[go: up one dir, main page]

NL1002535C2 - Trekker-aanhangwagencombinatie voor agrarisch gebruik en aanhangwagen voor toepassing in de combinatie. - Google Patents

Trekker-aanhangwagencombinatie voor agrarisch gebruik en aanhangwagen voor toepassing in de combinatie. Download PDF

Info

Publication number
NL1002535C2
NL1002535C2 NL1002535A NL1002535A NL1002535C2 NL 1002535 C2 NL1002535 C2 NL 1002535C2 NL 1002535 A NL1002535 A NL 1002535A NL 1002535 A NL1002535 A NL 1002535A NL 1002535 C2 NL1002535 C2 NL 1002535C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
tractor
trailer
combination according
chassis
trailer combination
Prior art date
Application number
NL1002535A
Other languages
English (en)
Inventor
Seine Van Der Velde
Original Assignee
Schuitemaker Mach Bv
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Schuitemaker Mach Bv filed Critical Schuitemaker Mach Bv
Priority to NL1002535A priority Critical patent/NL1002535C2/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL1002535C2 publication Critical patent/NL1002535C2/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60BVEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
    • B60B35/00Axle units; Parts thereof ; Arrangements for lubrication of axles
    • B60B35/02Dead axles, i.e. not transmitting torque
    • B60B35/10Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track
    • B60B35/1036Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track operated with power assistance
    • B60B35/1054Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track operated with power assistance hydraulically
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60BVEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
    • B60B35/00Axle units; Parts thereof ; Arrangements for lubrication of axles
    • B60B35/02Dead axles, i.e. not transmitting torque
    • B60B35/10Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track
    • B60B35/1072Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track by transversally movable elements
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60BVEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
    • B60B35/00Axle units; Parts thereof ; Arrangements for lubrication of axles
    • B60B35/12Torque-transmitting axles
    • B60B35/14Torque-transmitting axles composite or split, e.g. half- axles; Couplings between axle parts or sections
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60GVEHICLE SUSPENSION ARRANGEMENTS
    • B60G3/00Resilient suspensions for a single wheel
    • B60G3/18Resilient suspensions for a single wheel with two or more pivoted arms, e.g. parallelogram
    • B60G3/20Resilient suspensions for a single wheel with two or more pivoted arms, e.g. parallelogram all arms being rigid
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B62LAND VEHICLES FOR TRAVELLING OTHERWISE THAN ON RAILS
    • B62DMOTOR VEHICLES; TRAILERS
    • B62D49/00Tractors
    • B62D49/06Tractors adapted for multi-purpose use
    • B62D49/0678Tractors of variable track width or wheel base
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60BVEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
    • B60B2310/00Manufacturing methods
    • B60B2310/30Manufacturing methods joining
    • B60B2310/305Manufacturing methods joining by screwing
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60GVEHICLE SUSPENSION ARRANGEMENTS
    • B60G2300/00Indexing codes relating to the type of vehicle
    • B60G2300/40Variable track or wheelbase vehicles
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60YINDEXING SCHEME RELATING TO ASPECTS CROSS-CUTTING VEHICLE TECHNOLOGY
    • B60Y2200/00Type of vehicle
    • B60Y2200/20Off-Road Vehicles
    • B60Y2200/22Agricultural vehicles

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Combustion & Propulsion (AREA)
  • Transportation (AREA)
  • Agricultural Machines (AREA)
  • Body Structure For Vehicles (AREA)

Description

Titel: Trekker-aanhangwagencombinatie voor agrarisch gebruik en aanhangwagen voor toepassing in de combinatie.
De uitvinding heeft betrekking op een trekker-aanhangwagencombinatie voor agrarisch gebruik, die ingericht is om in bedrijf over het land te rijden, welke aanhangwagen is voorzien van een chassis met een met de trekker gekoppelde 5 disselboom en tenminste één van twee of meer wielen voorziene as. Trekkers en aanhangwagens zijn in vele uitvoeringsvormen bekend. Als voorbeeld van een aanhangwagen voor agrarisch gebruik kan genoemd worden aanvraagster's tankwagen van het type Robusta.
10 De bekende aanhangwagens voor agrarisch gebruik hebben een spoorbreedte, die in hoofdzaak overeenkomt met die van het trekvoertuig. Deze aanhangwagens kunnen mede daardoor zonder bezwaar over de openbare weg rijden. Op het land echter wordt het door de wielen van de trekker gevormde spoor 15 ook door de wielen van de aanhangwagen gevolgd, waardoor een ongewenste beschadiging of beïnvloeding van de bodemstructuur kan optreden.
De uitvinding beoogt de beschadiging of beïnvloeding van de bodemstructuur, die kan optreden indien een trekker 20 met aanhangwagen over het land rijdt, te voorkomen dan wel te reduceren. Hiertoe wordt volgens de uitvinding een landbouwaanhangwagen van de boven beschreven soort daardoor gekenmerkt, dat de as twee ten opzichte van elkaar binnenwaarts en buitenwaarts beweegbare ashelften omvat, die 25 zijn gekoppeld met bedienings- en geleidingsorganen voor het naar wens instellen van de spoorbreedte van de aanhangwagen op een van de spoorbreedte van de trekker afwijkende waarde, waarbij elke ashelft via een parallellogramconstructie is gekoppeld met het chassis, en waarbij de 30 parallellogramconstuctie twee geknikte armen omvat, waarvan de met de bijbehorende ashelft verbonden delen zich in de stand met kleine spoorbreedte ongeveer evenwijdig aan de centrale hartlijn van het chassis uitstrekken.
1002535 -2-
Opgemerkt wordt, dat voertuigen met een instelbare spoorbreedte op zichzelf bekend zijn. WO-A-92/10391 bedrijft bijvoorbeeld een bosbouwmachine omvattend een chassis en een op het chassis geplaatste kraan voor het manipuleren van te 5 vellen en gevelde bomen. Ter vergroting van de stabiliteit kan de spoorbreedte vergroot worden. Het betreft hier echter geen trekker-aanhangwagencombinatie die bestemd is om op landbouwgrond te rijden en ook zou bij verandering van de spoorbreedte van het bekende voertuig de mate van 10 beschadiging van de bodemstructuur niet veranderen.
Uit het Amerikaanse octrooischrift 3 295 482 is voorts een driewielige tankwagen voor gebruik op het land bekend. De drie wielen omvatten een centraal neuswiel en twee achterwielen. De spoorbreedte van de achterwielen kan 15 aangepast worden aan de afstand tussen de gewasrijen. Ook de spoorbreedte van het trekvoertuig dient natuurlijk hieraan aangepast te worden. Van verschillende spoorbreedten om beschadiging van de bodemstructuur te voorkomen is geen sprake.
20 In het volgende zal de uitvinding nader worden beschreven met verwijzing naar de bijgevoegde tekening van een uitvoeringsvoorbeeld.
Figuur 1 toont schematisch in zij-aanzicht een uitvoeringsvoorbeeld van een landbouwaanhangwagen volgens de 25 uitvinding; figuur 2 toont schematisch in bovenaanzicht een uitvoeringsvoorbeeld van een onderstel van een aanhangwagen volgens de uitvinding gekoppeld achter een trekker, waarbij het onderstel zich in een eerste toestand bevindt; 30 figuur 3 toont een aanzicht dat overeenkomt met dat van figuur 2, doch met het onderstel in een tweede stand; figuur 4 toont schematisch een aanhangwagen volgens de uitvinding in achteraanzicht; figuur 5 toont schematisch deels een voorbeeld van een 35 aanhangwagen volgens de uitvinding in bovenaanzicht; figuur 6 toont op soortgelijke wijze als figuur 5 een modificatie; en 1002535 -3- figuur 7 toont schematisch in zij-aanzicht de constructie van figuur 6 voorzien van een extra cilinder.
Figuur 1 toont schematisch in zij-aanzicht een voorbeeld van een landbouwaanhangwagen 1, die is voorzien van 5 een onderstel, dat in dit voorbeeld een enkele van wielen 2 voorziene as 3, een chassis 4 en een trekboom 5 omvat. Op het chassis is in het getoonde voorbeeld een tank 6 gemonteerd.
In plaats vein een tank 6 zou echter ook een andere bovenbouw, bijvoorbeeld een laadbak of dergelijke kunnen zijn 10 aangebracht.
De figuren 2 en 3 tonen in bovenaanzicht het chassis van een soortgelijke aanhangwagen als getoond in figuur 1 gekoppeld achter een trekker 7. De trekker heeft voorwielen 8 en achterwielen 9. Zoals in figuur 2 is te zien komt de 15 spoorbreedte van tenminste de achterwielen van de trekker, die het zwaarst belast worden, zodanig overeen met de spoorbreedte Bl vein de aanhangwagen 1, dat de wielen van de aanhangwagen de door de trekkerwielen gevormde sporen overlappen. De bodem wordt derhalve eerst door de 20 trekkerwielen ingedrukt en vervolgens nog eens door de wielen van de aanhangwagen. Hierdoor kan de bodemstructuur in aanzienlijke mate plaatselijk verstoord worden, hetgeen dikwijls ongewenst is.
Volgens de uitvinding wordt dit bezwaar ondervangen 25 door de wielen van de aan hangwagen zodanig schuifbaar te monteren, dat de spoorbreedte van de aanhangwagen gevariëerd kan worden tussen een eerste stand, waarin de spoorbreedte Bl ongeveer overeenkomt met die van de trekker en waarin de trekker/aanhangwagencombinatie over de openbare weg kan 30 rijden, en een tweede stand, waarin de spoorbreedte van de aanhangwagen vergroot is, zodat de wielen van de aanhangwagen zich in hoofdzaak buiten de sporen van de trekkerwielen bevinden. Deze tweede stand is geïllustreerd in figuur 3 en de vergrote spoorbreedte van de aanhangwagen is met B2 35 aangegeven.
In het getoonde voorbeeld is de as 3 van de aanhangwagen uitgevoerd als een gedeelde as met twee helften 1002535 -4- 31,32, die elk één (of meer) wielen 2 dragen. De ashelften 31,32 werken samen met bedienings- en geleidingsorganen, die in bedrijf de wielen van de ene in de andere stand brengen en tevens ondersteunen en geleiden.
5 Figuur 4 toont schematisch in achteraanzicht beide posities van de wielen 2. In het linkerdeel van figuur 4 is de situatie met grote spoorbreedte getoond en in het rechterdeel van figuur 4 is de situatie met "normale" spoorbreedte getoond. De bedienings- en geleidingsorganen 10 kunnen desgewenst zodanig zijn uitgevoerd, dat de linker- en rechterwielen van de aanhangwagen onafhankelijk van elkaar in de ene of de andere stand gebracht kunnen worden. Het kan bijvoorbeeld bij het rijden langs een slootkant of een andere begrenzing van het te bewerken veld wenselijk zijn om één der 15 wielen in de stand met "normale" spoorbreedte te plaatsen, terwijl het andere wiel in de stand met grote spoorbreedte is gebracht.
De figuren 2 en 3 tonen schematisch een voorbeeld van bedienings- en geleidingsorganen voor het in dwarsrichting 20 verschuiven van de wielen van een aanhangwagen. In het getoonde voorbeeld is elke ashelft via een parallellogramsysteem verbonden met een op afstand van de ashelften aan het chassis 4 aangebrachte steun 8, die aan weerszijden van het chassis is voorzien van 25 bevestigingspunten voor telkens twee in hoofdzaak evenwijdige armen 10,11 respectievelijk 12,13. De armen 10 en 11 respectievelijk 12 en 13 zijn scharnierend gekoppeld met de steun 8 en met de ashelften 31,32. De armen kunnen voorts met voordeel gebogen of geknikt zijn uitgevoerd, zoals in de 30 figuren getoond. Hierdoor kunnen de met ashelften verbonden delen van de armen in de stand met normale spoorbreedte zich dicht bij elkaar in hoofdzaak evenwijdig aan het chassis tussen de wielen uitstrekken, zoals in figuur 2 is te zien.
De linker- en rechter-parallellogramconstructies zijn 35 in het getoonde voorbeeld elk scharnierend met het ene einde van een stabilisatie-arm 14 respectievelijk 15 verbonden, waarvan het andere einde in de lengterichting van het chassis 1002535 -5- verschuifbaar met het chassis, dan wel met een deel van de steun 8 is gekoppeld. In het getoonde voorbeeld zijn de beide stabilisatie-armen bij hun van de parallellogramconstructies afgekeerde einden bij 16 scharnierend met elkaar gekoppeld.
5 Het scharnierpunt 16 kan een geleidingsorgaan omvatten, dat kan samenwerken met bijvoorbeeld een geleidingsrail, die zich langs de centrale hartlijn 17 van het chassis uitstrekt.
Figuur 5 toont schematisch in bovenaanzicht een deel vein een chassis 4 voor een aanhangwagen volgens de uitvinding 10 voorzien van een onder het chassis gemonteerde steun 8. Het chassis heeft in het getoonde voorbeeld twee langsbalken 18,19, die zich aan weerszijden van de centrale hartlijn 17 evenwijdig daaraan uitstrekken. De steun 8 heeft aan weerszijden tot buiten de chassisbalken reikende delen 20,21, 15 die elk met een parallellogramconstructie gekoppeld zijn.
Duidelijkheidshalve zijn in figuur 5 alleen de linker-ashelft en de linker-parallellogramconstructie met bijbehorende constructiedelen getoond. Met het steundeel 21 zijn bij 22,23 de uiteinden van twee geknikte armen 10,11 van een 20 parallellogramconstructie scharnierbaar verbonden. De andere einden van de armen 10,11 zijn bij 24,25 scharnierbaar aan de ashelft 31 gekoppeld middels een mof 26. Anders dan in de uitvoeringsvorm van de figuren 2 en 3 is in het voorbeeld van figuur 5 de stabilisatie-arm 14 eveneens ter plaatse van het 25 scharnierpunt 25 scharnierbaar met de mof 26 en de ene arm 11 gekoppeld. Het andere einde van de stabilisatie-arm is bij 16 gekoppeld met de niet getoonde rechter stabilisatie-arm en is voorts voorzien van een geleidingsoppervlak, dat samenwerkt met een geleiderail 27, die desgewenst deel kan uitmaken van 30 de steun 8, maar ook een afzonderlijk element kan zijn. De geleiderail 27 is op afstand van de steun middels een dwarsstrip 28 of dergelijke aan het chassis bevestigd.
Het steundeel 21 draagt voorts een uiteinde van een hydraulische cilinder 29, waarvan het andere uiteinde met één 35 der armen van de bijbehorende parallellogramconstructie is verbonden. In het getoonde voorbeeld is de cilinder met de buitenste arm 10 verbonden. Door de cilinder 29 op 1002535 -6- gebruikelijke wijze vanuit de trekker te bekrachtigen kunnen de armen 10,11 van de parallellogramconstructie naar binnen of naar buiten, zoals getoond, worden gezwenkt. De bijbehorende ashelft 31 en het daarop gemonteerde wiel of 5 wielstel zwenkt dan eveneens naar binnen of naar buiten. De andere, in figuur 5 niet getoonde ashelft wordt op dezelfde wijze bediend.
Figuur 6 toont schematisch een uitvoeringsvoorbeeld, waarbij de bedieningscilinders zijn verbonden met de 10 binnenste armen van de parallellogramconstructies. Ook zijn in dit voorbeeld de cilinders bevestigd aan het middendeel van de steun 8. Het linker-deel van figuur 6 toont de complete parallellogramconstructie met de geknikte armen 10 en 11 op soortgelijke wijze als figuur 5. Een 15 bedieningscilinder 35 is nu echter gekoppeld met de binnenste arm 11 van de parallellogramconstructie. Het andere einde van de cilinder 35 is met het middendeel van de steun 8 verbonden.
Het rechter-deel van figuur 6 toont uitsluitend de 20 binnenste arm 13 van de rechter-parallellogramconstructie met een bijbehorende bedieningscilinder 36. De linker-bedieningscilinder 35 is in de ingetrokken stand, behorend bij de kleinste spoorbreedte getekend en de rechter-bedieningscilinder 36 is in een uitgeschoven stand, behorend 25 bij een vergrote spoorbreedte, getekend. In die stand is, zoals getoond, de arm 13, en nauurlijk ook de niet in figuur 6 getoonde arm 12 naar buiten gezwenkt. Bij de in figuur 6 getoonde constructie kan de cilinder op het vertikale oppervlak van de bijbehorende binnenste arm 11 30 respectievelijk 13 aangrijpen, waardoor een relatief kleine bouwhoogte mogelijk is.
Figuur 7 toont schematisch in zij-aanzicht de constructie van figuur 6. Te zien is, dat de cilinder 36 aangrijpt op aan de arm 13 gelaste flenzen 37 juist voor de 35 kniklijn 38 van de arm 13. Figuur 7 toont voorts een mogelijke variant in de vorm van een hulpcilinder 39, die zich centraal ten opzichte van de parallellogramconstructies 1002535 -7- in de lengterichting van het chassis van de wagen uitstrekt. De hulpcilinder grijpt aan op de door de stabilisatie-armen 14,15 gevormde schaarconstructie. In het getoonde voorbeeld is een enkele enkelwerkende cilinder toegepast, die aangrijpt 5 op of nabij het scharnierpunt 16 van de schaarconstructie en die slechts zodanig bekrachtigd kan worden, dat de duwstang 40 van de cilinder zich naar buiten beweegt. Als de cilinder 39 wordt bekrachtigd duwt deze derhalve het scharnierpunt 16 naar achteren, waardoor de schaar samenvouwt en de wielen 10 binnenwaarts bewegen. De duwstang behoeft slechts tegen het schanrierpunt of asm nabij gelegen punt van de schaarconstructie te rusten en behoeft daarmee strikt genomen niet vast gekoppeld te zijn, hoewel dit wel mogelijk is. De hulpcilinder kan eventueel ook gebruikt worden bij het 15 buitenwaarts verschuiven van de wielen. In dat geval dient de hulpcilinder dubbelwerkend te zijn en ook vast met de schaarconstructie te zijn gekoppeld. Desgewenst kan ook meer dan één hulpcilinder toegepast worden, al dan niet dubbelwerkend. De hulpcilinders kunnen ook op andere plaatsen 20 aan de schaarconstructie respectievelijk aan het chassis bevestigd zijn.
Het chassis is voorzien van assteunen 30, die de ashelften en of de moffen 26 in de ingetrokken stand kunnen opnemen en eventueel geleiden.
25 Opgemerkt wordt, dat na het voorgaande diverse modificaties voor de deskundige voor de hand liggen. Zo zouden de ashelften middels een telescoopconstructie of een andersoortige geleideconstructie in alle standen met elkaar en/of met het chassis gekoppeld kunnen blijven. Voorts zou de 30 stabilisatiestang telescopisch kunnen zijn geconstrueerd. Het scharnierpunt 16 behoeft dan niet langs een geleider 27 te bewegen. Ook zou tussen de linker- en de rechter-parallellogramconstructie een bedieningscilinder kunnen zijn aangebracht, die de beide parallellogramconstructies naar 35 elkaar toe of van elkaar af kan bewegen.
Voorts zou de cilinder een pneumatische cilinder kunnen zijn. Ook zou gebruik kunnen worden gemaakt van een 1 0 0 2 5 3 9 -8- nokschijf, die door een cilinder of een (hydro)motor bediend wordt en die met een nok een ashelft of een daarmee gekoppeld deel heen en weer kan doen bewegen.
Voorts wordt opgemerkt, dat de uitvinding beschreven is 5 in het kader van een agrarische toepassing, doch dat de uitvinding in beginsel desgewenst toepasbaar is bij elk type aanhangwagen waarvan men de spoorbreedte wenst te kunnen instellen. Ook kan de aanhangwagen meer dan één as hebben.
Deze en soortgelijke modificaties worden geacht binnen 10 het kader van de uitvinding te vallen.
1002535

Claims (16)

1. Trekker-aanhangwagencombinatie voor agrarisch gebruik, die ingericht is om in bedrijf over het land te rijden, waarbij de aanhangwagen is voorzien van een chassis met een met de trekker gekoppelde disselboom en tenminste één 5 van twee of meer wielen voorziene as, net het kenmerk, dat de as twee ten opzichte van elkaar binnenwaarts en buitenwaarts beweegbare ashelften omvat, die zijn gekoppeld met bedienings- en geleidingsorganen voor het naar wens instellen van de spoorbreedte van de aanhangwagen op een van 10 de spoorbreedte van de trekker afwijkende waarde, waarbij elke ashelft via een parallellogramconstructie is gekoppeld met het chassis, en waarbij de parallellogramconstuctie twee geknikte armen omvat, waarvan de met de bijbehorende ashelft verbonden delen zich in de stand met kleine spoorbreedte 15 ongeveer evenwijdig aan de centrale hartlijn van het chassis uitstrekken.
2. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de parallellogramconstructie twee in hoofdzaak evenwijdige armen omvat, waarvan de ene uiteinden 20 scharnierbaar aan een op afstand van de ashelften aan het chassis bevestigde steun zijn bevestigd.
3. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat tenminste één der armen is gekoppeld met het ene uiteinde van een bedieningscilinder, 25 waarvan het andere einde met het chassis is gekoppeld.
4. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens conclusie 3, met het kenmerk, dat het andere einde van de bedieningscilinder scharnierbaar aan de steun is bevestigd.
5. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens één der 30 conclusies 2 t/4, met het kenmerk, dat de steun een zich dwars op de centrale hartlijn van het chassis uitstrekkende steun is, die aan weerszijden van het chassis gelegen steundelen heeft voor de bevestiging van tenminste een arm en/of een bedieningscilinder. 35 1002535 -10-
6. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens één der conclusies 1 t/m 5, met het kenmerk, dat de ashelften via stabilisatie-armen tenminste met het chassis zijn verbonden.
7. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens conclusie 6, 5 met het kenmerk, dat de stabilisatie-armen met een uiteinde scharnierbaar met de bijbehorende ashelft zijn gekoppeld en met het andere uiteinde scharnierbaar en verschuifbaar met het chassis zijn gekoppeld.
8. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens conclusie 10. of 7, met het kenmerk, dat de van de ashelften af gekeerde uiteinden van de stabilisatie-armen scharnierbaar met elkaar zijn gekoppeld.
9. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens conclusie 7 of 8, met het kenmerk, dat de van de ashelften af 15 gekeerde uiteinden van de stabilisatie-armen samenwerken met een geleiderail.
10. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens conclusie 9, met het kenmerk, dat de geleiderail deel uitmaakt van de steun.
11. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de ashelften via een telescoopconstructie met elkaar zijn gekoppeld.
12. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de 25 bedieningsorganen op afstand vanuit de trekker activeerbaar zijn uitgevoerd.
13. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens één der conclusies 6 t/m 12, gekenmerkt door tenminste één enkel-of dubbelwerkende hulpcilinder, die tussen een vast punt en 30 tenminste één stabilisatie-arm, is gekoppeld.
14. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens conclusie 13 en één der conclusies 8 t/m 12, gekenmerkt door een zich evenwijdig aan de centrale hartlijn van het chassis uitstrekkende hulpcilinder, die aan of nabij het 35 gemeenschappelijke scharnierpunt van de stabilisatie-armen op de stabilisatie-armen aangrijpt. 1002535 -11-
15. Trekker-aanhangwagencombinatie volgens conclusie 13 of 14, met het kenmerk, dat de hulpcilinder enkel werkend is.
16. Aanhangwagen voor toepassing in een trekker- 5 aanhangwagencombinatie volgens één der conclusies 1 t/m 15. 1002535
NL1002535A 1996-03-05 1996-03-05 Trekker-aanhangwagencombinatie voor agrarisch gebruik en aanhangwagen voor toepassing in de combinatie. NL1002535C2 (nl)

Priority Applications (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1002535A NL1002535C2 (nl) 1996-03-05 1996-03-05 Trekker-aanhangwagencombinatie voor agrarisch gebruik en aanhangwagen voor toepassing in de combinatie.

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1002535A NL1002535C2 (nl) 1996-03-05 1996-03-05 Trekker-aanhangwagencombinatie voor agrarisch gebruik en aanhangwagen voor toepassing in de combinatie.
NL1002535 1996-03-05

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL1002535C2 true NL1002535C2 (nl) 1997-09-08

Family

ID=19762446

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL1002535A NL1002535C2 (nl) 1996-03-05 1996-03-05 Trekker-aanhangwagencombinatie voor agrarisch gebruik en aanhangwagen voor toepassing in de combinatie.

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL1002535C2 (nl)

Cited By (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US9930821B2 (en) 2015-02-18 2018-04-03 Cnh Industrial America Llc Agricultural vehicle support frame

Citations (11)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE907838C (de) * 1951-10-04 1954-03-29 Heinrich Lanz Ag Vorrichtung zum Veraendern der Spurweite lenkbarer Laufraeder von Fahrzeugen, insbesondere landwirtschaftlichen Maschinen
GB1024737A (en) * 1963-01-21 1966-04-06 Heinrich Langendorf Rear loading road vehicle
US3295482A (en) * 1966-02-09 1967-01-03 Peter J Dountas Assembly for subsurface application of nutrient
FR1504753A (fr) * 1966-10-21 1967-12-08 Tracteur enjambeur
US3899037A (en) * 1973-07-16 1975-08-12 Paul A Yuker Chassis apparatus for all terrain vehicles
FR2460095A1 (fr) * 1979-06-29 1981-01-23 Loiseau Lucien Chassis enjambeur a voies avant et arriere variables, utilisable par exemple comme machine a vendanger
WO1984000729A1 (en) * 1982-08-23 1984-03-01 Powerfab Ltd Chassis assembly for mobile machine
DE3608527A1 (de) * 1985-03-15 1986-09-18 Texas Industries Inc., Curaçao, Niederl. Antillen Schlepper, insbesondere fuer den landwirtschaftlichen einsatz
WO1989003336A1 (en) * 1987-10-13 1989-04-20 Burke, Inc. Vehicle with expansible wheel base and track
EP0364002A2 (en) * 1984-11-15 1990-04-18 C. van der Lely N.V. A tractor
WO1992010391A1 (en) * 1990-12-07 1992-06-25 Peter Eriksson A device in vehicles

Patent Citations (11)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE907838C (de) * 1951-10-04 1954-03-29 Heinrich Lanz Ag Vorrichtung zum Veraendern der Spurweite lenkbarer Laufraeder von Fahrzeugen, insbesondere landwirtschaftlichen Maschinen
GB1024737A (en) * 1963-01-21 1966-04-06 Heinrich Langendorf Rear loading road vehicle
US3295482A (en) * 1966-02-09 1967-01-03 Peter J Dountas Assembly for subsurface application of nutrient
FR1504753A (fr) * 1966-10-21 1967-12-08 Tracteur enjambeur
US3899037A (en) * 1973-07-16 1975-08-12 Paul A Yuker Chassis apparatus for all terrain vehicles
FR2460095A1 (fr) * 1979-06-29 1981-01-23 Loiseau Lucien Chassis enjambeur a voies avant et arriere variables, utilisable par exemple comme machine a vendanger
WO1984000729A1 (en) * 1982-08-23 1984-03-01 Powerfab Ltd Chassis assembly for mobile machine
EP0364002A2 (en) * 1984-11-15 1990-04-18 C. van der Lely N.V. A tractor
DE3608527A1 (de) * 1985-03-15 1986-09-18 Texas Industries Inc., Curaçao, Niederl. Antillen Schlepper, insbesondere fuer den landwirtschaftlichen einsatz
WO1989003336A1 (en) * 1987-10-13 1989-04-20 Burke, Inc. Vehicle with expansible wheel base and track
WO1992010391A1 (en) * 1990-12-07 1992-06-25 Peter Eriksson A device in vehicles

Cited By (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US9930821B2 (en) 2015-02-18 2018-04-03 Cnh Industrial America Llc Agricultural vehicle support frame

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US6314710B1 (en) V-rake with windrow width adjustment
US2541582A (en) Automobile tow trailer
US5364116A (en) Automatic steering assembly for towed vehicle
US5118245A (en) Transversely expandable trailer
US4017094A (en) Steering converter apparatus
US3339942A (en) Retractable wide load trailer
NL1002535C2 (nl) Trekker-aanhangwagencombinatie voor agrarisch gebruik en aanhangwagen voor toepassing in de combinatie.
US4341269A (en) Wing back implement
DE10327478A1 (de) Selbstfahrende Erntemaschine
US5494309A (en) Self-loading piggyback-type trailer unit
NL8005665A (nl) Aanhangwagen, geschikt voor het uit het water nemen respectievelijk in het water brengen en transporteren van een boot.
NL1006945C2 (nl) Werktuigdrager.
FI65527B (fi) Fordonsburen baerare foer skogsbruksredskap
NL1006608C2 (nl) Hooi-installatie.
US20170305482A1 (en) Heavy load transport vehicle of variable width
US3778987A (en) Windrow rake opening device and one wheel tractor
NL1032472C2 (nl) Inrichting voor het koppelen van een trekkend voertuig en een getrokken voertuig alsmede een voertuigcombinatie.
NL8203892A (nl) Inrichting voor het ondersteunen van een landbouwmachine.
BE1015939A3 (nl) Getrokken landbouwwagen en werkwijze voor het voortbewegen daarvan.
GB2380720A (en) Vehicle hitch
WO1982002814A1 (en) A coupling means
DE2018070A1 (de) Mehrzweck - Motorfahrzeug, insbesondere Geräteträger
NL9101105A (nl) Wagen voor het transporteren en uitrijden van vloeibare mest.
NL1001172C2 (nl) Inrichting voor het bewerken van landbouwgewas, zoals een maaimachine.
EP0922380B1 (de) Landwirtschaftliches Zugfahrzeug sowie Vorrichtung zum Ankuppeln von Anhängern an landwirtschaftliche Zugfahrzeuge

Legal Events

Date Code Title Description
PD2B A search report has been drawn up
MK Patent expired because of reaching the maximum lifetime of a patent

Effective date: 20160304