 with a first diameter connecting to the outer surface 55 of the stuffing box 51, and a second part 58 with a second diameter 25 which is smaller than the first diameter, and finally a third portion 59 with a third diameter smaller than the second diameter. A rubber O-ring 60 is housed in the second part 58 of the insertion bore 54.

De pakkingbus 51 is bij de insteekboring 54 voorzien 30 van een als opneemorgaan voor een later te beschrijven vergrendelingsorgaan dienende metalen bus 61. Deze bus 61 heeft een op de insteekboring 54 aansluitende axiale boring 62 (zie figuur 8), zodat het insteekdeel 56 van de leiding 53 door de axiale boring 62 van de bus 61 in de insteekboring 54 van de 35 pakkingbus 51 steekt.The stuffing box 51 is provided at the insertion bore 54 with a metal sleeve 61 serving as a receptacle for a locking member to be described later. This sleeve 61 has an axial bore 62 connecting to the insertion bore 54 (see figure 8), so that the insertion part 56 of the conduit 53 passes through the axial bore 62 of the sleeve 61 into the insertion bore 54 of the stuffing box 51.

De bus 61 heeft aan een axiaal einde daarvan een naar buiten stekende ringflens 63, die in het eerste deel 57 van de 100467 9 - 6 - insteekboring 54 past. Deze ringflens 63 is in het eerste gedeelte 57 van de insteekopening 54 vastgezet door het met een felsbewerking vervormen van het om de insteekopening 54 liggende ringgebied van de pakkingbus 51. Voor deze felsbewerking wordt 5 een ringvormige stempel 65 (zie figuur 8) om de bus 61 heen op ringgebied 66 van de pakkingbus 51 geplaatst en vervolgens met grote kracht aangedrukt, zodat het boven de ringflens 63 van de bus 61 uitstekende randgebied van de pakkingbus 51 over de ringflens 63 wordt vervormd en de ringflens 63 daardoor stevig 10 wordt vastgezet.The sleeve 61 has an outwardly protruding ring flange 63 at an axial end thereof, which fits into the first part 57 of the 100467 9-6 insertion bore 54. This ring flange 63 is fixed in the first part 57 of the insertion opening 54 by deforming the ring area of the stuffing box 51 surrounding the insertion opening 54 by flaring. For this flaring operation, an annular punch 65 (see figure 8) is placed around the box. 61 is placed on the ring area 66 of the stuffing box 51 and then pressed with great force, so that the edge area of the stuffing box 51 protruding above the ring flange 63 of the sleeve 61 is deformed over the ring flange 63 and the ring flange 63 is thereby firmly fixed.

Voor het vergrendelen van de leiding 53 is deze op een afstand van het vrije einde van het insteekdeel 56 voorzien van een naar buiten stekende ringflens 68. Verder is de bus 61 voorzien van een in hoofdzaak dwars op axiale boring 62 gelegen 15 en door de bus 61 lopende dwarsboring 69. De dwarsboring 69 dient voor het opnemen van een insteekbaar vergrendelingsorgaan 70, welk vergrendelingsorgaan 70 in hoofdzaak U-vormig is (zie fig.To lock the pipe 53, it is provided at a distance from the free end of the insert part 56 with an outwardly protruding ring flange 68. Furthermore, the sleeve 61 is provided with a substantially transverse to axial bore 62 and through the sleeve 61 transverse bore 69. The transverse bore 69 serves to receive an insertable locking member 70, which locking member 70 is substantially U-shaped (see fig.

9) met twee benen, respectievelijk 71 en 72. Wanneer de leiding 53 met insteekdeel 56 in de axiale boring 62 van de bus 61 en 20 de insteekboring 54 van de pakkingbus 51 is gestoken, bevindt de ringflens 68 van de leiding 53 zich ter hoogte van de dwarsboring 69. Door van buitenaf het klemorgaan 70 in de dwarsboring 69 te steken, komen de benen 71 en 72 daarvan aan weerszijden van de leiding 53 over de ringflens 68 te liggen, 25 zodat het insteekdeel 56 van de leiding 53 niet meer uit de pakkingbus 51 kan worden getrokken.9) with two legs, 71 and 72 respectively. When the pipe 53 with insert 56 is inserted into the axial bore 62 of the sleeve 61 and 20, the insert bore 54 of the stuffing box 51, the ring flange 68 of the pipe 53 is at the height of the transverse bore 69. By inserting the clamping member 70 into the transverse bore 69 from the outside, the legs 71 and 72 thereof lie on either side of the pipe 53 over the ring flange 68, so that the insert 56 of the pipe 53 no longer protrudes the stuffing box 51 can be pulled.

De diameter van het aan de pakkingbus 51 grenzende deel van de axiale boring 62 en de diameter van het derde gedeelte 59 van de insteekboring 54 zijn zodanig dat het insteekdeel 56 30 er met geringe speling in past. De O-ring 60 bewerkstelligt de afdichtende aansluiting van de leiding 53 op de pakkingbus 51.The diameter of the part of the axial bore 62 adjoining the stuffing box 51 and the diameter of the third part 59 of the insertion bore 54 are such that the insertion part 56 fits therein with little play. The O-ring 60 effects the sealing connection of the pipe 53 to the stuffing box 51.

10046791004679

Claims (11)

1. Verbinding tussen een fluïdumleiding (3;53) en een aansluitorgaan (1;51), waarbij de leiding aan een einde een insteekdeel (6;56) heeft en het aansluitorgaan is voorzien van een insteekboring (4;54) voor het opnemen van het insteekdeel 5 van de leiding, waarbij de leiding is voorzien van een vergrendelingsaanslag (18;68) en waarbij het aansluitorgaan is ingericht voor het opnemen van een vergrendelingsorgaan (30;70), welk vergrendelingsorgaan in gemonteerde toestand de vergrendelingsaanslag van de leiding overdekt zodat het 10 insteekdeel van de leiding in de insteekboring van het aansluitorgaan is vergrendeld, waarbij de insteekboring, gezien in de insteekrichting van het insteekdeel, een eerste gedeelte (7;57) heeft met een eerste diameter en daarop aansluitend een tweede gedeelte (8;58) met een tweede diameter die kleiner is 15 dan de eerste diameter, met het kenmerk, dat bij de insteekboring (4;54) van het aansluitorgaan (1;51) een opneemorgaan (11;61) voor het vergrendel ingsorgaan (30; 70) vast is aangebracht, welk opneemorgaan een op de insteekboring aansluitende doorgaande axiale boring (12;62) heeft, zodanig dat het insteekdeel (6;56) 2 0 van de leiding (3;53) door de axiale boring (12;62) van het opneemorgaan (11;61) en in de insteekboring (4;54) van het aansluitorgaan (1;51) steekt, dat het opneemorgaan (11;61) een in het eerste gedeelte van de insteekboring passend gedeelte (13;63) heeft, welk gedeelte (13;63) van het opneemorgaan in 25 het eerste gedeelte (7;57) van de insteekboring (4;54) is vastgezet door vervormen van het aansluitorgaan.Connection between a fluid conduit (3; 53) and a connector (1; 51), the conduit having an insert at one end (6; 56) and the connector provided with an insert bore (4; 54) for receiving of the insertion part 5 of the pipe, wherein the pipe is provided with a locking stop (18; 68) and wherein the connecting member is adapted to receive a locking member (30; 70), which locking member, in mounted condition, covers the locking stop of the pipe so that the insertion part of the conduit is locked in the insertion bore of the connecting member, wherein the insertion bore, viewed in the insertion direction of the insertion part, has a first section (7; 57) with a first diameter and subsequently a second section (8; 58) with a second diameter smaller than the first diameter, characterized in that at the insertion bore (4; 54) of the connecting member (1; 51) a receiving member (11; 61) for the locking element go (30; 70) is fixedly mounted, which receiving member has a continuous axial bore (12; 62) connecting to the insertion bore, such that the insertion part (6; 56) of the conduit (3; 53) through the axial bore (12; 62) ) of the receptacle (11; 61) and into the insertion bore (4; 54) of the connecting member (1; 51), that the receptacle (11; 61) fits a part (13; 63) fitting in the first part of the insertion bore ), which portion (13; 63) of the receptacle is secured in the first portion (7; 57) of the insertion bore (4; 54) by deforming the connector. 2. Verbinding volgens conclusie 1, waarbij het opneemorgaan (11;61) is voorzien van een of meer zich in hoofdzaak dwars op 30 de axiale boring (12;62) daarvan uitstrekkende uitsparingen (2 0,21; 69) voor het daarin opnemen van het vergrendel ingsorgaan (30;70).2. Connection according to claim 1, wherein the receiving member (11; 61) is provided with one or more recesses (2, 0.21; 69) extending substantially transverse to the axial bore (12; 62) thereof. of the locking member (30; 70). 3. Verbinding volgens conclusie 1 of 2, waarbij de 35 insteekboring (4;54), gezien in de insteekrichting van het 10?*- ' " - 8 - insteekdeel, een op het tweede gedeelte (8; 58) aansluitend derde gedeelte (9;59) heeft roet een derde diameter die kleiner is dan de tweede diameter, waarbij zich in het tweede gedeelte (8;58) van de insteekboring een afdichtingsring (10;60) bevindt tussen 5 het insteekdeel (6;56) van de leiding en het aansluitorgaan (1; 51).Connection according to claim 1 or 2, wherein the insertion bore (4; 54), viewed in the insertion direction of the insertion part, a third part (8; 58) connecting to the second part (8; 58) ( 9; 59) carbon black has a third diameter that is smaller than the second diameter, wherein in the second part (8; 58) of the insertion bore there is a sealing ring (10; 60) between the insertion part (6; 56) of the conduit and connector (1; 51). 4. Verbinding volgens conclusie 3, waarbij de diameter van het derde gedeelte (9;59) van de insteekboring nagenoeg 10 overeenkomt met de diameter van het daarin stekende gedeelte van het insteekdeel (6;56) van de leiding.Connection according to claim 3, wherein the diameter of the third part (9; 59) of the insertion bore substantially corresponds to the diameter of the part of the insertion part (6; 56) of the pipe inserting therein. 5. Verbinding volgens een of meer van de voorgaande conclusies, waarbij het vergrendelingsorgaan (30;70) een in 15 hoofdzaak U-vormig vergrendelingsorgaan is met twee benen (31,32;71,72) die in gemonteerde toestand van het vergrendelingsorgaan aan weerszijden van de leiding de vergrendelingsaanslag (18;68) van het insteekdeel overdekken.Connection according to one or more of the preceding claims, wherein the locking member (30; 70) is a substantially U-shaped locking member with two legs (31,32; 71,72) which, when mounted, of the locking member on either side of the pipe cover the locking stop (18; 68) of the insert. 6. Verbinding volgens conclusie 5, waarbij het opneemorgaan (61) is voorzien van een zich dwars op de axiale boring (62) daarvan uitstrekkende doorgaande boring (69), en waarbij het vergrendel ingsorgaan (70) in gemonteerde toestand met beide benen (71,72) daarvan door de dwarsboring (69) steekt, zodanig dat 25 de benen (71,72) aan weerszijden langs de leiding (53) liggen daarbij de vergrendelingsaanslag (68) van de leiding overdekkend.The joint of claim 5, wherein the receptacle (61) includes a through bore (69) extending transversely to its axial bore (62), and wherein the locking member (70) is mounted with both legs (71) , 72) thereof through the transverse bore (69), such that the legs (71, 72) on either side along the pipe (53) thereby cover the locking stop (68) of the pipe. 7. Verbinding volgens conclusie 5, waarbij het opneemorgaan (11) aan weerszijden grenzend aan de axiale boring (12) daarvan 30 is voorzien van een zich dwars op die axiale boring (12) uitstrekkende sleuf (20,21) , zodanig dat het vergrendelingsorgaan (30) in gemonteerde toestand met beide benen (31,32) in de sleuven (20,21) steekt, waarbij de benen (31,32) aan weerszijden langs de leiding (3) liggen en daarbij de vergrendelingsaanslag (18) 35 van de leiding overdekken.7. Connection as claimed in claim 5, wherein the receiving member (11) is provided on either side adjacent to its axial bore (12) with a slot (20, 21) extending transversely to said axial bore (12), such that the locking member (30) in the assembled state with both legs (31,32) in the slots (20,21), the legs (31,32) lying on either side along the pipe (3) and the locking stop (18) of cover the pipe. 8. Verbinding volgens conclusie 7, waarbij de benen (31,32) - 9 - van het vergrendel ingsorgaan tussen hen in een sleuf opening (34) definiëren die een eerste sleufdeel (35) omvat, waar het insteekdeel (6) van de leiding (3) doorheen past wanneer het eerste sleufdeel (35) is uitgelijnd ten opzichte van de 5 insteekboring (6), en een met het eerste sleufdeel (35) verbonden tweede sleufdeel (36), dat nauwer is dan het eerste sleufdeel (35) , zodat wanneer het tweede sleufdeel (36) is uitgelijnd ten opzichte van de insteekboring (6) een deel van de beide benen (31,32) van het vergrendel ingsorgaan (30) de vergrendelingsaanslag 10 (18) van de leiding (3) overdekt, waardoor het insteekdeel (6) tegen uittrekken is vergrendeld.Connection according to claim 7, wherein the legs (31, 32) - 9 - of the locking member define between them in a slot opening (34) comprising a first slot part (35), where the insertion part (6) of the conduit (3) fits through when the first slot portion (35) is aligned with respect to the insertion bore (6), and a second slot portion (36) connected to the first slot portion (35), which is narrower than the first slot portion (35) so that when the second slot part (36) is aligned with respect to the insertion bore (6), part of both legs (31,32) of the locking member (30) covers the locking stop 10 (18) of the conduit (3) , so that the insert (6) is locked against pulling out. 9. Verbinding volgens conclusie 8, waarbij de sleufopening (34) tussen de beide benen (31,32) van het vergrendel ingsorgaan 15 (30) een derde sleufdeel (37) omvat, dat het eerste sleufdeel (35) en het tweede sleufdeel (36) met elkaar verbindt, waarbij het derde sleufdeel (37) op ten minste een plaats een nauwe doorlaat begrenst die kleiner is dan de overeenkomstige afmeting van het deel van het insteekdeel (6) van de leiding (3), dat 2. bij het bewegen van het vergrendel ingsorgaan (3 0) door het derde sleufdeel (37) passeert, en waarbij de benen (31,32) verend uiteen beweegbaar zijn voor het passeren van de leiding (3).Connection according to claim 8, wherein the slot opening (34) between the two legs (31,32) of the locking member 15 (30) comprises a third slot part (37), the first slot part (35) and the second slot part ( 36), the third slot portion (37) delimiting at least one location a narrow passage smaller than the corresponding size of the portion of the insertion portion (6) of the conduit (3) which 2. movement of the locking member (30) passes through the third slot portion (37), and the legs (31, 32) being resiliently movable to pass the conduit (3). 10. Verbinding volgens een of meer van de conclusies 7-9, 25 waarbij de sleufopening (34) tussen de beide benen (31,32) van het vergrendelingsorgaan (3 0) nabij het vrije einde van de beide benen nauwer is dan de overeenkomstige afmeting van een zich tussen beide sleuven (20,21) in het opneemorgaan (11) bevindend wanddeel (24) van het opneemorgaan (11). 30Connection according to one or more of claims 7-9, 25, wherein the slot opening (34) between the two legs (31, 32) of the locking member (30) near the free end of the two legs is narrower than the corresponding dimension of a wall part (24) of the receiving member (11) located between the two slots (20, 21) in the receiving member (11). 30 11. Verbinding volgens een of meer van de voorgaande conclusies, waarbij het insteekdeel (6;56) van de leiding (3;53) aan zijn insteekeinde cilindrisch is uitgevoerd en is voorzien van een ten opzichte daarvan zijwaarts naar buiten stekende 35 verdikking (18;68) die de vergrendelingsaanslag vormt. 100467911. Connection as claimed in one or more of the foregoing claims, wherein the insertion part (6; 56) of the pipe (3; 53) is cylindrical at its insertion end and is provided with a thickening projecting laterally (18) 68) which forms the locking stop. 1004679
NL1004679A 1996-12-03 1996-12-03 Fluid plug-in connection. NL1004679C1 (en)

Priority Applications (3)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1004679A NL1004679C1 (en) 1996-12-03 1996-12-03 Fluid plug-in connection.
DE19750083A DE19750083B4 (en) 1996-12-03 1997-11-12 Fluidic connector
US08/980,117 US5997048A (en) 1996-12-03 1997-11-26 Fluid connection

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1004679A NL1004679C1 (en) 1996-12-03 1996-12-03 Fluid plug-in connection.
NL1004679 1996-12-03

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL1004679C1 true NL1004679C1 (en) 1998-06-05

Family

ID=19763982

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL1004679A NL1004679C1 (en) 1996-12-03 1996-12-03 Fluid plug-in connection.

Country Status (3)

Country Link
US (1) US5997048A (en)
DE (1) DE19750083B4 (en)
NL (1) NL1004679C1 (en)

Families Citing this family (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE10352859B3 (en) * 2003-11-10 2005-06-02 Fresenius Medical Care Deutschland Gmbh Connector for dialyzer port
DE102006052670B4 (en) * 2006-11-07 2011-09-29 Viega Gmbh & Co. Kg Mounting arrangement in the installation area
DE202007017260U1 (en) 2007-12-08 2009-04-09 Lindner Armaturen Gmbh Fitting for fluid media and their arrangement
DE102013208187A1 (en) * 2013-05-03 2014-11-06 Mahle International Gmbh Fluid line coupling
KR20240028780A (en) * 2022-08-25 2024-03-05 주식회사 엘지에너지솔루션 Pipe for transporting fluid

Family Cites Families (20)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US3538940A (en) * 1967-09-15 1970-11-10 Gra Tec Inc Fitting assembly
US3929356A (en) * 1974-11-13 1975-12-30 Gen Motors Corp Tube to block mounting assembly
US4378795A (en) * 1980-04-16 1983-04-05 Chubb Panorama Limited Fluid connector assembly
US4526411A (en) * 1980-10-29 1985-07-02 Proprietary Technology, Inc. Swivelable quick connector assembly
FR2544448B1 (en) * 1983-04-13 1985-07-19 Dba PROCESS FOR FORMING A HYDRAULIC CONNECTION
DE3517488A1 (en) * 1985-05-15 1986-11-20 Süddeutsche Kühlerfabrik Julius Fr. Behr GmbH & Co KG, 7000 Stuttgart PIPE CONNECTION, IN PARTICULAR FOR A WATER CASE OF A HEAT EXCHANGER OF A VEHICLE HEATING
US4600221A (en) * 1985-09-30 1986-07-15 Bimba Charles W Connection system for flexible tubing
US4813716A (en) * 1987-04-21 1989-03-21 Titeflex Corporation Quick connect end fitting
DE3817472A1 (en) * 1988-05-21 1989-11-30 Daimler Benz Ag LOCK FOR A FLUIDIC CONNECTOR
US4991880A (en) * 1989-08-28 1991-02-12 Handy And Harman Automotive Group, Inc. Quick connect coupling with twist release
ES2071450T3 (en) * 1991-04-29 1995-06-16 Caillau Ets CONNECTION ELEMENT FOR THE QUICK CONNECTION OF A TUBE.
KR100267605B1 (en) * 1992-09-24 2000-10-16 안자이 이치로 Pipe joint
DE4318878A1 (en) * 1993-06-08 1994-12-15 Kuehner Gmbh & Cie Refrigerant coupling for connecting refrigerant lines
US5774982A (en) * 1994-03-16 1998-07-07 Eaton Corporation Conduit attachment to receiver/drier or accumulator
US5472242A (en) * 1994-06-24 1995-12-05 Petersen; Horst U. End-fitting for pipe connection having proper insertion indicator
US5765877A (en) * 1995-01-27 1998-06-16 Honda Giken Kogyo Kabushiki Kaisha Pipe joint
US5797627A (en) * 1995-02-28 1998-08-25 Salter Labs Swivel
US5607192A (en) * 1995-03-23 1997-03-04 Lee; Shih-Ping Tubing connection construction for a water purification system
US5695223A (en) * 1995-03-29 1997-12-09 Fred Knapp Engraving Co., Inc. Quick-disconnect tube coupler with use-enhancing features
US5711549A (en) * 1995-06-07 1998-01-27 Itt Automotive, Inc. High pressure quick connect for use in automotive brake system application

Also Published As

Publication number Publication date
DE19750083B4 (en) 2005-03-24
DE19750083A1 (en) 1998-06-04
US5997048A (en) 1999-12-07

Similar Documents

Publication Publication Date Title
NL1004679C1 (en) Fluid plug-in connection.
CN100460742C (en) Quick connect end device
EP0931705B1 (en) Gas generator
US5873610A (en) Female connector member for large tolerance male member endforms
NL1009777C1 (en) Connecting device for connecting tubular parts by pressing.
DE4237895A1 (en) Plug-socket connection protector, esp. for motor vehicle - comprises moulded sleeve fitted and closed around mated housings of male and female portions of connector
EP0843121A1 (en) Connector assembly for axial loads
DE102007004895B4 (en) Arrangement for use in process measuring technology
DE3817472A1 (en) LOCK FOR A FLUIDIC CONNECTOR
JPH05280502A (en) Electrohydraulic device for automobile
EP4407224A2 (en) Hydraulic line clutch, in particular for a hydraulic brake or clutch of handle bars-guided vehicles
NL1011376C2 (en) Cable connector and method for connecting a cable to a cable connector.
EP0566791A1 (en) Apparatus for cooling a mold
DE10040739B4 (en) Sensor for determining the level and temperature of a liquid
NL8702004A (en) INDICATION OF THE WEAR LIMIT OF THE FRICTION LAYER OF A BRAKE SHOE.
JPH09296806A (en) Pressure medium drive device having cylinder and piston
NL1001273C2 (en) Locking device for a fluid plug-in connection.
US6364693B1 (en) Backshell with forced electrical connector orientation
EP0412626A1 (en) Hydraulic fitting
EP0727850A2 (en) Device for positioning an electric or electronic component in a housing
NL1000890C2 (en) Tube system in particular for use in a scaffolding construction, as well as tube usable in the tube system.
GB2254200A (en) Connector lead-through sealing for vehicle door.
US4488742A (en) Connecting arrangement, especially for tubular elements
NL8201862A (en) DENTAL BRACES.
DE19847529A1 (en) Cylinder for a vehicle hydraulic unit, in particular, for operation of a friction clutch

Legal Events

Date Code Title Description
VD2 Lapsed due to expiration of the term of protection

Effective date: 20021203